0

Natuursteen gevelbekleding - 337

Hoe kies ik de juiste soort en type natuursteen gevelbekleding, de goede afwerking en de bijbehorende bevestigingsmethode? Er zijn namelijk diverse soorten natuursteen gevelbekleding met een grote verscheidenheid in typen natuursteen, afwerking en bevestigingsmethoden.

OPLOSSINGSRICHTINGEN

Stappenplan
  1. Type natuursteen
  2. Afwerking
  3. Bevestiging

1. Type natuursteen
Natuursteen komt voor in de kleurvariëteiten wit, groen en oranje. Voorbeelden van natuursteensoorten zijn: basalt, gneis, graniet, kalksteen, kwartsiet, larvikiet, leisteen, marmer, travertin en zandsteen.

[Bs] Balmoral graniet (Finland).

[Bs] Bianco Sardo graniet (Italië).

[Bs] Belfast Black bijzonder graniet (Zuid-Afrika).

[Bs] Paradiso gneis (India).

[Bs] Verde Maritaca gneis (Brazilië).

[Bs] Travertin Romaans kalksteen (Italië).

[Bs] Labrador licht bijzonder graniet (Noorwegen)


2. Afwerking
Natuursteen gevelbeplating wordt uit blokken natuursteen gezaagd. Door de zaagbewerking zijn vooral bij harde steensoorten rillen of slagen zichtbaar. De beplating kan onafgewerkt worden toegepast, maar meestal zijn er wensen voor een gladdere of ruwere oppervlakte. De keuze voor de wijze van afwerking van de natuursteen heeft meestal te maken met de toepassing. Bij gevelbeplating speelt esthetica een hoofdrol. Daarnaast moet ook rekening worden gehouden met de structuur, de hardheid en de samenstelling van de steensoort. Natuursteen wordt meestal glanzend bewerkt (polijsten en zoeten). Leisteen en kwartsiet hebben na de winning een natuurlijke splijtoppervlakte die over het algemeen niet meer wordt bewerkt.

[Bs] Belgische Hardsteen onafgewerkt (gezaagd).

Voorbeelden veel voorkomende bewerkingen

Frijnen
Bij frijnen wordt de oppervlakte voorzien van groeven. Bij handmatig frijnen ontstaat een levendig uiterlijk. Bij machinaal frijnen ontstaan rechte, evenwijdige groeven in de beplating, wat saaier is.

[Bs] Belgische Hardsteen gefrijnd (gezaagd).

Schuren
Bij het schuren wordt met een diamantschijf of carborundumsteen onder toevoeging van water de oppervlakte gladder gemaakt. Voordeel van het schuren van een oppervlakte is dat het water beter wordt afgevoerd. Dat komt doordat de oppervlakte minder water opneemt. Bovendien neemt de kans op aanzetting van mos en vuil af.

[Bs] Belgische Hardsteen geschuurd (gezaagd)

Zoeten
Bij zoeten wordt de oppervlakte door schuren nog gladder afgewerkt met water en fijne amaril- of carborundumsteen.

[Bs] Belgische Hardsteen gezoet (gezaagd)

Polijsten
Door polijsten wordt de gladste afwerking verkregen, als het ware een glasachtige afwerking. De oppervlakte wordt met vilten schijven bewerkt. Deze bewerking is alleen mogelijk bij dichte steensoorten, zoals graniet.

[Bs] Belgische Hardsteen gepolijst (gezaagd).

Boucharderen
Bij gevelbeplating wordt niet zo snel gekozen voor boucharderen, omdat de oppervlakte er stroef van wordt. Het is meer geschikt voor traptreden en dergelijke.

Prikken
Hoeken en kanten, en soms zelf hele oppervlakten, worden met een puntbeitel (pointeren) bewerkt.

[Bs] Belgische Hardsteen geprikt (gezaagd).

Vlamstralen
Met een hete vlam springen deeltjes van de steenoppervlakte af. Door de natuursteen daarna snel af te koelen met water springen er grotere deeltjes weg. Zo wordt een natuurlijk breukoppervlak gecreëerd.

3. Bevestiging
Er zijn diverse mogelijkheden om natuursteen gevelbekleding te bevestigen. Enkele voorbeelden staan hierna genoemd.

Natuursteen direct aangebracht op buitenspouwblad
Natuursteen beplating wordt met een hechtmortel of lijm bevestigd op een (gemetseld) buitenspouwblad.

Natuursteen met rvs doken en ankers gemonteerd
De natuursteen platen worden vastgehouden met rvs-doken (rvs-pennen), meestal vier stuks. Over het algemeen zit er om de twee doken een kunststof huls. De glijhuls moet ervoor zorgen dat de plaat ongehinderd kan uitzetten en krimpen. De rvs-doken worden aan de onder- en bovenzijde of aan de beide zijkanten van de beplating aangebracht. De doken zijn bevestigd aan rvs-ankers die aan de achterliggende constructie zijn gemonteerd. De benodigde rvs kwaliteit wordt mede bepaald door de locatie van het gebouw.

ACHTERGROND

Natuursteen is vele miljoenen jaren geleden ontstaan toen de aarde afkoelde en het vloeibare magma waaruit de aarde bestaat, stolde. Door dit stollingsproces ontstond natuursteen. Afhankelijk van de omstandigheden waaronder de afkoeling plaatsvond, bijvoorbeeld diep of dicht onder de oppervlakte van de aarde of buiten de oppervlakte, ontstonden verschillende soorten gesteenten. Natuursteen wordt onderscheiden in enkelvoudige en samengestelde of gemengde gesteenten. Enkelvoudig zijn de gesteenten die uit één mineraal zijn gevormd (bijvoorbeeld zuiver marmer). Gemengde gesteenten bestaan uit verschillende mineralen. De winning van natuursteen vindt meestal bovengronds plaats, maar komt ook als mijnbouw voor. Het loshalen van de gesteenten gebeurt in lagen. Er worden blokken natuursteen gewonnen die zoveel mogelijk gelijk van kleur zijn.

AANDACHTSPUNTEN

De bouw en structuur van gesteenten kan zijn:

  • dicht: zeer regelmatige samenstelling van het breukvlak (sommige kalksoorten en basalt);
  • poreus: veel grote en kleine holten en kanalen in het materiaal (lava, puimsteen, sommige kalkgesteenten);
  • korrelig: komen bindmiddelen in voor, zoals leem, kalk of kiezelzuur (zandsteen);
  • gelaagd: gelaagde structuur die bij ‘afzettingsgesteente’ voorkomt;
  • schilferig: dunne lagen die door andere stoffen zijn gescheiden (leisteen of kwartsiet);
  • glasachtig: komt vooral bij vulkanische gesteenten voor (basalt).

OVERIGE INFORMATIE

  • Handboek gevels C 7000 Natuursteen gevel, Sdu Uitgeverij, 2001
  • SBR-Infoblad 338: Natuursteen gevelbeplating en schade

Reacties

Nog geen reacties

Reageer

Waardeer dit infoblad