0

Constructieve Veiligheid Gevels (bestaande) gevels - 437

Hoe beoordeelt u de constructieve veiligheid van gevels bij recent opgeleverde, én bij bestaande gebouwen?

OPLOSSINGRICHTINGEN

Onderhouds- en inspectieplan

Stel een onderhouds- en inspectieplan op voor het beoordelen van de constructieve veiligheid van de gevel.

Voor een totale beoordeling van de constructieve veiligheid van een gevel is het raadzaam dat u achtereenvolgens de volgende stappen doorloopt:

  1. Verzamel alle beschikbare informatie over het ontwerp van de gevel en de bekleding, over de uitvoering van de gevelbekleding en eventuele onderhoudswerkzaamheden.
  2. Ga aan de hand van de beschikbare informatie na welke faalmechanismen een rol kunnen spelen bij de betreffende gevel of gevelbekleding. Controleer dit voor alle individuele componenten van de gevel en de bekleding, dus zowel voor de gevelelementen en de achterliggende constructie, als voor de verbindingen.
  3. Inspecteer de gevel, de bekleding en spouw(en) visueel, en maak een opname van alle zichtbare onvolkomenheden. Controleer ook of de mogelijke faalmechanismen uit stap 2 daadwerkelijk zijn opgetreden of niet.
  4. Analyseer de informatie uit de eerste drie stappen. Bekijk of u voldoende informatie heeft voor een betrouwbaar oordeel over de totale gevel. Is dit het geval, ga dan direct naar stap 7. Is dit niet het geval, ga dan verder met stap 5.
  5. Verricht een gericht nader onderzoek naar de gevel, spouw(en) en de gevelbekleding. Dit onderzoek behelst meer dan alleen een visuele inspectie. Vaak leidt dit tot (semi-)destructief onderzoek.
  6. Analiseer de aanvullende informatie uit stap 5.
  7. Geef een eindoordeel over de gevelbekleding.
  8. Geef een advies over eventuele reparaties en het inspectieregime.
Oplossing 1

ACHTERGROND

Er vallen in Nederland delen van gevels. Dit gebeurt zo frequent, dat de Onderzoeksraad voor Veiligheid onderzoek heeft verricht naar de veiligheidsproblemen met gevelbekleding ( rapport 'Veiligheidsproblemen met gevelbekleding'). Vervolgens heeft VROM-Inspectie onderzoek uitgevoerd naar de constructieve veiligheid van gevels en glazen overkappingen (rapport 'Constructieve veiligheid gevels en glazen overkappingen'). Uit deze onderzoeken blijkt dat de incidenten niet te wijten zijn aan inadequate regelgeving.

De praktijk leert dat het zinvol is de totale gevel - dus alle afzonderlijke gevelelementen, de achterliggende constructie en de verbindingen - gedurende de levensduur minimaal twee keer te beoordelen.

Minimaal twee keer beoordelen
De eerste beoordeling vindt bij voorkeur plaats na ongeveer één jaar. Het merendeel van de schadegevallen met gevelbekleding ontstaat namelijk in het eerste jaar na oplevering. Het gaat dan om onvolkomenheden tijdens het ontwerp en/of de uitvoering.
De tweede beoordeling gebeurt bij een ouderdom van de gevel van minimaal 20 tot 30 jaar. Zo krijgt u inzicht in de duurzaamheid. Een uitzondering vormen de gevelsystemen met een houten achterconstructie. Bij deze systemen kan de duurzaamheid al op een termijn van 5 tot 15 jaar in het geding komen.

Voor geveltypen met een verhoogd risico - die specifiek zijn benoemd in de rapportage van de VROM-inspectie - verdient het aanbeveling om direct na uitvoering een totale beoordeling uit te voeren.

Het uitgangspunt voor een totale beoordeling van een gevelbekleding van een bestaand gebouw is een in het werk gemonteerde gevelbekleding. Deze gevelbekleding heeft in de periode tussen de montage en de beoordeling gefunctioneerd. Maar dat wil nog niet zeggen dat de gevelbekleding goed is ontworpen en uitgevoerd. Deze gevelbekleding kan alsnog falen in één van de volgende twee situaties of een combinatie ervan:

  • de belasting neemt in de tijd toe tot een waarde die groter is dan de sterkte van de gevelbekleding en/of de bevestiging ervan;
  • de sterkte neemt in de tijd af tot een waarde die kleiner is dan de belasting op de gevelbekledingen/of de bevestiging ervan.

Binnen deze twee oorzaken van falen kun je verschillende faalmechanismen onderscheiden. Een beschrijving van deze mechanismen treft u hieronder bij de aandachtspunten aan.

AANDACHTSPUNTEN

1 Toename van de belasting
Bij de eerste faaloorzaak (toename van de belasting) kun je de volgende faalmechanismen onderscheiden:

  • initieel onvoldoende sterkte;
  • niet-beoogde krachtafdracht;
  • gewichtstoename;
  • windbelasting;
  • extreme belasting.

Initieel onvoldoende sterkte
De sterkte van de gevelbekleding is initieel onvoldoende geweest om de gewoonlijke belasting op te nemen.
De gevelbekleding faalde nog niet, omdat deze gedurende de levensduur nog niet is blootgesteld aan de 'maatgevende' belasting. Een initieel onvoldoende sterkte kan ontstaan door een ontwerp-, fabricage-, of montagefout. Om initieel onvoldoende sterkte vast te stellen, moet u het oorspronkelijke constructieve ontwerp (laten) toetsen. Een inspectie kan uitwijzen of de fabricage van de onderdelen en de montage conform het constructieve ontwerp zijn uitgevoerd.

Niet-beoogde krachtafdracht
De gevelbekleding is zo uitgevoerd dat er een krachtafdracht is, die niet was beoogd. Dit kan resulteren in te hoge belastingen op delen van de gevelbekleding. De gevelbekleding faalde nog niet, omdat deze gedurende de levensduur nog niet is blootgesteld aan de 'maatgevende' belasting. Een niet-beoogde krachtafdracht kan ontstaan door een ontwerp-, een fabricage-, of een montagefout. U kunt met een inspectie (laten) aantonen of er sprake is van een niet-beoogde krachtafdracht . Hiermee wordt duidelijk of de krachten op een andere wijze kunnen worden overgebracht, dan in het ontwerp was voorzien.

Gewichtstoename
Gevelplaten kunnen eventueel vocht opnemen, waardoor het gewicht toeneemt. Dit kan zorgen voor overbelasting van de gevelbekleding. Een gewichtstoename kan ontstaan door opname van regenwater of door inwendige condensatie, in combinatie met ijsvorming.
Controleer met een inspectie of er water in de gevel aanwezig is. Zo is vast te stellen of er sprake is van een gewichtstoename.

Windbelasting
De windbelasting op de gevelbekleding kan hoger worden dan vooraf bij het ontwerp was berekend. Dit kan bijvoorbeeld door een verandering van de bebouwing in de omgeving. Om vast te stellen of deze factor een rol speelt, is het raadzaam dat u vooraf informatie inwint over de historie van de bebouwing in de omgeving.

Extreme belasting
Het is nooit uit te sluiten dat de gevelbekleding bij extreme weersomstandigheden bloot staat aan een belasting, hoger dan vooraf berekend. Ook geldt dat er activiteiten aan een gebouw kunnen plaatsvinden die bij het ontwerp niet zijn voorzien. Denk bijvoorbeeld aan onoordeelkundig gebruik van een glazenwasinstallatie.
Inventariseer tijdens een inspectie blijvende vervormingen en beschadigingen, om te bepalen of ooit extreme belastingen zijn voorgekomen.. Uit het schadebeeld kunt u mogelijke extreme situaties (laten) reconstrueren.

2 Afname van de sterkte
Bij de tweede faaloorzaak (afname van de sterkte) komen de faalmechanismen overeen met de volgende mechanismen:

  • vochtopname;
  • corrosie;
  • vermoeiing;
  • chemische aantasting;
  • biologische aantasting;
  • vandalisme.

Vochtopname
Door vochtopname (regenwater of inwendige condensatie) in één of meerdere componenten van de gevelbekleding kan schade ontstaan. Bevriezing kan leiden tot scheurvorming en blijvende vervormingen, die met een inspectie zijn vast te stellen. Ook kan houtrot of schimmelvorming optreden en tot schade leiden.

Corrosie
Is er sprak van schade door atmosferische of galvanische corrosie, dan kunt u dit zien aan de afname van de materiaaldikte of aan een lokale aantasting van verbindingen. Schade door corrosie aan de achterzijde van een gevelbekleding - of ter plaatse van een achterliggende constructie - is over het algemeen moeilijk waarneembaar. In dat geval moet óf endoscopisch óf destructief onderzoek worden uitgevoerd.

Vermoeiing
Vermoeiing kan bij sommige typen gevelbekleding ontstaan door windbelasting. Scheurvorming treedt op bij locaties met hoge spanning in het materiaal en bij verbindingen.

Chemische aantasting
Door chemische aantasting van zure regen, chloriden, zwavelverbindingen of door uitwerpselen van dieren kan schade ontstaan. Aantastingen die optreden aan het buitenoppervlak van een gevelbekleding kunt u over het algemeen goed zien: het materiaal is weggevreten of er zijn restproducten van het chemische proces waarneembaar. Aantastingen aan de achterzijde van een gevelbekleding - of ter plaatse van een achterliggende constructie - zijn over het algemeen moeilijk te zien. In dat geval moet er óf endoscopisch óf destructief onderzoek worden uitgevoerd.

Biologische aantasting
Biologische aangroei kan resulteren in aantasting van oppervlakken en is visueel waarneembaar.

Vandalisme
Schade door vandalisme kan vele vormen aannemen en kan resulteren in verlies van sterkte. Dergelijke schade is vrijwel altijd met het blote oog te zien.

Onderhoud en inspectie
Geadviseerd wordt voor elke gevel een onderhouds- en inspectieplan op te stellen op basis van een totale beoordeling van de gevelbekleding. Uit de totale beoordeling kunnen betrokkenen afleiden welke faalmechanismen bij welke componenten van de gevelbekleding op termijn een rol kunnen gaan spelen. Het onderhouds- en inspectieplan moet aangeven op welke wijze wordt onderzocht of de betreffende faalmechanismen al of niet optreden. In het plan moet ook staan met welke frequentie geïnspecteerd wordt, en waar men tijdens deze inspecties specifiek naar moet kijken.

OVERIGE INFORMATIE

  • NEN-EN 1991-1-4 (Eurocode 1. Belastingen op constructies. Deel 1-4. Algemenen belastingen. Windbelasting), 2005 + C1, 2009 + C2, 2010 + Nationale bijlage 2007
  • Veiligheidsproblemen met gevelbekleding, Onderzoeksraad voor veiligheid, Den Haag
  • Constructieve veiligheid gevels en glazen overkappingen, Analyse van achttien incidenten, oktober 2007, Den Haag
  • Handboek constructieve Veiligheid Gevels, SBR, Rotterdam 2011
  • Duurzame veiligheid van metselwerk, SBR-Publicatie 614, 2009