0

Gasontvangststation Dinteloord

In opdracht van de Tuinbouwontwikkelingsmaatschappij (TOM) ontwierp Studio Marco Vermeulen het nieuwe gasontvangststation van het Agro & Food Cluster Nieuw Prinsenland in Dinteloord. De gevel is bekleed met biobased panelen van Nabasco, een composietmateriaal van biohars en hennepvezels. De ontwikkeling van biobased producten staat nog in de kinderschoenen, maar zal voor de bouw van grote betekenis zijn. Dit project loopt daarop al vooruit.

Deze beschrijving is tot stand gekomen met dank aan Marco Vermeulen, architect en stedebouwkundige bij Studio Marco Vermeulen

PROCESBESCHRIJVING

Achtergrondinformatie
Het Agro & Food Cluster Nieuw Prinsenland is een grootschalige ontwikkellocatie voor glastuinbouw en aanverwante bedrijvigheid. Het gebied, met daarin een bestaand fabrieksterrein van Suiker Unie, heeft een omvang van circa 600 hectare. Het AFC Nieuw Prinsenland wordt een voorbeeld van duurzame ontwikkeling, waar kringlopen op het gebied van energie, water en reststromen worden gesloten. Zo zal de glastuinbouw in het gebied gebruik maken van de restwarmte en C02 die beschikbaar komen van de fabriek van Suiker Unie. Aanvullend wenst de fabriek suiker te gaan inzetten als groene grondstof voor onder andere plastics en medicijnen, en doen zij onderzoek naar het winnen van andere nuttige stoffen uit de suikerbiet en het bietenblad.

“Veel hedendaagse vraagstukken zullen, op verschillende schaalniveaus, samenkomen in het ruimtelijk ontwerp. Integratie met andere kennisvelden is daarbij essentieel. Het ruimtelijk ontwerp zal zich moeten ontplooien tot katalysator van maatschappelijke vernieuwing en aanjager van technologische innovatie. Dit vraagt om een heroriëntatie op bestaande ruimtelijke modellen en verbanden”, licht Marco Vermeulen toe.

Naar een biobased delta
De toekomstige transitie naar een biobased economy was voor architect Marco Vermeulen aanleidingom te onderzoeken of het gasontvangststation gerealiseerd kon worden met biobased materialen. De uitdaging was groot, want Gasunie stelt hoge eisen aan het materiaalgebruik van een gasontvangststation. De toepassing van bietenpulp was daardoor nog geen optie. Gezocht is naar een samenwerking met een productontwikkelaar die al meer vertrouwd is met biobased oplossingen voor de bouw: NPSP.

De visie en de ambitie van Marco Vermeulen op de ontwikkeling van het gebouwtje werd gedeeld door de opdrachtgever en de productontwikkelaar. En dat is ook noodzakelijk. Zowel de opdrachtgever als de productontwikkelaar moeten bereid zijn om een zeker risico te nemen. De ontwikkeling van een nieuw product kost immers tijd en geld. NPSP heeft als ambitie een leidende te rol spelen in het verduurzamen van de leefomgeving door het terugdringen van de milieubelasting en het beschikbaar maken van hightech productietechnologie voor steeds weer nieuwe alledaagse oplossingen. Wat dat betreft was de samenwerking met Marco Vermeulen dus een logische stap in het verwezenlijken van de doelstellingen.

Experimenteren
De architect had al een vrij concreet idee voor de gevelelementen die hij zou willen toepassen. Aan NPSP is de vraag gesteld of zij dit konden ontwikkelen. In gezamenlijkheid met de architect en de opdrachtgever zijn zij deze uitdaging dus aangegaan. Nabasco® is een op de natuur gebaseerd composietmateriaal. NPSP gebruikt hier hernieuwbare grondstoffen zoals vlas, jute, kokos en hennep voor. Het materiaal heeft zichzelf al bewezen in diverse toepassingen. Maar de exacte samenstelling van het materiaal wordt aangepast aan de functie-eisen van het product. Als gevelmateriaal diende het nog aan verschillende tests onderworpen te worden.

Experimenten voor de biocomposiet gevel. Bron: Marco Vermeulen

Productinnovatie
Hennepvezels vormen de basis van het gevelelement. De toegepaste hars bestaat voor 65% uit een natuurlijke grondstof; een 100% biobased hars is nog niet mogelijk. Wat betreft de uitstraling was een grote verscheidenheid aan opties mogelijk. Indien gewenst, zou de vezelstructuur zichtbaar kunnen blijven. Maar de architect wenste met dit product juist een oplossing te realiseren die niet direct geassocieerd wordt met ‘biobased’. De gevelelementen hadden van een willekeurige kunststof gemaakt kunnen worden. En dat is ook de boodschap naar de sector: daar waar kunststof mogelijk is, kan wellicht ook gekozen worden voor een biobased alternatief.

Ondanks het feit dat niemand met 100% zekerheid kan zeggen hoe het product zal presteren gedurende 10-15 jaar in de buitenlucht, kan het ontwerp van het gasontvangststation al als succes worden bestempeld. Productinnovatie komt pas van de grond, als het de kans krijgt zichzelf in de praktijk te bewijzen. En daar zijn dus testcases voor nodig.

Samenwerking
Bij de totstandkoming van het gasontvangststation in Dinteloord is intensief samengewerkt tussen architect, opdrachtgever en productontwikkelaar. De aannemer heeft hierin geen rol gespeeld. Het betreft een klein gebouwtje van slechts 14,8x9,2 meter dat op een traditionele wijze in kalkzandsteen is gebouwd. Hier is geen specifieke kennis van een aannemer voor nodig. De bevestiging van de biobased gevelbeplating wordt ook op een standaard manier uitgevoerd. In de detaillering is rekening gehouden met de uitzettingscoëfficiënt van het materiaal, maar het vraagt geen andere werkwijze.

Biobased gevelbeplating. Bron: studio Marco Vermeulen

EINDRESULTAAT

Eén paneel verbeeldt in reliëf de chemische samenstelling van aardgas in de juiste verhouding waterstof (H), koolstof (C) en stikstof (N). Op dit moment wordt namelijk nog van aardgas gebruik gemaakt. Aan de overgang naar biogas wordt hard gewerkt. De biomassavergistingsinstallatie is al gerealiseerd, waarmee plantaardig afval en bietenpulp worden omgezet en opgewaardeerd tot groen gas. In de nabije toekomst zal het groene gas worden geleverd aan de tuinbouwkassen.

Het gevelmateriaal voldoet aan alle strenge eisen die de Gasunie eraan gesteld heeft. Met een coating is het materiaal brandwerend gemaakt. Dezelfde coating zorgt ervoor dat het materiaal een gladde afwerking heeft gekregen. De bruine kleur is een standaard RAL-kleur. Dit had een willekeurige andere kleur kunnen zijn.

LEERPUNTEN

Het ontwikkelen van nieuwe producten voor de bouw, vraagt om tijd en de durf om erin te investeren. Het product kan in een laboratoriumopstelling aan een grote verscheidenheid van tests onderworpen worden, maar het zal zichzelf uiteindelijk in de praktijk moeten bewijzen. Door de juiste partijen te benaderen – partijen met eenzelfde ambitie – kan een dergelijk proces in een paar maanden tijd doorlopen worden.