0

Maskerade Prototype, RDM Campus Rotterdam

Van der Breggen Architecten heeft al diverse projecten gerealiseerd met het Maskerade houtbouwsysteem. Dit is in eigen beheer ontwikkeld, en geeft vorm aan twee heldere uitgangspunten. Daarbij staat de gebruiker centraal en wordt op verantwoorde wijze omgegaan met de aarde. De ontwerper houdt rekening met de mogelijkheden om passief en actief gebruik te maken van duurzame energiebronnen. Daarnaast vervangen hernieuwbare grondstoffen zoveel mogelijk fossiele grondstoffen.

Architect Maarten van der Breggen doet dit allemaal niet alleen: ”Een (industrieel) ontwerper heeft de kennis en expertise van gespecialiseerde productontwikkelaars nodig om op slimme wijze de onderdelen te kunnen integreren en vorm te geven. En dat dient op zodanige wijze te gebeuren, dat het gebouw demontabel en dus aanpasbaar blijft voor een onbekende bestemming in de toekomst.”

Deze beschrijving is tot stand gekomen met dank aan Maarten van der Breggen van Van der Breggen Architecten en Joey Besseling van Bouw ’85.

PROCESBESCHRIJVING

Van der Breggen wil toekomstige gebruikers een hanteerbaar instrument bieden, een flexibel bouwsysteem waarmee je alle denkbare woonvormen kunt realiseren. Hiermee wordt de woning direct levensloopbestendig; aanpasbaar en uit te breiden.

Al in 2003 heeft Maarten van der Breggen de Houtinnovatieprijs gewonnen met zijn Maskerade concept. Samen met een aantal (gespecialiseerde) aannemingsbedrijven, productontwikkelaars en adviseurs is dit verder uitgewerkt en gerealiseerd. In de periode 2003 - 2009 zijn op verschillende locaties drie IFD demonstratieprojecten (Industrieel , Flexibel en Demontabel) gerealiseerd. Aan de hand daarvan heeft het Maskerade concept zich verder ontwikkeld. Na 2008 zijn er nog drie woongebouwen, twee scholen en een kantoorgebouw met deze methodiek gebouwd.

Maar de tijd heeft niet stilgestaan en vele vernieuwingen zijn sindsdien nog doorgevoerd. Vandaar dat de twee appartementen die gebouwd worden in Rotterdam, als prototypen worden beschouwd. In nauw overleg met Joey Besseling van Bouw 85 is het bouwproces geheel industrieel ingericht. De geprefabriceerde elementen zijn nu volledig demontabel, de isolatieconcept is geoptimaliseerd en er worden uitsluitend hernieuwbare grondstoffen toegepast. Tenslotte is de scheiding tussen casco, inbouw en installaties geoptimaliseerd. Kortom: het proces is anders ingericht, de detaillering is herzien en er worden nu zoveel mogelijk hernieuwbare en gerecyclede grondstoffen toegepast.

“Hout is niet alleen een mooi natuurproduct, maar het heeft ook gunstige bouwfysische eigenschappen. De vooroordelen dat houtskeletbouwelementen onderhoudsgevoelig, constructief zwakker, brandbaar en gehorig zijn, behoren tot het rijk der fabels. In de praktijk heeft Maskerade zich op die gebieden allang bewezen.” Vandaar dat Van der Breggen zich blijft inzetten om het bouwen met HSB van de grond te krijgen en het concept continu in ontwikkeling is.

Figuur 1 Concept anno 2003. Bron: Van der Breggen Architecten.

In principe is Maskerade ontwikkeld door ontwerpers en fabrikanten. Het prototype in Rotterdam wordt gebouwd door een consortium dat naast van der Breggen Architecten bestaat uit: Bouw85, Verweij HT, IJBgroep, Warmteplan, Faay Prefab Products, Binder Groenprojecten, Allicon Glasbouw en nog enige anderen. Gedurende het hele proces komt geen hoofdaannemer in beeld. “Door te werken zonder hoofdaannemer, ontstaat een ander soort samenwerking. Het gebouw komt tot stand door de wisselwerking tussen ontwerper enerzijds en fabrikanten anderzijds. We willen de innovatieve producten die door fabrikanten zijn ontwikkeld - en nog verder ontwikkeld moeten worden - maximaal inzetten in dit project. Daar heeft een aannemer geen toegevoegde waarde.” legt Van der Breggen uit.

Maarten van der Breggen treedt bij de realisatie van het prototype op als bouwregisseur. Hij heeft jarenlange ervaring met alle aspecten van het duurzaam bouwen. Als bouwregisseur bewaakt hij het concept, is de vormgever, stuurt het bouwproces aan en bewaakt de kosten. Anders bouwen vraagt dus meer dan alleen het wijzigen van de bouwmethodiek. Het heeft vooral te maken met communicatie en organisatie.

Wisselende samenstelling in het projectteam
In de afgelopen twee jaar, tijdens de voorbereidende werkzaamheden voor het realiseren van het prototype, is al een aantal keren gewisseld van co-makers. Dit bleek een onderdeel van het proces te zijn om alle neuzen dezelfde kant op te krijgen. Omdat de realisatie van een prototype bovendien een flinke investering van het consortium vraagt, is het van groot belang partners te vinden die toekomst zien in de innovatieve ontwikkelingen.

Ook is het van belang dat er beslissers aan tafel zitten om in overlegsituaties direct knopen te kunnen doorhakken. Deze werkwijze heeft de voortgang wel vertraagd, maar heeft ook veel inzicht opgeleverd.

De verschillende projectpartners hebben afgesproken zich de komende vier jaar gezamenlijk in te zetten om meerdere projecten te realiseren. Zij hebben daartoe een samenwerkingsovereenkomst gesloten. Omdat dit voor opdrachtgevers te veel risico’s met zich mee brengt, is dit niet voldoende om de markt in te gaan als contractpartij. Om die reden is contact gelegd met beleggers die in de bouwmethodiek geïnteresseerd zijn.

Bouwen zonder hoofdaannemer
Ongeacht welke partijen de twee appartementen realiseren, is er nog wel een passende samenwerkingsvorm nodig om in de toekomst ook met elkaar opdrachten uit de markt te kunnen werven. Voor de realisatie van de appartementen is géén hoofdaannemer nodig en dus willen de partijen de vrijheid hebben om ook nieuwe opdrachten binnenhalen zonder de betrokkenheid van een hoofdaannemer. Echter, opdrachtgevers blijken hier wantrouwend tegenover te staan. Want wie draagt dan het risico? Wie is aansprakelijk wanneer er toch iets mis gaat? Het is een ingewikkeld proces om hiervoor de juiste structuur te bepalen.

De partners vinden het belangrijk elkaar te kunnen aanspreken op elkaars verantwoordelijkheid om samen de ambities te kunnen realiseren. Maar niet iedereen is bij elk project betrokken en niet iedereen speelt een even grote rol. De vraag die dan al snel rijst is: Welke mate van flexibiliteit kun je in het contract vastleggen? Hoe zorg je ervoor dat de projectpartners zich inderdaad houden aan de intentie om zich de komende tijd gezamenlijk in te zetten voor de realisatie van diverse projecten?

Onderzoek naar de mogelijkheden
Al geruime tijd zijn de partners van het Maskerade Prototype de opties wat betreft mogelijke samenwerkingsverbanden en passende contractvormen aan het verkennen. Alle partners geven namelijk aan graag meer duidelijkheid te krijgen. Maar waarover ze precies meer duidelijkheid willen, is nog niet gedefinieerd. Een notaris of een andere onafhankelijke adviseur zal met elke individuele partij in gesprek moeten gaan om alle ambities, doelstellingen en randvoorwaarden boven water te krijgen. Voorlopig lijkt een coöperatie die gezamenlijk de verantwoordelijkheid voor het project op zich neemt en tegelijkertijd de individuele bedrijven vrijwaart van aansprakelijkheden, de beste optie. Dit alles zal verder moeten worden uitgewerkt.

Tijdsbestek
Oktober 2003: Houtinnovatieprijs voor Maskerade concept
Juni 2005: Oplevering IFD demonstratieproject ‘paviljoen Drachten’
Oktober 2007: Oplevering IFD demonstratieproject ‘het Masker in Veenendaal’
Oktober 2009: Oplevering IFD demonstratieproject ‘Lage Korn in Buren’
September 2012: Eerste contact met Concept House Village Rotterdam
September 2014: Start montage Maskerade Prototype

EINDRESULTAAT

Houtskeletbouw is een bouwmethode waarbij een heel groot aandeel in prefabricage kan worden gerealiseerd. De mate waarin dat geschiedt, hangt mede af van de mogelijkheden die de producent van de elementen heeft. Bij de Maskerade Prototype appartementen, worden alle vloer-, gevel-, dak- en wandelementen volledig geprefabriceerd. Het voordeel daarvan is dat kwaliteit van de elementen volledig is geborgd, dat de hoeveelheid afval op de bouwplaats wordt gereduceerd en dat het casco binnen twee werkdagen geheel wind- en waterdicht kan worden gemaakt.

Bij houtskeletbouw onderscheiden we twee bouwsystemen: de platformmethode en de balloonmethode. Maskerade is gebaseerd op de ballonmethode met dien verstande dat de vloeren tussen de bouwmuren en de gevelelementen worden opgelegd. De speciaal hiervoor ontwikkelde Flexvloer vormt de basis voor de Maskerade bouwmethode.

Figuur 2 Maskerade Bouwmethodiek: balloonmethode. Bron: Van der Breggen Architecten.

De hoofdconstructie op basis van een grote overspanning (7,5 meter), de plafondhoogte (3,0 meter) en de mogelijkheden voor een vrij leidingverloop (Flexvloer), maken vele indelingen en functies mogelijk. Afhankelijk van de marktbehoefte kunnen woningen, appartementen, werkruimten, scholen en zorgfuncties worden gerealiseerd en eventueel worden gecombineerd.

Figuur 3 De Flexvloer. Bron: Van der Breggen Architecten.

De invloed van de samenwerking
Het concept van Maskerade had Van der Breggen niet kunnen uitwerken zonder hier actief een fabrikant van prefab bouwelementen bij te betrekken. Deze twee partijen vormen daarom de harde kern van het projectteam. De twee partners zijn nu zo goed op elkaar ingespeeld, dat niet meer over de uitgangspunten en de randvoorwaarden wordt gesproken. Ze proberen ze het maximale resultaat uit de samenwerking te halen. De detaillering van de elementen is tot stand gekomen door intensief overleg te plegen en diverse alternatieven naast elkaar te leggen. Keer op keer is het op enkele plekken bijgeschaafd en aangepast. Beide partijen zijn het erover eens dat de huidige details het best haalbare resultaat was binnen dit traject. En in de praktijk moet blijken of het naar verwachting presteert. Wanneer dit niet zo blijkt te zijn, is nog geen man overboord. Beide partijen willen juist nieuwe kennis opdoen met praktijktests, zodat zij de details verder kunnen optimaliseren.

Installaties juist niet geïntegreerd
De twee appartementen die onder de noemer Maskerade Prototype worden gerealiseerd, vervullen op verschillende vlakken de rol van een pilotproject. Niet alleen het ongewone samenwerkingsproces en de keuze voor hernieuwbare en/of gerecyclede materialen zijn vernieuwend, ook de rol van de installateur heeft een bijzondere vorm aangenomen.

De installaties zijn opgenomen in een aparte ruimte die van buitenaf bereikbaar is. Onderhoud of eventuele vervangen van de installaties is hierdoor gemakkelijker uit te voeren. De bewoners/gebruikers behoeven hiervoor dus niet meer thuis te blijven. Dankzij een modulair installatiesysteem, kan vrij eenvoudig de capaciteit van het systeem worden aangepast als dit nodig blijkt te zijn. Zeker als op termijn de functie van het gebouw verandert, is dit niet ondenkbaar.

Maar dat is niet het enige. Ook de wijze waarop de installaties en de opbrengst ervan wordt geëxploiteerd, is verre van traditioneel. Het installatiebedrijf is en blijft eigenaar van de installaties en beheert deze op basis van het energie neutrale woonconcept. Dit houdt in dat bewoners een vaste maandelijkse rekening krijgen voor de huur van de benodigde opwekapparatuur (bijvoorbeeld zonnepanelen), afgifteapparatuur (bijvoorbeeld centrale verwarming) én het totale verbruik van gas en elektra. Het kan vergeleken worden met een abonnement voor een mobiele telefoon. Wanneer de gebruikers het verwacht verbruik overschrijden, zullen zij moeten bijbetalen.

LEERPUNTEN

In het najaar wordt de Maskerade Prototypen op de RDM Campus in Rotterdam geassembleerd. Na oplevering, worden de twee appartementen gedurende drie jaar lang bewoond en gemonitord. Daar zullen diverse lessen uit geleerd worden, waarover op dit moment nog geen voorspellingen kunnen worden gedaan.

Figuur 4 Het Prototype. Bron: Van der Breggen Architecten.

Wat betreft het proces is wel al een belangrijk punt naar boven gekomen. Brainstormen met een groep geïnteresseerde partijen is een heel leerzaam traject, maar het wordt pas pragmatisch en waardevol als de personen in kwestie ook beslissingsbevoegd zijn. Daarmee voorkom je dat een mogelijke oplossingen door diverse lagen in verschillende organisaties heen moet, voor daarover een definitief besluit kan worden genomen.

Een vooruitstrevend innovatief project vraagt om een intensief voorbereidingstraject. Tijdens deze voorbereiding worden beslissingen genomen die van invloed zijn op de uiteindelijke prestaties. Omdat er geen stappenplan bestaat voor dit soort nieuwe trajecten, kost dit vaak meer tijd dan men van tevoren had ingeschat. Om dit enigszins te kunnen beperken is het van belang de lijntjes kort te houden. Alleen dan kunnen snel knopen doorgehakt worden.