0

publicatie: Ankerpalen

Voorwoord

Voorwoord

In de grond gevormde ankerpalen worden in de Nederlandse bouwpraktijk veelvuldig en met succes toegepast. Bij het ontwerp en de uitvoering van deze ankerpalen komen steeds dezelfde vragen naar voren zoals, welk type ankerpaal is in bepaalde locale condities nu wel of niet geschikt, hoe kan men de grondmechanische draagkracht en axiale veerstijfheid bepalen, hoe staat het met sterkte en duurzaamheid van het ankerstaal, wat zijn geschikte beproevingsmethoden voor ankerpalen, etc.. Specifieke ontwerpregels en eisen ten aanzien van de kwaliteitsborging zijn er voor ankerpalen eigenlijk niet. Er wordt daarom vaak gebruik gemaakt van beschikbare normen en aanbevelingen voor druk- en/of trekpalen enerzijds en voor (grout)ankers anderzijds. Echter, deze normen en aanbevelingen zijn voor deze specifieke toepassing niet altijd geschikt. Ankerpalen zijn tenslotte wat meer bijzondere palen of ankers, het is maar net hoe je het bekijkt. De uitvoeringsgevoeligheid van ankerpalen in combinatie met het feit dat slechts een relatief klein aantal ter verificatie wordt beproefd, vraagt in ieder geval om een andere veiligheidsfilosofie, ontwerpgrondslagen en kwaliteitsborging dan bij palen en/of ankers het geval is.
Deze situatie heeft ertoe geleid dat in 2006 CUR-commissie C152 “Ontwerprichtlijn voor niet-geheide verankeringsystemen onder onderwaterbetonvloeren” is ingesteld, met als doel een publicatie met duidelijke ontwerprichtlijnen tot stand te brengen. Aanvankelijk zijn daarbij met name ankerpalen beschouwd die als trekelementen onder onderwaterbetonvloeren worden toegepast, maar gaandeweg is duidelijk geworden dat deze nieuwe richtlijn ook gebruikt kan worden voor een bredere toepassing van in de grond gemaakte ankerpalen, dus bijvoorbeeld ook bij toepassing in funderingsversterkingen of als paalfundering, etc. De titel van de richtlijn is om die reden kortweg “Ankerpalen” geworden.
Getracht is een zo compleet mogelijke bundeling van rekenregels en aanbevelingen te verkrijgen, maar bij gebruik van deze eerste druk van de richtlijn zullen waarschijnlijk weer nieuwe vragen naar voren komen. De praktijkervaringen zullen de komende drie jaar daarom worden verzameld. Gebruikers van deze richtlijn wordt daarom uitdrukkelijk verzocht hun ervaringen te melden bij CUR Bouw & infra. Waar nodig zal deze eerste druk van de richtlijn dan worden aangepast en verder verbeterd.
Dit neemt niet weg dat de commissie het volste vertrouwen heeft in deze nieuwe richtlijn. De spelregels voor ankerpalen zijn eenduidig, helder en praktisch geworden, waarmee het veiligheids- en kwaliteitsniveau van ankerpalen op een hoger niveau is gekomen.
De publicatie is primair bedoeld voor ontwerpers en aannemers, waarbij vermeld moet worden dat ook voor de opdrachtgever een belangrijke rol is weggelegd. Laatst genoemde zal met name zijn eisen ten aanzien van duurzaamheid en kwaliteitsborging (beproevingen en uitvoeringscontrole) moeten aangeven.

Bij het verschijnen van deze publicatie was de samenstelling van CUR-commissie C152 als volgt:
ir. E.J. Aukema, voorzitter Rijkswaterstaat Dienst Infrastructuur
ir. A.C. Vriend, secretaris, rapporteur Acécon adviesbureau voor funderingstechnieken bv
ir. R.C. van Dee Strukton Engineering bv
ing. P.G. van Duijnen Movares Nederland bv
ing. H.J. Everts TU Delft
ing. D.G. Goeman CRUX Engineering BV
ir. D.P. Heikoop Gebr. Van Leeuwen Harmelen
ing. C. Huisman BAM Infraconsult
ir. H.L. Jansen Fugro Geo Services B.V.
ing. E. de Jong VWS Geotechniek
ir. J. de Jongh Breijn
J.F. Karsten JLD International
ir. H.J. Lengkeek TEC
ir. M.S.J. Niese DHV
ing. J.W. Oome De Vries Titan Verankeringen en Funderings-technieken b.v.
ing. A.T.P. Opstal Ingenieursbureau Gemeentewerken Rotterdam
ir. J. Oudhof Ballast Nedam Engineering
ir. M.G.J.M. Peters Grontmij Nederland B.V.
ir. C.P. Schouten ARCADIS Nederland BV
J.A.P. Snoeren, corresponderend lid Ingenieursbureau Den Haag
ir. A. Verweij Deltares
ing. R. van der Voorden Jetmix Funderingstechniek B.V.
dr. ir. V.J. de Waal Walinco Funderingstechniek
ing. E.P.J. de Winter TEC
ing. A. Jonker, coördinator CUR Bouw & Infra
De volgende personen maakten eerder deel uit van de commissie en zijn thans bij de volgende organisaties werkzaam:
ing. R. Albada Jelgersma namens DHV
ir. S. Azzouzi namens Deltares
E. Bruijn MSc Witteveen + Bos Raadgevend Ingenieurs
ir. J.H. van Dalen namens Ingenieursbureau Gemeentewerken Rotterdam
ing. P.H. Langhorst BAM Grondtechniek
ir. G. Meinhardt namens Arcadis en namens VWS Geotechniek
ing. R.S. Nehal MSc namens Strukton Engineering bv
prof. ir. A.F. van Tol TU Delft
ing. H. van de Woestijne De Vries Titan Verankeringen en Funderings-technieken b.v.
ir. A. Zeilmaker namens Rijkswaterstaat Dienst infrastructuur

De redactie van deze richtlijn is verzorgd door ir. A.C. Vriend (Acécon adviesbureau voor funderingstechnieken bv).

Voor de realisatie van deze eerste uitgave werden financiële bijdragen ontvangen van:
- Acécon adviesbureau voor funderingstechnieken bv
- Arcadis Nederland BV
- Ballast Nedam Infra B.V.
- BAM Infraconsult bv
- CRUX Engineering BV
- De Vries Titan Verankeringen en Funderingstechnieken b.v.
- Deltares
- DHV BV
- FCO GWW
- Fugro Geo Services B.V.
- Gemeente Den Haag
- Gemeentewerken Rotterdam
- Grontmij Nederland B.V.
- Heijmans infrastructuur BV
- Ingenieursbureau Harmelen B.V.
- Jetmix Funderingstechniek B.V.
- JLD International b.v.
- Movares Nederland bv
- Rijkswaterstaat Dienst Infrastructuur
- Strukton Engineering bv.
- TEC Tunnel Engineering Consultants
- TU Delft Fac. Civiele Techniek - VWS Geotechniek
- Walinco Funderingstechniek

CURNET spreekt haar dank uit aan deze instanties, alsmede aan de leden van de commissie, die met veel inzet en enthousiasme hebben samengewerkt aan de realisatie van deze eerste uitgave.

november 2011 Het bestuur van CURNET