0

aanbeveling: CUR-Aanbeveling 54

Voorwoord

Voorwoord

Begin 1993 heeft Stichting CUR een aantal betrokkenen op het gebied van beheer en onderhoud van betonconstructies verzocht ervaringen en eventueel commentaar met betrekking tot de tot dan toe verschenen CUR-Aanbevelingen op betonreparatiegebied kenbaar te maken.
Mede op basis van de inventarisatie van ervaringen met het gebruik van de Aanbevelingen door betrokken marktpartijen en de betreffende certificatie-instellingen die deze Aanbevelingen gebruiken als technische grondslag voor de certificatie van betonreparatie en de daarbij gebruikte betonreparatiemortels is besloten de CUR-Aanbevelingen 11, 21, 27 en 32 te herzien.
De Aanbevelingen 11, 21, 27 en 32 worden vervangen door respectievelijk:

53 - Spuitbeton en gespoten cementgebonden mortels;
54 - Betonreparatie met handmatig aangebrachte of gegoten cementgebonden mortels;
55 - Betonreparatie met kunstharsgebonden mortels;
56 - Injecteren van scheuren in betonconstructies met kunsthars injectievloeistoffen.

Met het verschijnen van CUR-Aanbeveling 54 wordt voorzien in de behoefte aan technische regelgeving voor betonreparatie met handmatig aangebrachte of gegoten cementgebonden mortels. In deze Aanbeveling zijn onder meer eisen opgenomen ten aanzien van de toe te passen materialen, de uitvoeringscondities en de wijze waarop keuring en controle van deze materialen en van de daarmee uitgevoerde betonreparatie kunnen plaatshebben.
Indien krimparme cementgebonden mortels voor betonreparatie worden gebruikt, moet dit geschieden conform deze Aanbeveling en niet volgens CUR-Aanbeveling 24 'Krimparme cementgebonden mortels'.

CUR-Aanbeveling 54 is opgesteld door de onder Voorschriftencommissie 40 'Reparatie en bescherming van betonconstructies' ressorterende werkgroep 1 'Mortels en injectieharsen'. Bij het verschijnen van deze Aanbeveling waren commissie VC 40 en werkgroep 1 als volgt samengesteld:

Commissie VC 40:
ir. W. Colenbrander (voorzitter), ir. R.E. Hoogenboom (secretarisjrapporteur), ir. N.X.C. Bax, ir. E.R.J.M. Boel, ing. WL. Brandhorst, ing. J.C. Fritzsche, ing. R. de Jong, ir. G.J. Klok, ir. D. Stoelhorst, ir. G. Voogt, ing. R. van der Wijk, ing. HW. Corporaal (coordinator), W Buist (mentor).

Werkgroep 1
ir. D. Stoelhorst (voorzitter), ir. M.R.J. Swinkels (secretarisjrapporteur), ir. H. Borsje, WG. Deijs, ing. H.H.1. Leyen, ing. WR. Meijer, ing. G. Paardekoper, ing. M.A. van Tol, ing. F.A.M. Verbruggen, ing. H.J van Weesep, ing. H.W Corporaal (coordinator), W Buist (mentor).

De Aanbeveling is beoordeeld door Voorschriftencommissie 12 'Beton' en Voorschriftencommissie 18 'Uitvoering' en consistent bevonden met respectievelijk NEN 5950 (VBT 1995) en NEN 6722 (VBU 1988). De Aanbeveling is goedgekeurd door de Algemene Voorschriftencommissie 'Beton'.
Met het verschijnen van CUR-Aanbeveling 54 'Betonreparatie met handmatig aangebrachte of gegoten cementgebonden mortels' komt CUR-Aanbeveling 21 'Betonreparatie met cementgebonden polymeergemodificeerde mortels' te vervallen.