0

1 Inleiding

1 Inleiding

1.1 Aanleiding van het project

De investering in de ontwikkeling en realisatie van een bouwwerk vormt een beperkt aandeel in de ‘Total Costs of Ownership’ van dat bouwwerk. Beheer, onderhoud, toekomstige aanpassingen van bouwwerken en uiteindelijk de sloop ervan omvatten veruit de grootste kostenpost: het belang van asset management is daarmee nadrukkelijk onderkend. Het is dan ook essentieel dat betrouwbare en verifieerbare informatie over het gedrag van bouwwerken, constructies, bouwdelen etc. voorhanden is. Hiermee kan het asset management efficiënt en effectief worden uitgevoerd. Innovatieve ICT, bijvoorbeeld in de vorm van sensoren, Radio Frequency Identification (RFID) en datamanagement, kan bij het verkrijgen en interpreteren van die informatie een prominente rol spelen.

De CUR Preadviescommissie C171-1 ‘Intelligente constructies met ICT’ [2] is nagegaan hoe je o.a. sensortechnologie in combinatie met ICT in de bouw kunt implementeren. . Het doel is betrouwbaar inzicht te krijgen in het verloop van het gedrag van constructies die bloot staan aan diverse soorten invloeden. Denk bijvoorbeeld aan belastingen, corrosie en temperatuurverschillen. Wanneer op basis van de aldus verkregen informatie daartoe aanleiding is, kun je tijdig handelen c.q. ingrijpen. En voor onderhoud geldt dat je dit kunt uitvoeren op momenten, die je beter kunt relateren aan de conditie van het bouwwerk.

1.2 Scope en doel

De scope van het project is de beheer- en onderhoudsfase van civieltechnische toepassingen. De betrokken SBRCURnet-commissie wil een methodiek opstellen om beheer- en onderhoudsvraagstukken van bouwwerken beter op te kunnen lossen, ondersteund door een meetsysteem. Uit deze methodiek volgt een mogelijke beheermaatregel. Subdoel is het in kaart te brengen van beheer- en onderhoudsvraagstukken die leven bij beheerders van civieltechnische kunstwerken. Vraagstukken die met behulp van monitoringstechnieken effectiever en efficiënter uitgewerkt kunnen worden.

1.3 Aanpak

De gevolgde aanpak bestaat uit drie stappen:

  1. Inventarisatie van de vraagkant. Welke informatie is nodig om het beheer- en onderhoudsproces beter te laten verlopen en betere beslissingen te kunnen nemen? Wat loont, vanuit kostentechnisch oogpunt? Welke onderdelen van het bouwwerk zijn daarbij het meest relevant? Deze stap is uitgewerkt in hoofdstuk 2.
  2. Verder is de aanbodkant beschouwd. Welke methoden/sensortechnologieën/software zijn er vanuit de ICT toepasbaar op het monitoren van bouwwerken en infrastructurele objecten? Het resultaat van deze stap wordt beschreven in hoofdstuk 3.
  3. Hoofdstuk 4 laat met een methodiek zien hoe je beheer- en onderhoudsvraagstukken, zoals geïnventariseerd in stap 1, kunt oplossen. In hoofdstuk 5 wordt een aantal voorbeeldcases uitgewerkt aan de hand van de geformuleerde methodiek.

Tot slot zijn er in hoofdstuk 6 conclusies getrokken en aanbevelingen gedaan.