0
ribcassettevloer, BUVA-ISOSTONE® geïsoleerde dorpel, naar binnen draaiende deur, passief huis

ribcassettevloer, BUVA-ISOSTONE® geïsoleerde dorpel, naar binnen draaiende deur, passief huis

Detailnummer P.102.0.3.05.T1.ISO
Titel ribcassettevloer, BUVA-ISOSTONE® geïsoleerde dorpel, naar binnen draaiende deur, passief huis
Datum 01-04-2015
Draagstructuur meerdere draagstructuren mogelijk
Langsgevelopbouw gemetseld binnenspouwblad en gemetseld buitenspouwblad
Kopgevelopbouw niet van toepassing
Vloertype ribcassettevloer
Bouwmuurtype niet van toepassing
Variant-detail ribcassettevloer, BUVA-ISOSTONE® geïsoleerde dorpel, naar binnen draaiende deur, passief huis

Afbeelding

Image

Bouwfysische prestaties

Bouwdelen

Bouwdeel Rc of U0,13 RA Bouwdeel Rc of U0,13 RA
(m2·K)/W W/(m2·K) dB(A) (m2·K)/W W/(m2·K) dB(A)
deur 0,80 vloer 6,50

Knooppunt

Ψ k Ψ phpp Ψ gr Θ s;i;0,25 of Θ s;i;0,50 n;0,25 of f n;0,50 vast draaiend dakvoet lek DnT,A,k LnT,A
W/(m1·K) °C °C dm3/(S·m1·Pan) dm3/(S·Pan) dB dB
0,132 15,45 0,86 0,005 0,04

Aanbevelingen

Ontwerp

  • Geef een strook wapening in de dekvloer aan waar de ondergrond wisselt van samenstelling. Dit beperkt de kans op scheurvorming.
  • Ga na of de kierdichting van de onderdorpel voldoende geluidswerend is, wanneer de geluidswering van de gevel meer dan 20 dB(A) moet zijn. Voor ≥ 28 dB(A) kan een portaal (extra scheidingsconstructie) nodig zijn.
  • Schrijf ter voorkoming van houtrot een duurzame behandeling voor van het hout dat in een vochtige omgeving (bijv. in niet-controleerbare luchtspouwen) wordt toegepast.
  • Geef ter voorkoming van luchttransport uit de kruipruimte een dichting aan tussen onderzijde begane-grondvloer en bovenzijde fundering.
  • Geef in verband met de toegankelijkheid opstanden aan van maximaal 20 mm boven het niveau van de afgewerkte vloer. Geef dit niveau op tekening aan en zie erop toe dat de vloerafwerking bij de ingebruikneming van het gebouw aanwezig is. Deze vloerafwerking is een onderdeel van de bouwaanvraag en dus een onderdeel van het gebouw.
  • Geef ter voorkoming van valse spouwen achter isolatie platte ankers aan of schrijf voor, dat ankers in de isolatie moeten worden uitgekeept.
  • Schrijf in verband met de gewenste luchtdichtheid (zie ook de EPC-berekening) een correcte afstelling van het hang- en sluitwerk (licht-knevelend) voor. Bij gebalanceerde ventilatie goede knevelende 2- en 3-puntssluitingen voorschrijven.
  • Controleer of er een dampdichte laag aan de buitenzijde van de constructie aanwezig is. In verband met het risico op inwendige condensatie.
  • Ga in overleg met constructeur na of het metselwerk nog voldoende verankerd is.
  • Schrijf ter voorkoming van houtrot een duurzame behandeling voor van het hout dat in een vochtige omgeving wordt toegepast (bijvoorbeeld in niet-controleerbare vochtige luchtspouwen achter metselwerk of achter een gevelbekleding van plaatmateriaal).

Uitvoering

  • Breng EPS-, minerale wol- of foam-stroken tussen dekvloer en bouwmuren / dorpels met een breedte-overmaat aan en snijd de overmaat van deze stroken na het aanbrengen van de dekvloer af.
  • Voorkom een luchtstroom tussen kruipruimte en gevelspouw door de naad tussen onderzijde begane-grondvloer en bovenzijde funderingsbalk zorgvuldig af te dichten.
  • Vanwege het gegeven dat het hout in de spouw voor onderhoud niet meer bereikbaar is en de vochtigheid meestal hoog is, moet het hout worden behandeld (laagdikte 80 mu) of moet het hout van voldoende duurzaamheid worden toegepast.
  • Voorkom luchtlekken door als extra zekerheid de aansluiting onderdorpel/vloer af te plakken.
  • Voorkom beschadiging door de ondersteunende constructie van de BUVA-ISOSTONE® geïsoleerde dorpel zo snel mogelijk na het stellen van het kozijn aan te brengen.
  • Om zakking en scheurvorming te voorkomen is het noodzakelijk de nokken (van de langsgevel) van de begane-grondvloer te onderkauwen of van hetzelfde oplegmateriaal te voorzien, dat ter plaatse van de bouwmuur wordt gebruikt. De nokken dienen te dragen.
  • Kelknaden zijn bedoeld om prefab betonnen vloerelementen aan elkaar te verbinden. Maatvoer en plaats de vloeren daarom zorgvuldig, verdeel de restmaat over de verschillende elementen, vul de kelknaden met door de leverancier voorgeschreven materialen en gebruik de kelknaad niet om leidingen in te leggen.
  • Breng ter beperking van scheurvorming een strook wapening aan in de dekvloer waar de ondervloer wisselt van samenstelling.
  • Breng de strook isolatie strak tussen de onderzijde van het houten element (binnenspouwblad en kozijn) en bovenzijde van de fundering aan om de isolerende waarde te waarborgen.
  • Voorkom onvoldoende luchtdichtheid en tocht door het hang- en sluitwerk licht knevelend (denk aan de bedienbaarheid) af te stellen.

Voorbereiding

  • Gebruik ter vermijding van ongelijkmatige zakking van langs- en kopgevels hetzelfde vilten of rubberen oplegmateriaal als het materiaal dat onder de nokken ter plaatse van de bouwmuur wordt gebruikt. Bestel bij voorkeur vloeren waar het oplegmateriaal reeds op de fabriek is aangebracht.
  • Bestel in verband met de vereiste luchtdichtheid van de begane grondvloer luchtdichte kruipluiken en meterkastbodems. Aandachtspunten zijn: a) geen duimgat, maar een luikring, b) niet-vervormbaar, c) luchtdichting tussen plaat en luikrand, d) geïsoleerd.
  • Bestel vanwege de gewenste volledige ondersteuning van het gemetseld/gelijmd binnenspouwblad (i.v.m. metselen kim) eindplaten voor de begane-grondvloer met een gereduceerde, halve kelknaad of zonder kelknaad. Constructief is een overmetseling van 15 mm (kz-steen) of van 25 mm (gebakken steen) aanvaardbaar.
  • Het type beglazing in combinatie met de binnenzonwering is afhankelijk van oriëntatie dakvenster en dient nader bepaald te worden om een Uraam van ≤ 0,8 W/m2.K te realiseren.
  • Stem de kwaliteiten van de tape t.b.v. afplakken af op de materiaaleigenschappen van de gekozen dakplaat.
  • Bestel in verband met Arbo begane-grondvloeren met een prefab noodkruipluik.