0
ribcassettevloer

ribcassettevloer

Detailnummer P.101.0.2.01.DHP
Titel ribcassettevloer
Datum 01-04-2008
Draagstructuur meerdere draagstructuren mogelijk
Langsgevelopbouw houten binnenspouwblad en hout of plaatmateriaal als gevelbekleding
Kopgevelopbouw niet van toepassing
Vloertype ribcassettevloer
Bouwmuurtype niet van toepassing
Variant-detail ribcassettevloer

Afbeelding

Image

Bouwfysische prestaties

Bouwdelen

Bouwdeel Rc of U0,13 RA Bouwdeel Rc of U0,13 RA
(m2·K)/W W/(m2·K) dB(A) (m2·K)/W W/(m2·K) dB(A)
gevel 3,00 33,0 vloer 3,00

Knooppunt

Ψ k Ψ phpp Ψ gr Θ s;i;0,25 of Θ s;i;0,50 n;0,25 of f n;0,50 vast draaiend dakvoet lek DnT,A,k LnT,A
W/(m1·K) °C °C dm3/(S·m1·Pan) dm3/(S·Pan) dB dB
13,45 0,75 0,02

Drie vlaks combinatie

3 - vlaks in combinatie met details: Θ s;i;0,25 of Θ s;i;0,50 n;0,25 of f n;0,50
°C °C
P.103.2.0.01.DHP & 205.2.2.01 12,21 0,68

Aanbevelingen

Ontwerp

  • Veranker bij houten binnenspouwbladen het buitenmetselwerk ter plaatse van de bouwmuur en de vloeren.
  • Schrijf ter voorkoming van houtrot een duurzame behandeling voor van het hout dat in een vochtige omgeving (bijv. in niet-controleerbare luchtspouwen) wordt toegepast.
  • Geef ter voorkoming van luchttransport uit de kruipruimte een dichting aan tussen onderzijde begane-grondvloer en bovenzijde fundering.
  • Geef ter voorkoming van houtrot of kromtrekken van de gevelbeplating voldoende spouwventilatie aan. Raadpleeg hiervoor ook de KVT (katern 16).
  • Bereken de consequenties van een sterk geventileerde spouw.
  • Geef bij metalen gevelbekleding onderbrekingen aan tussen verschillende spouwen.
  • De achterconstructie voldoet aan een referentieperiode van 50 jaar.
  • Schrijf geen langere platen dan 6 m voor.

Uitvoering

  • Om zakking en scheurvorming te voorkomen is het noodzakelijk de nokken (van de langsgevel) van de begane-grondvloer te onderkauwen of van hetzelfde oplegmateriaal te voorzien, dat ter plaatse van de bouwmuur wordt gebruikt. De nokken dienen te dragen.
  • Voorkom een luchtstroom tussen kruipruimte en gevelspouw door de naad tussen onderzijde begane-grondvloer en bovenzijde funderingsbalk zorgvuldig af te dichten.
  • Maak bij waterdichte lagen de onderlinge verbindingen zorgvuldig waterdicht. Loodstroken max. 1500 mm breed in verband met vermijden scheurvorming. Overige aandachtspunten zie begrippenlijst.
  • Vanwege het gegeven dat het hout in de spouw voor onderhoud niet meer bereikbaar is en de vochtigheid meestal hoog is, moet het hout worden behandeld (laagdikte 80 mu) of moet het hout van voldoende duurzaamheid worden toegepast.
  • Breng de strook isolatie strak tussen de onderzijde van het houten element (binnenspouwblad en kozijn) en bovenzijde van de fundering aan om de isolerende waarde te waarborgen.
  • Breng ter voorkoming van onvoldoende luchtdichtheid het dichtingsmateriaal tussen het houten element en de aansluitende constructie klemmend of volledig gevuld en over de totale lengte aan. Ga vooraf na of het dichtingsmateriaal de naad voldoende dicht (let op de max. toelaatbare vervorming (MTV)).
  • Kelknaden zijn bedoeld om prefab betonnen vloerelementen aan elkaar te verbinden. Maatvoer en plaats de vloeren daarom zorgvuldig, verdeel de restmaat over de verschillende elementen, vul de kelknaden met door de leverancier voorgeschreven materialen en gebruik de kelknaad niet om leidingen in te leggen.
  • Monteer (en onderkauw) zorgvuldig de ankers op de door de leverancier aangegeven plaatsen om te voldoen aan de constructieve eisen.

Voorbereiding

  • Gebruik ter vermijding van ongelijkmatige zakking van langs- en kopgevels hetzelfde vilten of rubberen oplegmateriaal als het materiaal dat onder de nokken ter plaatse van de bouwmuur wordt gebruikt. Bestel bij voorkeur vloeren waar het oplegmateriaal reeds op de fabriek is aangebracht.