0

1 Inleiding en achtergrond

1 Inleiding en achtergrond

Waarom deze kennispaper?
Deze kennispaper is bedoeld voor opdrachtgever en –nemers, om te informeren en inspireren. Heeft u vragen of heeft u advies nodig? Dan kunt u ook contact met ons opnemen.

In deze inventarisatie laten we de verschillende mogelijkheden zien van het bij elkaar komen van vraag en aanbod met duurzaamheidsambities. Omdat de wijze van vraagstelling in hoge mate het eindresultaat bepaalt, wijden we hier om te beginnen een hoofdstuk aan: De oplossingsvrije vraagstelling – functioneel specificeren.

Vervolgens vergelijken we drie zeer verschillende voorbeeldprojecten met hoge duurzaamheidsambities uit nieuwbouw en renovatie. De focus ligt op comfort en gezondheid (Poorters van Montfoort, renovatie), levenscyclus (Sportcentrum Vianen, nieuwbouw) en op integraal duurzaam (Proyecto Roble, nieuwbouw).

Met dank aan alle geïnterviewden:

  • Ralph Rheiter (Inkoop Bureau Midden Nederland)
  • Bernard van Dam (projectleider woningcorporatie Groen West)
  • Haico van Nunen, (BouwhulpGroep)
  • Wim van Dijk (Klostermann Nederland BV)
  • Karin van IJsselmuide (NEVI)
  • Shirley Justice (MVO Utrecht)
  • Piet van Luijk (Ministerie van BZK - DG Wonen en Bouwen)

Duurzaamheid in economisch moeilijke tijden. Waarom?
Waarom? Omdat op het gebied van duurzaamheid nog veel te winnen valt, vooral als duurzaamheid vanaf de vraagstelling centraal staat en breder wordt opgevat dan enkel als energie- en materiaalbesparing. Met andere woorden: er liggen kansen als duurzaamheid integraal wordt benaderd. Bij een integrale benadering staat het GEHEEL centraal. Dat begint bij de vraagstelling. Het zit hem dan niet zozeer in het toepassen van de juiste duurzame deelproducten, maar juist in de wisselwerking en complexiteit van al deze onderdelen. Echt duurzaam is dus geen trucje dat je op een deelaspect kunt loslaten. Een integrale benadering vraagt om inspanning, reflectie en dingen anders doen. Aan de ene kant draagt het bij aan onderscheidend vermogen voor bedrijven en consortia, aan de andere kant bied het meerwaarde voor de gebruiker/opdrachtgever en onze leefomgeving. Het zit hem dus in de benadering op procesmatig niveau. Echt duurzaam heeft te maken met ambities, de benadering ervan en met de verhouding tussen vraag en aanbod.

Achtergrond
Vanuit de 2020 doelstellingen is de overheid voorloper op gebied van energiebesparing en duurzaamheid. Belangrijk daarbij is dat overheden meer sturen op processen en duurzaamheiddoelstellingen, in plaats van op gedetailleerde technische eisen. Het bedrijfsleven krijgt meer ruimte om zelf met oplossingen te komen om duurzaamheidambities te realiseren. In 2011 hebben MVO, VNO NCV, MKB, Groene Zaak en Nevi op basis van marktconsultatie hiervoor een advies uitgebracht. In de loop van tijd zijn er handvatten en criteria aan verbonden waardoor ook opdrachtgevers anders dan de overheid en aanbieders makkelijker aan de slag kunnen.

Maar er is veel kritiek vanuit het bedrijfsleven dat dit niet tot de gewenste innovaties leidt. Standaard bestekken en gunnen op de laagste prijs zijn nog steeds realiteit.

Aanbestedende diensten zijn verplicht om EMVI criteria te hanteren, tenzij gemotiveerd kan worden waarom het niet bij de specifieke opdracht past. Binnen EMVI wordt duurzaamheid zelden gevraagd en vaak weegt het deel EMVI maar voor een klein percentage mee (bijvoorbeeld 5%, en is de rest toch gunnen op prijs). Er zijn weinig opdrachtgevers die over gaan naar Gunnen op waarde en zelfs dan is duurzaamheid in de criteria maar vertegenwoordigd met een klein percentage. Er valt dus nog een wereld te winnen!

Wat is duurzaam inkopen
Omdat duurzaam inkopen vanuit de overheid is geïntroduceerd wordt het over het algemeen in verbinding gebracht met duurzaam aanbesteden en geïnterpreteerd als het stellen van minimale duurzaamheidseisen aan de leverancier. Maar eigenlijk gaat het om meer. De Argumentenfabriek omschrijft ‘duurzaam inkopen’ als “Producten, bouwwerken en diensten aanschaffen die - nu en later - goed zijn voor de inkopende partij, mens én milieu.”

“Duurzaam inkopen wordt vaak geïnterpreteerd als het stellen van minimale duurzaamheidseisen aan de leverancier. […] Maar op deze manier is het niet goed mogelijk om leveranciers die beter presteren dan de gestelde minimumeisen een streepje voor te geven bij de beoordeling. Een oplossing hiervoor is het opnemen van duurzaamheidswensen in het gunningscriterium.” Bron: Best practices Duurzaam inkopen Waterschappen NL 2010

Nieuwe ontwikkelingen vinden plaats vanuit de toeleverende industrie, en de bouw kiest en combineert de deelproducten zo optimaal mogelijk. Er vindt echter weinig ontwikkeling plaats vanuit de bouw zelf. Hier liggen dus kansen ook in relatie tot het aanbieden van duurzaamheid.