0

publicatie: Bemaling van bouwputten

1 Inleiding

1 Inleiding

Bij bouwprojecten wordt steeds vaker bemaling van bouwputten toegepast, mede doordat ondergronds bouwen een grote vlucht heeft genomen. Oorzaken daarvoor zijn in de B&U-sector onder andere ondergrondse winkelcentra, parkeergarages, kelderruimtes en technische ruimtes. In de GWWO-sector zien we steeds meer tunnels en aquaducten, dan wel ondergrondse tracés voor wegen en spoorwegen. Daar waar de benodigde ruimte zeer spaarzaam is, worden projecten met dubbel ruimtegebruik ontworpen, waarvan een belangrijk deel onder het maaiveld ligt. Het ontwikkelen van machines en technieken, regels en voorschriften, vergunningsprocedures, maar ook van bouwmethodes heeft eveneens niet stilgestaan. Er is een norm NEN 6740 gekomen en er zijn diverse publicaties van CUR en het Centrum Ondergronds Bouwen (COB) verschenen. Reden voor SBR om ook haar bestaande publicatie 'Bemaling van bouwputten' te herzien.

Bemaling van bouwputten vindt plaats om het overtollige neerslag- en grondwater te verwijderen, zodat de werkzaamheden op een droge bouwplaats kunnen worden uitgevoerd.
Ontgraven en bemalen is niet altijd zonder risico's. Verlaging van grondwater kan leiden tot zakking van het omliggende maaiveld, tot schade aan gebouwen en vegetatie of tot vermindering van de opbrengst van landbouwgewassen. Bovendien bestaat het gevaar dat de kwaliteit van het grond- en oppervlaktewater wordt beïnvloed, met mogelijke gevolgen voor het milieu. Dit kan tot ver buiten de bouwplaats merkbaar zijn.
Er zijn ook risico's voor het bouwwerk zelf, samenhangend met de kwaliteit en bedrijfszekerheid van de gekozen methodiek en het bemalingssysteem. Hierbij moet worden gedacht aan het afkalven van taluds, het opbarsten van bouwputbodems of het opdrijven van kelders.

Het ontwerpen en berekenen van een bouwputbemaling is dan ook het specialisme van de geohydroloog. Alle randvoorwaarden en omgevingsfactoren moeten zorgvuldig in ogenschouw worden genomen, worden afgewogen en op risico's worden beoordeeld alvorens een definitieve ontwerp- en uitvoeringsbeslissing kan worden genomen. Dit moet al in een zeer vroeg stadium van een bouwproject gebeuren, omdat bemaling nu eenmaal een van de eerste werkzaamheden is. Vooral de informatie van de bouwkundig ontwerper is daarbij relevant, omdat wijzigingen naderhand grote gevolgen kunnen hebben voor de keuze van de bemaling.
Is eenmaal het bemalingsontwerp gereed, dan volgt het vergunningentraject bij provincies en eventueel lagere overheden. Hoe sneller partijen op de hoogte zijn van de plannen, hoe sneller dat traject vaak kan worden doorlopen. Overleg vooraf in een zeer vroeg stadium van een project is daarom zeer aan te bevelen voor een grondige voorbereiding en een nauwkeurige planning van de werkzaamheden.

Er wordt vanuit de verschillende gezichtspunten en vakdisciplines een beeld gegeven van de algehele problematiek die speelt bij de bemaling van bouwputten. Dat is namelijk van groot belang voor bij bouwprojecten betrokken partijen als overheden, opdrachtgevers, ontwerpers, adviseurs en constructeurs, bouwbedrijven en bemalingsbedrijven, van deze publicatie. Maar ook voor andere partijen die bij een bemaling zijn betrokken, zoals verzekeringsmakelaars, risicomanagers, waterschappen, waterleidingbedrijven en de agrarische sector.

Kennis van de algehele problematiek bij bemaling is immers van groot belang voor de communicatie en de onderlinge informatiestromen. Partijen weten dan hoe het proces verloopt, welke problemen moeten worden opgelost, wat daarvoor van hen wordt verwacht, wat hun plichten en rechten zijn, waar risico's op de loer liggen en hoe met gezamenlijke inspanningen het resultaat kan worden bereikt.
Wie hierin snel inzicht wil hebben, kan volstaan met hoofdstuk 2: 'Procedures'. Wie meer wil weten en achtergrondinformatie wil opdoen, moet van de hele publicatie kennisnemen. Een leidraad hierbij is de inhoudsopgave.