0

Toepassing van onbehandeld hout aan/in gevels. - 136

Het zodanig toepassen van onbehandeld hout in gevels, dat vervorming, barsten en onregelmatige verkleuring worden tegengegaan.

OPLOSSINGSRICHTINGEN

a. Toch behandelen

Onregelmatige vergrijzing kan worden voorkomen door het hout een verduurzamende en enigszins pigmenterende behandeling te geven.
Ook vuren en grenen gevelbekledingen kunnen onafgewerkt blijven, maar ze moeten dan wel een impregnerende, verduurzamende behandeling hebben ondergaan.

b. Open bekleding toepassen

Voor de toepassing in kozijnen, puien en draaiende delen is in het algemeen onbehandeld hout niet geschikt, ongeacht de duurzaamheid. Een behandeling van het hout in de vorm van een verfsysteem is meestal de beste manier om problemen te voorkomen. Uiteraard zijn er uitzonderingen. Bij toepassingen in laagbouw is te overwegen de gevelelementen geen behandeling te geven. Om toch een redelijk laag vochtgehalte in een gevel met een houten bekleding tot stand te brengen verdient het aanbeveling de bekleding zo open mogelijk te maken. Figuur 1 toont een voorbeelddetail. Er zijn uiteraard meerdere oplossingen. Met de open bekleding wordt bereikt dat droging tot stand komt door winddrukverschillen langs de gevel.

Figuur 1. Voorbeelddetail van gevelconstructie met een 'open' houten bekleding.

c. Ramen zwaarder dimensioneren

Daarnaast is het mogelijk de raamafmetingen te beperken en zwaarder te dimensioneren, waardoor er minder vervormingen ontstaan en er dus een mindere luchtdoorlatendheid zal optreden.

d. Vochtbelasting verminderen

Met grote dakoverstekken en raamneggen zal de vochtbelasting minder zijn en is een snelle werking van het hout te beperken.

ACHTERGROND

De laatste tijd is er sprake van een opleving van de belangstelling voor hout. Dit heeft zonder twijfel te maken met de opvatting dat hout als nagroeibaar materiaal goed past in het streven naar Duurzaam Bouwen. De milieubelasting van diverse houtsoorten is gering vanwege de hernieuwbaarheid en eenvoudige bewerking. Het betreft vooral houtsoorten die verbouwd zijn in duurzaam beheerde (Europese) bossen. Omdat hout een biologisch materiaal is, zijn de eigenschappen niet eenduidig bepaald en kunnen deze enorm variëren, zowel per houtsoort als binnen een soort.

Eén van de ongunstige gebruikseigenschappen van hout is de mogelijkheid om water op te nemen en dit onder krimp- en scheurvorming weer af te staan. Het bekende vergrijzen van hout wordt nauwelijks veroorzaakt door licht zoals vaak wordt gedacht, maar door kleurschimmels, die het hout zeer oppervlakkig aantasten. Het komt er op neer dat het Nederlandse klimaat niet zo geschikt is voor het tot stand brengen van gelijkmatige verkleuring. Licht heeft in zoverre invloed, dat schaduwwerking van details vochtigheidsverschillen veroorzaken. Daardoor kan de vergrijzing zeer onregelmatig optreden, of zelfs helemaal achterwege blijven. Figuur 2 toont een extreem voorbeeld.

Figuur 2. Voorbeeld van extreem onregelmatige vergrijzing.

Internationaal hanteert men tegenwoordig een indeling in duurzaamheidsklassen die loopt van klasse 1 (zeer duurzaam) tot klasse 5 (niet duurzaam). Bij houtsoorten van klasse 1 en 2 is verduurzamen niet nodig. Hierbij moet nadrukkelijk worden aangetekend dat onbehandeld hout onder invloed van vochtgehalteverschillen aanzienlijk meer werkt dan behandeld hout. Zo blijkt bij onderzoek telkens weer dat gevelconstructies van onbehandeld hout veel moeilijker water- en luchtdicht zijn te krijgen dan die van behandeld hout. Traditioneel geldt een gventileerde luchtspouw als een goede maatregel om doorslaand vocht of condensvocht effectief af te voeren. Ook bij moderne constructies wordt vaak aangenomen dat spouwventilatie afdoende is om, bijvoorbeeld in het geval van een houten gevelbekleding, het vochtgehalte langdurig laag te houden.

Bij moderne constructies is echter vrijwel altijd sprake van een forse spouwisolatie. Het probleem met een geïsoleerde luchtspouw is dat de lucht niet wordt opgewarmd door het binnenblad, want dat is geïsoleerd. Er onstaat dus ook geen schoorsteentrek, terwijl ook de vochtopnamecapaciteit niet groter wordt. Het buitenblad blijft na regen dus veel langer nat, met als gevolg rot van het regelwerk bij buitenbladen van hout en kromtrekken van gesloten houten geveldelen. Duurzaam hout als Western Red Cedar (duurzaamheidsklasse 2) wordt ook gebruikt voor houten gevelelementen zoals kozijnen, puien en draaiende delen, maar hierbij liggen de eisen nog hoger dan bij gevelbekleding. Ze moeten namelijk weerstand bieden aan waterintreding en luchtverliezen.

Te vaak vergelijkt men de toepassing van WRC-gevelelementen in ons land met die in Noord-Amerika (Canada) en de westkust van Amerika, maar dat is in veel gevallen niet juist. Hoe onjuist de vergelijking met Noord-Amerika vaak is, bewijzen de schades die zich hebben voorgedaan. Als onbehandelde houten gevelelementen geen oppervlaktebehandeling (verf) krijgen, kunnen zich afhankelijk van de blootstelling aan de klimatologische omstandigheden de volgende problemen voordoen:

  • Door het steeds nat worden en drogen van het hout treden er dimensionele veranderingen op, die de lijmverbindingen zwaar belasten waardoor deze losraken. Gevolg: lekkages via de verbindingen.
  • De vervorming van raamprofielen neemt toe, waardoor de afdichtingsprofielen minder functioneren en de luchtdoorlatendheid en de waterinfiltratie in de sponningen toeneemt. Bovendien dichten afdichtingsrubbers slecht af op onbehandeld hout.
  • Door de hoge vochtbelasting van het kopse hout kan dit aan de buitenzijde gaan barsten. Rekening houdende met deze problemen, maar vooral met de eisen van waterdichtheid en luchtdoorlatendheid moeten houten gevelelementen, ook al is het hout van duurzaamheidsklasse 2, worden behandeld.

AANDACHTSPUNTEN

Mocht men tot deze maatregelen besluiten en de gevelelementen onbehandeld toepassen, dan is het wel nodig de prestaties van de elementen op wind- en waterdichtheid te beproeven (de prestaties die de raamfabrikant opgeeft zijn vaak die van behandelde gevelelementen).

OVERIGE INFORMATIE

  • SBR-Referentiedetails - Houtskeletbouw
  • Handboek Houtskeletbouw, SBR-publicatie 476, 2009
  • Hendriks, N.A.: 'Het einde van de luchtspouw komt in zicht', Gevelraad nr.14, oktober 1999.
  • Houten kozijnen; ontwerpen en detailleringen volgens de KVT '95, NBVT, Bussum, 1999.
  • 'Gevelelementen van Western Red Cedar', B 5600-11 t/m 19, Handboek Gevels, Ten Hagen & Stam, Den Haag, maart 2000.
  • Hendriks, N.A.: 'Heeft de luchtspouw nog zin?', Bouwwereld, april 2002.

Reacties

Nog geen reacties

Reageer

Waardeer dit infoblad