0

Natuursteen gevelbeplating en schade - 338

Hoe voorkom ik schade aan natuursteen gevelbeplating? De oorzaak van de schade kan worden gezocht in de beplating zelf, maar ook bij de montagewijze en/of uitvoering.

OPLOSSINGSRICHTINGEN

  1. Schadebeelden
  2. Montagewijze en/of uitvoering

1. Schadebeelden
Schade in natuursteen kan het gevolg zijn van scheurtjes en barstjes. Deze kunnen veroorzaakt worden door:

Gesteente eigen scheurtjes en barstjes
Dit zijn scheurtjes en barsten die tijdens het geologisch proces van de natuursteen zijn ontstaan. Ze worden veroorzaakt door afwijkende mineralogie in het gesteente, gesteente-eigen insluitsels of een ‘gecraqueleerde’ oppervlakte.

[Bs] Figuur 1: gesteente –eigen insluitsels en ‘gecraqueleerde’ oppervlakte

Niet gesteente-eigen scheurtjes en barstjes
Dit treedt op als gevolg van menselijke handelingen gedurende het gehele traject; van winning in de groeve tot en met de montage als gevelplaat.

[Bs] Figuur 2: explosie barstjes en scheurtjes

[Bs] Figuur 3: scheur ontstaan tijdens menselijk handelen

[Bs] Figuur 4: afgebroken stuk natuursteen


2. Bevestigingswijze en/of uitvoering
Schade aan de natuursteen gevelbeplating kan ook het gevolg zijn van een onjuiste bevestigingswijze en/of een onjuiste uitvoering. Tevens is het belangrijk dat door een deskundige wordt beoordeeld of het type natuursteen geschikt is voor de toepassing en/of de voorgestelde bevestigingswijze. Voor de uitvoering moet worden gecontroleerd of de eventueel aanwezige scheurtjes en barstjes in de beplating toelaatbaar zijn.

Voorbeelden:

Scheurtjes door uitzetting en krimp
Vooral bij donker gekleurde steensoorten moet rekening worden gehouden met uitzetting en krimp door temperatuursveranderingen. Om het uitzetten van de platen mogelijk te maken moeten de voegen tussen de beplatingen voldoende groot zijn en de bevestiging bewegingen kunnen opnemen.

Bevestigers
Vooral bij de bevestigers ontstaan grote krachten door de optredende windbelasting en het eigen gewicht van de natuursteen. Indien in de nabijheid van een bevestigingspunt zich gesteente-eigen scheurtjes of niet gesteente-eigen scheurtjes bevinden, is het uitbreken van de natuursteen gevelbeplating mogelijk.
Om aan te geven of een gesteente al dan niet bestand is tegen de optredende krachten bij de bevestigers wordt de term ‘uitbreekvastheid’ van natuursteen gehanteerd. Zo is de uitbreekvastheid van graniet hoger dan van kalksteensoorten. Voor het gebruik van kalksteen als gevelbekleding zijn veelal platen met een dikte van 40 mm nodig, terwijl voor graniet doorgaans 30 mm voldoende is.

[Bs] Figuur 5: uitbreken van natuursteen bij bevestiger

ACHTERGROND

Natuursteen biedt goede weerstand tegen drukkrachten. Tegen buig-, trek- en schuifkrachten is de weerstand echter gering. De mechanische eigenschappen van een gesteente bepalen de hoogte van de krachten die de natuursteen gevelbeplating op kan nemen. Vooral ter plaatse van de bevestigers ontstaan grote krachten door windbelasting en het eigen gewicht.

AANDACHTSPUNTEN

Bij toepassing als gevelbekleding is de weerstand tegen windbelasting en eigen gewicht en de resistentie tegen fysische en chemische invloeden van belang. Onder de fysische aspecten vallen de mate van uitzetting en krimp bij temperatuurveranderingen en het vorstgedrag. Door inwerking van chemicaliën uit de lucht, het regen- of grondwater kunnen mineralen overgaan in water oplosbare verbindingen en zo uit de steen worden gespoeld. Dit kan tot afschilfering van de natuursteen leiden. Hierdoor ontstaat vaak glasschade door alkalisch lekwater. Ook kunnen zich soms mossen ontwikkelen. Dat resulteert in een versneld verweringsproces.

OVERIGE INFORMATIE