0
DTS® dorpel, houten stelkozijn, zijlicht naast deur

DTS® dorpel, houten stelkozijn, zijlicht naast deur

Detailnummer P.352.0.3.03.DTS
Titel DTS® dorpel, houten stelkozijn, zijlicht naast deur
Datum 01-09-2008
Draagstructuur meerdere draagstructuren mogelijk
Langsgevelopbouw gemetseld binnenspouwblad en gemetseld buitenspouwblad
Kopgevelopbouw niet van toepassing
Vloertype bekistingsplaatvloer
Bouwmuurtype niet van toepassing
Variant-detail DTS® dorpel, houten stelkozijn, zijlicht naast deur

Afbeelding

Image

Bouwfysische prestaties

Bouwdelen

Bouwdeel Rc of U0,13 RA Bouwdeel Rc of U0,13 RA
(m2·K)/W W/(m2·K) dB(A) (m2·K)/W W/(m2·K) dB(A)
deur 1,80 27,6 deur 1,80 27,6

Knooppunt

Ψ k Ψ phpp Ψ gr Θ s;i;0,25 of Θ s;i;0,50 n;0,25 of f n;0,50 vast draaiend dakvoet lek DnT,A,k LnT,A
W/(m1·K) °C °C dm3/(S·m1·Pan) dm3/(S·Pan) dB dB
0,059 12,80 0,71 0,05 0,15

Aanbevelingen

Ontwerp

  • Geef een strook wapening in de dekvloer aan waar de ondergrond wisselt van samenstelling. Dit beperkt de kans op scheurvorming.
  • Ga na of de kierdichting van de onderdorpel voldoende geluidswerend is, wanneer de geluidswering van de gevel meer dan 20 dB(A) moet zijn. Voor ≥ 28 dB(A) kan een portaal (extra scheidingsconstructie) nodig zijn.
  • Indien geen (ventilatie)leidingen worden ingestort, kan de vloer dunner worden uitgevoerd. (Zie hoofdstuk 2 'Uitgangspunten'.)
  • Geef per element de verankeringen aan. Dit beperkt de geluidsoverdracht. De leverancier verstrekt de informatie over plaats, aantallen en afmetingen.
  • Geef een strook minerale wol aan ter plaatse van de woningscheidende vloerranden en bouwmuren. Dit beperkt de geluidsoverdracht en branddoorslag.
  • Geef een waterwerende, dampdoorlatende laag aan (wwdd-laag). De laag voorkomt vochtproblemen en beschermt de isolatie tijdens de uitvoering.
  • Geef ter voorkoming van vochtproblemen een correct uitgewerkte waterdichte laag aan boven geveldoorbrekingen (o.a. kozijnen). De aandachtspunten zijn opgenomen in de begrippenlijst.
  • Geef in verband met de toegankelijkheid opstanden aan van maximaal 20 mm boven het niveau van de afgewerkte vloer. Geef dit niveau op tekening aan en zie erop toe dat de vloerafwerking bij de ingebruikneming van het gebouw aanwezig is. Deze vloerafwerking is een onderdeel van de bouwaanvraag en dus een onderdeel van het gebouw.
  • Geef een binnendichting en buitendichting in één vlak (lijn) aan. Bereken de voegafmetingen in relatie tot het gewenste afdichtingsmateriaal.
  • Schrijf in verband met de gewenste luchtdichtheid (zie ook de EPC-berekening) goed knevelende 2- en 3-puntssluitingen voor.
  • Voorkomen teveel watertoevoer door de ‘kopzijde’ van de beplating dicht te zetten met gecontramalde metalen afdichting of polyetheenband.

Uitvoering

Voorbereiding

  • Bestel ter bevestiging of ter bescherming van isolatie tussen houten elementen een waterwerende, dampdoorlatende laag (N.B.: uit de praktijk blijkt, dat de 'gaatjesfolie' onvoldoende dampopen is).
  • Vraag tijdig de meest recente uitvoeringsinstructies op en bespreek deze met de uitvoerende medewerkers.