0

Schuine glasgevels - 335

Voor het optimaal functioneren van een schuine glasgevel (SGG) moet in de ontwerp-, bouw- en onderhoudsfase van een bouwwerk rekening worden gehouden met een aantal complicerende factoren, dat niet voorkomt bij een verticaal geplaatste gevel.

OPLOSSINGSRICHTINGEN

  1. Waterdichtheid
  2. Belastingen
  3. Uitvoering
  4. Onderhoud en bereikbaarheid

1. Waterdichtheid
De waterdichtheid van een SGG is voor de gebruiker van het gebouw zeer belangrijk. Lekkages worden weliswaar snel opgemerkt, maar veroorzaken ook snel overlast. Door de zwaartekracht valt een druppel eerder in de onderliggende ruimte dan dat hij langs de gevel naar beneden stroomt.
SGG’s bestaan meestal voor het grootste gedeelte uit glaspanelen en (aluminium) profielen. Deze profielen worden bij glasgevels stijlen en regels en bij glasdaken roeden en dwarsroeden genoemd. De profielen moeten zijn voorzien van een geïntegreerde waterafvoer. De waterafvoer vindt over het algemeen plaats van de regels naar de stijlen.

Specifieke aandachtspunten
Specifieke aandachtspunten voor de waterdichtheid van een SGG zijn:

  • De overgang van de regels naar de stijlen moet waterdicht worden uitgevoerd, bijvoorbeeld met rubberen manchetten.
  • De buitendichting van klem- en afdeklijsten moet waterkerend zijn.
  • • De waterafvoer moet zo min mogelijk worden gestagneerd. Plaatsen waar water blijft staan vormen potentiële lekkageplaatsen en veroorzaken vervuiling. Vanuit deze filosofie heeft het de voorkeur geen horizontale klem- en afdeklijsten toe te passen, maar de naad glas-glas te voorzien van een goed functionerende kitvoeg. Bij grotere hellingshoeken zijn klem- en afdeklijsten wel toepasbaar, maar moeten de naadaansluitingen worden afgeplakt met butyltape. Omdat dit afplakken geen volledige waterdichtheid kan bieden, moet infiltrerend water via de profielen worden afgevoerd.
  • Aan de onderzijde van de stijlen moet het water naar buiten worden afgevoerd.
  • De binnendichting moet luchtdicht zijn.
  • De beglazingsdruk moet voldoende zijn.
  • De beglazingsrubbers moeten overlengte hebben.
  • Vaak zijn speciale profielen nodig wanneer de hellingshoek wijzigt.
  • Zetwerk en folies zijn vaak benodigd bij de bouwkundige aansluitingen.

Foto 1 Schuine glasgevel met een glas-glas aansluiting met kitvoeg.


2. Extra belastingen
SGG’s worden belast door wind en sneeuw, maar er moet ook rekening worden gehouden met personen die werkzaamheden (reiniging/onderhoud) moeten uitvoeren. Ook de belastingafdracht van het eigen gewicht van de SGG vindt anders plaats dan bij een verticale gevel. Deze extra belastingen hebben invloed op de (aluminium) profielen en de benodigde glasdikte. Voor de glasdiktebepaling moet worden uitgegaan van NEN 2608-2: ‘Vlakglas voor gebouwen; Deel 2: Niet-verticaal geplaatst glas’. Voor de berekening hiervan wordt ook verwezen naar de SBR-brochure ‘schuine glasgevels’.

3. Uitvoering
Bij SGG’s kan over het algemeen aan de buitenzijde geen steiger worden gebouwd. Vaak zal de montage plaatsvinden van binnenuit, met behulp van steigers of een werkvloer. Het voordeel van een werkvloer is dat er sneller wordt gewerkt (vooral op grote hoogte) en er een veilige situatie wordt gecreëerd voor de monteurs en de personen in de onderliggende ruimte. Vangnetten zijn niet afdoende om het vallen van kleinere onderdelen te voorkomen. Tevens zullen goede werkomstandigheden positief meewerken aan de kwaliteit. Een zorgvuldige montage is bij SGG zeer belangrijk, mede doordat herstelwerkzaamheden vaak lastig uitvoerbaar zijn en daardoor kostbaar.

Tijdens de bouwfase moet voorkomen worden dat de SGG beschadigd of de waterafvoerkanalen verstopt raken door vervuiling. Het kiezen van een juiste werkmethode of organisatie van de bouw is altijd effectiever dan welke bescherming dan ook. Sluit een SGG aan op hoogbouw, dan kan de montage van de SGG beter zo lang mogelijk worden uitgesteld. Het beschermen van de SGG is namelijk moeilijk en kostbaar.

Foto 2 Montage van een schuine glasgevel.

4. Onderhoud en bereikbaarheid
Bij een SGG moet al in de ontwerpfase rekening worden gehouden met het toekomstige onderhoud. Gelukkig wordt het belang hiervan steeds meer ingezien (zie Convenant Gevelonderhoud). Mede door het feit dat een SGG vaak een representatieve taak heeft en ‘allure’ geeft aan een gebouw. Vervuiling van en gebreken aan de SGG passen hier niet bij. Ook moet men beseffen dat het aanbrengen van bereikbaarheidsvoorzieningen die geïntegreerd zijn in het ontwerp, minder storend zijn dan de voorzieningen die achteraf moeten worden aangebracht.

Foto 3 Onderhoud aan een schuine glasgevel middels een mobiele kraan.

De onderhoudswerkzaamheden zijn ruwweg te splitsen in:

  • Het reinigen van de gevel.

Uit ervaring blijkt dat een SGG sneller vervuilt dan een verticale vliesgevel. Vooral bij lichte regenval en mist, waarbij het vuil in de lucht door het regenwater op de gevel terecht komt en slechts langzaam wordt afgevoerd. Bij een SGG moet rekening worden gehouden met een hogere reinigingsfrequentie dan bij verticale glasgevels.

  • Het inspecteren en zonodig vervangen van onderdelen.

Bij een SGG zijn de afdichtingen onderhevig aan verhoogde belastende factoren. De invloed van UV-straling en de langdurige blootstelling aan water betekent dat een periodieke controle van de beglazingsrubbers en eventuele kitvoegen wenselijk is. In het algemeen zullen de aluminium profielen dezelfde degradatie verschijnselen geven als bij verticale gevels.

ACHTERGROND

Een schuine glasgevel is een uitwendige scheidingsconstructie voor onder meer verblijfsruimten en verkeersruimten (atria) en is toepasbaar bij alle soorten gebouwen. Architectonisch gezien zijn er vele varianten mogelijk in de afmetingen, kleur en positie ten opzichte van de rest van het gebouw. De hoek waaronder de glasgevel staat, kan variëren van 5° tot 80° ten opzichte van het horizontale vlak. Volgens de SBR-brochure ‘schuine glasgevels’ wordt bij hoeken tussen 30° en 80° gesproken van glasgevels en bij hoeken kleiner dan 30° over glasdaken.

AANDACHTSPUNTEN

  • Een SGG vereist extra technische know-how tijdens de ontwerp- en bouwfase. Geadviseerd wordt een SGG te laten ontwerpen en bouwen door specialisten op dit gebied.
  • In de ontwerpfase moet men zich realiseren dat het creëren van een passend binnenklimaat in een ruimte achter een SGG meer inspanning vereist dan bij een standaard gevel. Vooral in de zomerperiode kan de invloed van zoninstraling groot zijn.
  • Een SGG moet aan dezelfde eisen (onder andere brandveiligheid) voldoen als andere geveltypen. Bij de geluidswering van een gevel is de geluidsbelasting op de gevel meestal bepalend. Een SGG kan in binnenstedelijke situaties ook dienen als een akoestische buffer voor de binnengevel. Bij een hogere geluidsbelasting, door bijvoorbeeld verkeerslawaai, kan dan toch worden gekozen voor een ‘standaard’ binnengevel.
  • De keuze voor het type profiel dat wordt toegepast in een SGG wordt mede bepaald door de hellingshoek van de gevel. Opgemerkt moet worden dat niet alle profielen die specifiek zijn ontworpen voor flauwe hellingen (glasdaken), zijn toe te passen bij steile glasvlakken.