0

Veilig monteren en installeren van pv-panelen op daken - 311

Het creëren van veilige omstandigheden voor montage en installatie van pv-panelen op hoogte.

OPLOSSINGSRICHTINGEN

Veilig werken op hoogte
Er zijn een aantal regels en veiligheidsvoorschriften van toepassing op het werken op hoogte. Deze zijn vastgelegd in Arbo-informatieblad AI-15. Er moeten voorzieningen aanwezig zijn en men moet maatregelen hebben getroffen om te voorkomen dat personen of voorwerpen van een hoogte kunnen vallen. Daarnaast moeten er maatregelen zijn om te voorkomen dat vallende voorwerpen schade en/of letsel tot gevolg hebben. Ook moet men een Veiligheid- en Gezondheidsplan (V&G plan) en een Risico- en Evaluatieplan (R&E plan) hebben opgesteld.
Naast de algemene maatregelen is het bij pv-panelen van belang rekening te houden met de oppervlakte van de panelen en mogelijk optredende schrikreacties door elektrische spanning.

Veilig werken met elektriciteit
Bij het monteren van pv-panelen hebben we te maken met of werken we in de omgeving van elektrische spanningvoerende delen. Bij het werken aan pv-panelen doet zich de bijzondere situatie voor dat de spanningsbron niet op normale wijze te schakelen is. Immers, zolang er licht op de pv-panelen valt, zal er spanning worden opgewekt. Het afschermen van het zonnepaneel om het spanningsloos te maken is vaak niet praktisch. Dit kan opgelost worden met de volgende maatregelen:

  • werk met éénaderige kabel (de + en – aansluiting);
  • isoleer de uiteinden van alle gelijkstroomkabels goed;
  • voer alle gelijkstroomkabels dubbelgeïsoleerd uit;
  • scheidt de + en – kabels goed van elkaar door ze apart te bundelen;
  • werk met aanrakingsveilige connectoren.

Klasse-II-systemen hoeven niet te worden geaard. Toch kan er door capacitieve koppeling in de omvormer een spanning op het frame van het zonnepaneel komen te staan. Deze spanning is niet gevaarlijk, maar kan wel een schrikreactie teweeg brengen. Om dit te voorkomen kunnen zonnepaneel en ondersteuningconstructie daarom toch beter worden geaard.

Uit veiligheids- en serviceoogpunt moet in de buurt van de omvormer een mogelijkheid zijn om de zonnepanelen te scheiden van de omvormer (bijvoorbeeld schakelaar of stekers). Ook moet volgens NEN 1010 een schakelmogelijkheid aanwezig zijn om de omvormer te scheiden van het elektriciteitsnet.

Foto 1 Het aanbrengen van zonnepanelen op een plat dak.

Foto 2 Storten van grind in een console voor zonnepanelen.

ACHTERGROND

Werken op hoogte is risicoverhogend. Het belang van veiligheid kan bij dakwerkzaamheden dan ook niet vaak genoeg worden benadrukt. Dit geldt dus ook voor de montage van pv-systemen. Immers, pv-panelen worden nagenoeg altijd op een dak of aan een gevel gemonteerd. Ongeveer de helft van alle dodelijke ongevallen in de werksituatie doet zich voor bij werkzaamheden op hoogte. Hoewel de kans op een ongeluk niet veel groter zal zijn dan bij het werken op de begane grond, zijn de gevolgen ervan meestal veel ernstiger. Bij pv-panelen spelen meerdere veiligheidsaspecten. Het werken op hoogte in combinatie met grote oppervlakten en elektrische spanning zorgen voor risicovolle omstandigheden. Zorgvuldige veiligheidsmaatregelen zijn daarom zeker noodzakelijk.

AANDACHTSPUNTEN

Elektriciteit
In installaties waarvoor de norm NEN 3140 ‘Bedrijfsvoering van elektrische installaties - Aanvullende Nederlandse bepalingen voor laagspanningsinstallaties’ van toepassing is, mogen alleen elektrotechnisch deskundigen of voldoende opgeleide personen werkzaamheden verrichten. Personen die in een arbeidsorganisatie werkzaamheden verrichten aan of met elektrische installaties of elektrisch gereedschap moeten zijn aangewezen conform de in deze norm aangegeven procedure.

Werken op hoogte
Beperk de werkzaamheden op hoogte zoveel mogelijk. Door goed ontwerp en/of slimme toepassingen van materialen kan veel van het werk elders worden voorbereid. Laat u niet verrassen door de wind, zeker niet op een hellend dak. Zonnepanelen zijn veel groter dan dakpannen en kunnen dus onverwacht veel wind vangen. Werk bij voorkeur met minimaal twee personen, zeker op een hellend dak. Gebruik de juiste hulpmiddelen als ladders, steigers, verankeringen, valbeveiliging etc. Als het echt niet mogelijk is om veilig te werken, doe dit dan niet.

OVERIGE INFORMATIE