0

aanbeveling: CUR-Aanbeveling 24

Voorwoord

Voorwoord

Vele jaren geleden verschenen cementgebonden produkten op de markt welke onder de naam krimparme cementgebonden mortels werden verhandeld. Het betreft produkten waarbij door toevoeging van expansie-bevorderende hulpstoffen de plastische krimp wordt gekompenseerd. Aanvankelijk werden deze mortels voornamelijk gebruikt als vervanging van de ondersabelings-mortels bij machinefundaties en (brug)opleggingen. Het aantal toepassingen is groter geworden en de verwerking heeft plaats in kleine tot zeer grote eenheden.

Het ontstaan van krimpscheuren was er veelal de oorzaak van dat de kwaliteit van het produkt in twijfel werd getrokken, terwijl de diverse methoden van beproeving ook geen duidelijk inzicht in de eigenschappen en toepassingsmogelijkheden van een produkt gaven. In een discussienota van de Stutech is een aanzet gegeven om tot onderzoekmethoden te komen, waarbij de relevante eigenschappen van een produkt kunnen worden vastgesteld.
Deze aanbeveling is bedoeld voor zowel constructeurs als verwerkess om tot een juiste keuze van de toe te passen mortel te komen.
Er wordt een indeling gegeven van de diverse soorten cementgebonden krimparme mortess en tevens een onderverdeling van elke soort in type en sterkteklasse. Voor de keuring wordt verwezen naar keuringsmethoden volgens NEN-normen. Voor zover er geen NEN-norm voor de desbetreffende eigenschappen aanwezig is, wordt verwezen naar buitenlandse normen of aanbevelingen.

De commissie heeft aanvullend onderzoek laten verrichten om de invloed van de mengmethode op het vloeigedrag van gietmortels te bepalen. Ook naar het zwelen krimpgedrag van deze mortels is nader onderzoek verricht en wel speciaal naar de methode van meten van de volumeverandering in de plastische, zowel als in de verharde fase.
Het onderzoek en de resultaten worden vastgelegd in een CUR-rapport dat in 1991 zal verschijnen.
Voor een aantal kenmerkende eigenschappen van een mortel zijn keuringscriteria vastgesteld en is de wijze van beproeving aangegeven. De uitvoering van deze beproevingen kan veelal alleen maar geschieden in een laboratorium vanwege de nauwkeurigheid waarmee moet worden gewerkt.

Deze aanbeveling is opgesteld door de CUR-onderzoekcommissie B 39 ‘Krimparme cementgebonden mortels’.
Op het moment van verschijnen van deze aanbeveling luidt de samenstelling van deze commissie als volgt:

ing. G.A. Brandt (voorzitter), ing. A. Brink (secretaris)
ir. P. van den Berg, W.G. Deys, mevr. H.J. Dikmans-Duenk,
ing. H.J. van Weesep (rapporteur), ing. P. Kole (coördinator) en
prof.ir. P.C. Kreijger (mentor).

De aanbeveling is beoordeeld door CUR-voorschriftencommissie 12 'Beton' en consistent bevonden met NEN 5950.