0

Gebalanceerde ventilatie ontwerpen op comfort - 003

Het zodanig geïntegreerd ontwerpen van een gebouw met bijbehorende gebalanceerde ventilatie (met warmteterugwinning) dat rekening wordt gehouden met het verlangde comfort. (Notabene: comfortklachten kunnen ook ontstaan na verkeerd inregelen of verkeerd gebruik. Zie daarvoor het Informatieblad Het inregelen van een gebalanceerd ventilatiesysteem.

OPLOSSINGSRICHTINGEN

Het toevoerrooster op de juiste plaats situeren

Om comfortproblemen zoveel mogelijk te voorkomen dient (volgens de NPR 1088;1999) de ventilatievoorziening voor de luchttoevoer in de gevel ten minste 1,80 m boven de aangrenzende vloer te zijn aangebracht, waarbij de uitstroomsnelheid van de lucht ten minste 1 m/s moet bedragen.

Voor andere situeringen moet aan de hand van hoofdstuk 7 van NEN 1087; 1997 worden nagegaan of aan de gestelde prestatie-eisen is voldaan.

Toevoer vanuit de binnenwand, hoog boven de vloer.

ACHTERGROND

Woningen worden steeds vaker uitgevoerd met een gebalanceerd ventilatiesysteem met warmteterugwinning. Veel comfortklachten zijn al in het ontwerpstadium te voorkomen.

AANDACHTSPUNTEN

  • Plaats geen roosters vlakbij een hoek - om vervuiling van de wand te voorkomen.
  • Plaats wandroosters op minimaal 0,1 m vanaf het plafond om vervuiling van het plafond te voorkomen.
  • Gebalanceerde ventilatie is niet te combineren met open verbrandingstoestellen, zoals een open haard of een allesbrander (tenzij speciale voorzieningen worden getroffen), in verband met:
    • terugstroming van verbrandingsgassen;
    • verstoring van de ventilatie.