0

publicatie: Sprinklers en rookventilatie

1 Inleiding

1 Inleiding

1.1 Probleemstelling

Het beveiligen van gebouwen met sprinklerinstallaties heeft al een vrij lange geschiedenis (sinds ca. 1860). De doelmatigheid van deze installaties is onomstreden. Van recentere datum (rond 1950) is de toepassing op substantiële schaal van rook- en warmteafvoer installaties (in het vervolg aangeduid met RWA). Ook het principe van RWA is onomstreden.

Toen in de vijftiger jaren de toepassing van RWA-systemen een grote vlucht begon te nemen, ontstond de vrees dat de RWA de effectiviteit van sprinklers zou verminderen. Om de interactie tussen beide systemen in industriële parterregebouwen te bestuderen zijn diverse grootschalige proeven uitgevoerd, met name in de Verenigde Staten en in Engeland. Deze hebben echter nooit geleid tot een voor iedereen overtuigend bewijs dat RWA de sprinklerwerking nadelig beïnvloedt, noch voor het bewijs van het tegendeel. Toch hebben velen, mede onder verwijzing naar die onderzoeken, een standpunt ingenomen vóór of juist tegen gezamenlijke toepassing.
Dit heeft geleid tot een meningsverschil, dat tot op de dag van vandaag voortduurt. In de Verenigde Staten is de heersende (maar niet onomstreden) opinie dat gezamenlijke toepassing moet worden afgeraden. In Engeland wordt dit positiever benaderd. In Nederland is het enige 'officiële' standpunt afwijzend; wel is dit standpunt aan heroverweging toe.

Doordat al de onderzoeken tot verschillende en soms tegenstrijdige resultaten en uitspraken hebben geleid, ontstond er grote onduidelijkheid en verwarring in de praktische besluitvorming rond de gezamenlijke toepassing van beide systemen. Onduidelijkheid blijkt ook te bestaan ten aanzien van de gebouwtypen waarvoor de gezamenlijke toepassing al of niet in discussie komt.

1.2 Doel en opzet van het onderzoek

In deze publikatie wordt getracht de veelheid van gegevens en standpunten dusdanig te structureren, dat uitspraken mogelijk zijn over situaties waarin gecombineerd gebruik van beide systemen wel of niet verantwoord is. Hiertoe worden achtereenvolgens de volgende punten behandeld:

  • een beknopte uiteenzetting van de werking van sprinklers en van RWA;
  • een bespreking van de fysische invloedfactoren die bij de interactie van sprinklers en RWA een rol kunnen spelen (Hoofdstuk 2);
  • enkele randvoorwaarden van de discussie (Hoofdstuk 3);
  • een gedetailleerde analyse van de belangrijkste literatuurgegevens;
  • een discussie waarin de verschillende standpunten tegen elkaar worden afgewogen en in perspectief geplaatst (Hoofdstuk 4); en
  • conclusies (Hoofdstuk 5).

Bij de totstandkoming van dit rapport lag het accent op de afweging van de technisch-inhoudelijke aspecten van de gezamenlijke toepassing van sprinklers en RWA-systemen. Daarnaast zijner ook belangrijke andere aspecten, zoals het onderscheid tussen beperking van materiële schade versus beperking van persoonlijke ongevallen, maar ook zaken als kwaliteitsgaranties. Deze andere aspecten worden in het vervolg samengevat met de term 'beleidsmatige'. Een korte bespreking van beide aspecten is noodzakelijk voor het verkrijgen van een voldoende inzicht in de problematiek.

De studie is met name gericht op de ontwerpers van sprinklerinstallaties en rook- en warmte afvoersystemen. Ook de instanties die ontwerpen beoordelen op brandveiligheid en 'beslissers' kunnen houvast ontlenen aan de in dit rapport vermelde argumentaties.