0

Controleren van de ondergrond voor een vloerafwerking van natuursteen of keramische tegels - 124

Het controleren van de ondergrond voordat een vloerafwerking van natuursteen of keramische tegels wordt aangebracht, teneinde tekortkomingen in deze ondergrond in een vroeg stadium te kunnen verhelpen en aldus schade aan de vloerafwerking te voorkomen. Onder de oplossingsrichtingen worden de punten gegeven, waarop de ondergrond moet worden gecontroleerd, voordat een vloerafwerking van natuursteen wordt aangebracht. Voor keramische tegels geldt in principe hetzelfde.

OPLOSSINGSRICHTINGEN

1. Vochtgehalte

Hoe droger de ondergrond, des te beter. Vooral bij lichtgekleurde natuursteensoorten is er dan minder kans op verkleuringen. Bij een cementgebonden ondergrond moet het vochtpercentage liefst lager zijn dan 4%, in combinatie met vloerverwarming lager dan 2,5%. Bij een calciumsulfaatgebonden ondergrond moet het vochtpercentage liefst lager zijn dan 1%; wanneer op de dekvloer een dampdichte laag (folie, vloeistofdicht membraam e.d.) wordt aangebracht liefst lager dan 0,6%. Voor het gebruik van lijm kunnen aanvullende eisen gelden; zie het verwerkingsvoorschrift van de lijm.

2. Ouderdom

Op het moment van aanbrengen van de vloerafwerking moet de verhardingskrimp van cementgebonden materialen grotendeels achter de rug zijn. De drogingskrimp kan zeer lang duren. De krimp is te beperken door veel factoren, zoals een lage water-cementfactor en een optimale korrelverdeling. De krimpspanning kan worden gespreid met wapening.

De draagvloer, inclusief een eventuele druklaag, moet bij voorkeur 4 tot 6 maanden oud zijn, een cementgebonden dekvloer bij voorkeur 28 dagen. Houd ook bij een calciumsulfaatgebonden dekvloer minstens 28 dagen aan, niet vanwege de krimp maar vanwege de vochtigheid.

Het gebruik van flexibele lijm, met als doel tegels op een (veel) jongere ondergrond te kunnen aanbrengen, is meestal geen afdoende oplossing. De in verhouding dunne lijmlaag kan de resterende krimp niet opvangen. Bovendien geeft deze methode bij natuursteen een grotere kans op verkleuringen.

3. Vlakheid

De eisen aan de vlakheid van de ondergrond volgen uit die voor de vlakheidscriteria voor de gerede vloerafwerking. Zie het betreffende SBR-Infoblad 123: Programma van eisen voor een vloerafwerking onder vlakheid van vloerafwerking. Het verdient aanbeveling de vlakheid van de ondergrond te controleren, met name bij gebruik van een dunne hechtlaag (lijm). Vooral de randen van vloervelden blijken vaak te hoog afgewerkt.

4. Scheuren

Elke 'snede' in de ondergrond heeft de neiging zich naar boven door te zetten. Een 'snede' kan een bewust aangebrachte bewegingsvoeg zijn, een aansluiting tussen prefab-elementen, of een scheur. In geval van een scheur is het nodig de oorzaak te kennen. Alleen dan valt in te schatten of de scheur zich later kan doorzetten in de afwerking. De grootte van de scheur zegt op zich niet veel; belangrijker is of de scheur dynamisch is, oftewel groter wordt.

Scheurvorming in de vloerafwerking boven een snede in de ondergrond is op verschillende manieren te voorkomen:

  • Zet de snede door als bewegingsvoeg in alle lagen erboven.
  • Pas een niet-hechtende opbouw toe.
  • Pas bij een prefab draagvloer een druklaag of zwevende dekvloer toe.
5. Stof, vuil e.d.

Bij een hechtende opbouw is het belangrijk dat de hechting tussen de lagen daadwerkelijk tot stand komt. Een slecht hechtende opbouw is vaak de oorzaak van onthechting, schotelen en scheurvorming. Verwijder daarom stof en bindmiddelhuid (bleeding) zorgvuldig als een goede hechting nodig is.

In de praktijk wordt het schoonmaken nog wel eens vergeten bij het maken van een overeenkomst. Maak vooraf duidelijk afspraken over de uitvoering en financiering.

a. Checklist controlepunten ondergrond

probleem oorzaak gevolg maatregel
te hoog restvochtgehalte • te beperkte droogtijd
• en/of te beperkte verhardingstijd
• en/of ongunstige drogingsomstandigheden (ventilatie)
• huidvorming calciumsulfaat-gebonden dekvloer
• hogere krimpspanningen tussen materiaallagen
• verhoogde kans op verkleuringen, uitbloeiingen, e.d.
• lange droogtijd calciumsulfaat-gebonden dekvloer
• huidvorming verwijderen (bij calciumsulfaat-gebonden dekvloer)
• ventilatie verbeteren (kunstmatige droging wordt afgeraden)
• wachten met uitvoering van de natuursteenvloer; als dit niet mogelijk is: afspraken maken over verdeling aansprakelijkheden in geval van schade
scheurvorming • thermische-en/of krimpspanningen in of tussen materiaallagen
• plaatselijke verhitting. Bijvoorbeeld cv-doorvoeren
• (plaatselijk) heeft materiaallaag onvoldoende dikte
• (ongelijkmatige) zetting of doorbuiging van draagvloer
vooral bij dynamische scheuren kans op scheurvorming in de natuursteen • oorzaak zo mogelijk wegnemen
• Als dit niet mogelijk is: reparatie en afspraken maken over verdeling aansprakelijkheden in geval van schade
oppervlak afzandend of 'verbrand' A: te snelle oppervlaktedroging
B: te weinig bindmiddel
A: slechte toplaag
B: te beperkte sterkte
A: toplaag verwijderen
B: hele laag verwijderen
poreusheid materiaalgebonden eigenschap te snelle wateronttrekking aan hechtlaag voorstrijken
vochtgevoeligheid (bij calciumsulfaatgebonden dekvloer) materiaalgebonden eigenschap verweken dekvloer pas de vloeropbouw aan
huidvorming (cementhuid of carbonaathuid) materiaalgebonden eigenschappen scheidingslaag verwijderen
onverenigbare materialen (calciumsulfaat + cement + water) materiaalgebonden eigenschappen zwellen dekvloer door ettringietvorming pas de vloeropbouw aan
onvlakheid • onzorgvuldige verwerking
• te lage eis
natuursteenvloer onvoldoende vlak • ondergrond uitvlakken of vlakschuren
• maatafwijkingen tegels verkleinen
• grotere dikte en vervormbaarheid hechtlaag
• vlakschuren gerede vloer
• eis vlakheid bijstellen en vastleggen
te hoog afgewerkt • onzorgvuldige verwerking natuursteenvloer te hoog • afschuren
• dikte hechtlaag verkleinen en eventueel eis vlakheid bijstellen en vastleggen
• hoogteligging (peil) van vloerafwerking verhogen en vastleggen

b. Overzicht van beoordelingsmiddelen

middel beoordeling van
ogen • vocht (verkleuring)
• scheuren
• onvlakheid
• plaatselijke filmvormende laag
staalborstel afzandende laag
kraspen filmvormende laag
hamer • filmvormende laag
• tweelagige opbouw van raap- of stuclaag
• loslaten van de ondergrond
proefverlijming hechting tussen de verschillende materiaallagen
bestuderen van de planning ouderdom van de ondergrond
rei, waterpas vlakheid
elektronische vochtmeter meting vochtverdeling en verandering in de tijd van de toplaag*
carbidmethode-meting gemiddeld vochtgehalte van de onderzochte laag*

* De meeste gangbare vochtmetingen, vooral elektronische weerstandsmetingen, geven tamelijk onbetrouwbare absolute waarden. Deze meten alleen het vocht in de bovenste paar millimeter. Ze zijn wel goed bruikbaar om monsters onderling te vergelijken en om het verloop van het vochtgehalte in de tijd te volgen. Destructief onderzoek (met een boorkern) volgens de (calcium-)carbidmethode geeft een goed beeld van het gemiddelde vochtgehalte van de ondergrond

ACHTERGROND

De prestaties van een vloerafwerking hangen af van de opbouw van het volledige vloerpakket, dus de draagvloer, dekvloer, lijm- en specielagen, folies en andere mogelijke onderdelen. Functioneert een enkel onderdeel onvoldoende of gedraagt het zich onvoorzien, dan beïnvloedt dat de prestaties van het geheel in de regel negatief.

AANDACHTSPUNTEN

Wanneer het bedrijf dat natuursteen of keramische tegels aanbrengt de ondergrond accepteert, heeft dit juridische gevolgen (mede-aansprakelijkheid).