0

Geluidsisolatie verbeteren met een zwevende dekvloer - 117

Een zwevende dekvloer zodanig ontwerpen, dat de vloerconstructie de beoogde geluidsisolatie haalt.

OPLOSSINGSRICHTINGEN

1. Kies isolatiemateriaal met de juiste eigenschappen en dikte

Gebruik alleen materialen, specifiek bedoeld voor zwevende dekvloeren:

  • Minerale wol, in de vorm van platen. Of stroken, bij een zwevende dekvloer met zwaluwstaartplaten.
  • Geëlastificeerd polystyreenschuim, in de vorm van platen. Is het speciaal bedoeld voor akoestisch zwevende vloeren dan wordt het aangeduid met 'EPS T'.
  • Foam. Dit is geslotencellig schuim van polyetheen (polyethyleen) en zit op rollen. Meestal zijn er meer lagen nodig om de benodigde geluidsisolatie te halen.
  • Zacht vlokkenschuim. Dit is opencellig polyurethaanschuim, als platen verkrijgbaar in verschillende dichtheden.
  • Kurk en andere (organische) materialen; kokosvilt of bouwvilt voor houten dekvloeren op houten regels. Over de materiaaleigenschappen is weinig bekend; deze kunnen sterk variëren.

Kies de dynamische stijfheid (s) tussen 5 en 20 MN/m3 (gemeten volgens NEN-ISO 9052-1 1992). Vraag informatie over de dynamische stijfheid aan de leverancier. De dynamische stijfheid is bepalend voor de geluidsisolatie en is onder meer afhankelijk van de dikte.

Het isolatiemateriaal moet voor de woningbouw ongeveer 15 tot 25 mm dik zijn (dat wil zeggen in ingedrukte toestand, door het gewicht van de dekvloer plus de gelijkmatig verdeelde belasting), afhankelijk van de materiaaleigenschappen. Een dikte van enkele millimeters is beslist onvoldoende: alleen de opgesloten lucht vormt al een te stijve veer. Met minder dan 12 mm is met geen enkel materiaal de eis Ilu;k ≥ +5 dB en Ico;k ≥ +10 dB (eis vanuit het Nationaal Pakket Duurzaam Bouwen. Deze is 5 dB beter dan het Bouwbesluit) te halen. Meer dikte dan de aanbevolen dikte heeft weinig effect op de contactgeluidsisolatie.

Het isolatiemateriaal moet voldoende sterk (langeduursterkte) en stijf (stijfheidsmodulus) zijn; hierover zijn weinig kwantitatieve gegevens bekend.

Het materiaal moet vele jaren intact blijven. Minerale wol en zacht vlokkenschuim is in principe geschikt voor vochtige ruimten, mits er via de dekvloer en langs de randen geen vocht in het isolatiemateriaal kan komen. Vochtbestendig materiaal heeft de voorkeur. Gebruik bij houten (woningscheidende) draagvloeren geen kunststoffen vanwege brandwerendheid.

Voor een dekvloer op zwaluwstaartplaten stroken (meestal minerale wol) van minstens 100 mm breed toepassen, hart-op-hart ongeveer 500 mm; dikte onder belasting minstens 15 mm.

2. Kies een geschikte opbouw (eengezinswoningen naast elkaar)

Tabel A geeft de verbetering van de geluidsisolatie voor enkele standaardoplosingen (in dB). Dit zijn gemiddelden, ontleend aan verschillende praktijksituaties, en gemeten door onafhankelijke deskundigen. Deze prestaties gelden bij een zorgvuldige uitvoering. Andere maatregelen (zoals een vrijdragend plafond) zijn hier niet meegeteld.

Standaardoplossing
(isolatie in dB)
lichte steenachtige draagvloer (holle baksteen-
elementen e.d.)
betonnen draagvloer
(= 250 kg/m2)
standaard houten draagvloer

contact-
geluid

lucht-
geluid

contact-
geluid

lucht-
geluid

contact-
geluid

lucht-
geluid

dekvloer:
plaat-
materiaal
+ minerale
wol of EPS
of zacht
vlokken-
schuim

5 tot 10

1 tot 2

5

0

dekvloer:
cement-
of calcium-
sulfaat-
gebonden
+ minerale
wol

5 tot 10

1 tot 2

dekvloer:
cement-
of calcium-
sulfaat-
gebonden
+ EPS

5 tot 10

1 tot 2

dekvloer:
cement- of
calcium-
sulfaat-
gebonden
+ foam

3 tot 5

0

dekvloer:
cement- of
calcium-
sulfaat-
gebonden
+ zacht
vlokken-
schuim

5 tot 10

1 tot 2

dekvloer:
beton op
zwaluw-
staartplaat
+ minerale
wol

Tabel A. wit: voor de gangbare situaties zinvolle opbouw
grijs: weinig-zinvolle opbouw (gering rendement, bouwkundige nadelen), of alleen in bijzondere situaties
zwart: niet-zinvolle opbouw

3. Kies een geschikte opbouw (appartementen boven elkaar)

Tabel B geeft de verbetering van de geluidsisolatie voor enkele standaard-oplosingen (in dB). Dit zijn gemiddelden, ontleend aan verschillende praktijsituaties, en gemeten door onafhankelijke deskundigen. Deze prestaties gelden bij een zorgvuldige uitvoering. Andere maatregelen (zoals een vrijdragend plafond) zijn hier niet meegeteld.

Standaardoplossing
(isolatie in dB)
lichte steenachtige draagvloer (holle
baksteenelementen
e.d.)
betonnen draagvloer (= 350 kg/m2) standaard houten draagvloer

contact-
geluid

lucht-
geluid

contact-
geluid

lucht-
geluid

contact-
geluid

lucht-
geluid

dekvloer:
plaat-
materiaal
+ minerale
wol of EPS*

5 tot 10

0 tot 5

5

1 tot 2

dekvloer:
cement- of
calcium-
sulfaat-
gebonden

+ minerale
wol

5 tot 15

2 tot 3

dekvloer:
cement- of
calcium-
sulfaat-
gebonden
+ EPS

5 tot 10

2 tot 3

dekvloer:
cement- of
calcium-
sulfaat-
gebonden
+ foam

ongeveer 3

0 tot 1

dekvloer:
cement- of
calcium-
sulfaat-
gebonden
+ zacht
vlokken-
schuim

5 tot 10

2 tot 3

dekvloer:
beton op zwaluw-
staartplaat
+ minerale
wol

op
vloerdelen:
tot 14

direct op
balken: tot 10

op vloerdelen:
tot 6

direct op
balken:
tot 4

Tabel B. wit: voor de gangbare situaties zinvolle opbouw grijs: weinig-zinvolle opbouw (gering rendement, bouwkundige nadelen), of alleen in bijzondere situaties
zwart: niet-zinvolle opbouw
* Niet toepassen in combinatie met een houten draagvloer vanwege brandveiligheid

4. Beoordeel een oplossing goed

Hoe een bekende oplossing zal presteren, is vooraf lastig te beoordelen. Dat hangt van veel factoren af, zoals de bouwkundige constructie, de woningindeling, de opbouw van de vloer, de ligging van leidingen en de uitvoering.

Controlemetingen vormen de beste garantie om na te gaan of aan de gestelde eisen is voldaan. Gemeten moet worden volgens NEN 5077/A1:1997.

Berekening van de akoestische isolatie is werk voor akoestisch adviseurs.

Wees voorzichtig met opgegeven prestaties van bepaalde opbouwen of producten. In de praktijk kunnen de prestaties lager uitvallen door flankerende geluidsoverdracht, uitvoeringsfouten e.d..

Ga alleen af op metingen volgens in Nederland geldende normen. Meting volgens buitenlandse normen kan een (veel) te gunstig beeld scheppen!

ACHTERGROND

Geluidhinder kan ontstaan door onvoldoende isolatie tegen contact- en/of luchtgeluid.

  • Bij contactgeluid wordt de vloer in het algemeen direct in trilling gebracht door bijvoorbeeld het belopen of het schuiven met stoelen. Harde vloerafwerkingen, zoals natuursteen, parket en keramische tegels geven het meest contactgeluid door.
  • Bij luchtgeluid brengt de geluidsbron (stem, geblaf) eerst de lucht in trilling. De lucht brengt vervolgens de constructie in trilling.

Een zwevende dekvloer kan de geluidsisolatie verbeteren. De vereiste prestaties hangen af van de toepassing.

  • Bij renovatie van appartementengebouwen meestal om aan de minimum-eisen van het Bouwbesluit te voldoen;
  • Bij nieuwbouw om te voldoen aan comfort-eisen, meestal 10 dB boven het minimum.
  • Bij projecten met gecombineerde functies (bijvoorbeeld appartementen boven een winkel): door een zwevende dekvloer in de winkel kunnen de appartementen voldoen aan hoge comfort-eisen.

De werking van een zwevende dekvloer berust op de scheiding van draagvloer en dekvloer. Deze vormen akoestisch een spouwconstructie. De resonantiefrequentie van dit massa-veersysteem moet lager liggen dan 80 Hz. De resonantiefrequentie is lager, naarmate de dynamische stijfheid van het isolatiemateriaal lager is, en/of de massa per oppervlakte van de dekvloer groter. De dynamische stijfheid hangt af van de materiaaleigenschappen en de dikte: hoe dikker het isolatiemateriaal, des te lager de dynamische stijfheid.

AANDACHTSPUNTEN

De elasticiteitsmodulus of E-modulus (en de statische stijfheid) is alleen van belang voor het constructieve gedrag van de zwevende dekvloer. Deze grootheid moet niet worden verward met de dynamische stijfheid. Die drukt uit hoe het isolatiemateriaal zich gedraagt onder invloed van een geluidstrilling, wat van belang is voor de geluidsisolatie.

De akoestische prestaties hangen sterk af van een zorgvuldige uitvoering en detaillering. Zie de betreffende infobladen.