0
kunststof kozijn REHAU Geneo 86mm, houten stelkozijn

kunststof kozijn REHAU Geneo 86mm, houten stelkozijn

Detailnummer P.201.0.3.06.T1.RAU
Titel kunststof kozijn REHAU Geneo 86mm, houten stelkozijn
Datum 01-08-2011
Draagstructuur meerdere draagstructuren mogelijk
Langsgevelopbouw gemetseld binnenspouwblad en gemetseld buitenspouwblad
Kopgevelopbouw niet van toepassing
Vloertype niet van toepassing
Bouwmuurtype niet van toepassing
Variant-detail kunststof kozijn REHAU Geneo 86mm, houten stelkozijn

Afbeelding

Image

Bouwfysische prestaties

Bouwdelen

Bouwdeel Rc of U0,13 RA Bouwdeel Rc of U0,13 RA
(m2·K)/W W/(m2·K) dB(A) (m2·K)/W W/(m2·K) dB(A)
gevel 5,00 52,0 raam 0,80 30,0

Knooppunt

Ψ k Ψ phpp Ψ gr Θ s;i;0,25 of Θ s;i;0,50 n;0,25 of f n;0,50 vast draaiend dakvoet lek DnT,A,k LnT,A
W/(m1·K) °C °C dm3/(S·m1·Pan) dm3/(S·Pan) dB dB
0,057 13,22 0,73 0,05 0,15

Aanbevelingen

Ontwerp

  • Ontwerp een luchtspouw van ≥ 40 mm, zodat in de praktijk een luchtspouw van ≥ 30 mm wordt gerealiseerd (zie NPR 2652).
  • Geef ter voorkoming van vervuiling van de gevel goede waterafvoermogelijkheden aan. Aandachtspunten zijn waterslagen met kopschotjes en 30 mm overstek en eindraamdorpelstenen met waterafvoermogelijkheid.
  • Schrijf voor dat de openingen in uitwendige scheidingsconstructies niet groter mogen zijn dan 10 mm (voorkomen toetreding ongedierte). Aandachtspunten: dakvoet, nok, hoekkeper, kilgoten, open stootvoegen.
  • In het gevelmetselwerk zijn geen ventilatie-openingen nodig om de luchtspouw te ventileren. Bij de berekening van de Rc-waarde is uitgegaan van een zwak geventileerde spouw. Indien het aantal mm2 ventilatieopening per m1 gevel kleiner dan 500mm2/m1 bedraagt, mag de spouw als een niet-geventileerde spouw worden beschouwd. Indien een reflecterende folie op de spouwisolatie wordt toegepast mag de Rc-waarde van een niet-geventileerde spouw met 0,12 m2K/W verhoogd worden.
  • Geef een binnendichting en buitendichting in één vlak (lijn) aan. Bereken de voegafmetingen in relatie tot het gewenste afdichtingsmateriaal.
  • Schrijf in verband met de gewenste luchtdichtheid (zie ook de EPC-berekening) goed knevelende 2- en 3-puntssluitingen voor.
  • Schrijf bij vensterbanken bij voorkeur een kitvoeg voor in plaats van antikraakband.

Uitvoering

  • Voorkom onvoldoende luchtdichting en tocht door het hang- en sluitwerk goed knevelend (denk aan de bedienbaarheid) af te stellen.
  • Breng de isolatieplaten aan de spouwzijde in één vlak aan en isoleer niet hoger en verder dan tot waar die dag wordt gemetseld om vochttoetreding en beschadiging te voorkomen. Na het metselen en tijdens neerslag spouwen en metselwerk afdekken.
  • Voorkom dat door de binnendichting wordt geschroefd.
  • Breng voor een zwakke spouwventilatie open stootvoegen h.o.h. 1,0 m aan. Aanbevolen plaatsen: op drie lagen boven het maaiveld, onder de goot/dakrand, onder raamdorpelstenen/waterslagen.
  • Maak de open stootvoegen (en andere openingen in de uitwendige scheidingsconstructies) niet breder dan 10 mm of breng een roostertje, vogelschrootprofiel of gaas aan om toetreding van ongedierte te beperken.
  • Luchtspouwen achter de isolerende laag moeten vanwege het teruglopen van de isolatiewaarde (volgens NEN 1068: 50%) worden vermeden. Vermijd of verwijder daarom specie- en lijmbaarden en/of pas isolatie toe die naadloos aansluit op het binnenspouwblad.
  • Vermijd naden tussen de isolatieplaten onderling en tussen de isolatieplaten en de aansluitende constructies waardoor de isolatiewaarde vermindert. Isolatie zorgvuldig maatvoeren, afsnijden en zonodig bij de hoeken dichtbinden.

Voorbereiding

  • Bepaal in overleg met de leveranciers (en/of constructeur/architect) van gemetselde/gelijmde binnen- en buitenspouwbladen, lateien en metselwerkondersteuningen, de plaats en de uitvoering van de dilatatievoegen. Ter plaatse van de bouwmuur zal het buitenmetselwerk gedilateerd moeten worden (behalve bij kleine penanten max. lengte 0,50 m).
  • Vraag tijdig de meest recente uitvoeringsinstructies op en bespreek deze met de uitvoerende medewerkers.