0

publicatie: Levensduur van bouwproducten

1 Inleiding

1 Inleiding

Betrouwbare gegevens over de levensduur van bouwdelen en bouwproducten zijn van cruciaal belang voor onder meer eigenaars en beheerders van gebouwen, ontwerpers en adviseurs, leveranciers van bouwproducten en het bouwonderwijs. Levensduurdata zijn van grote betekenis voor de keuze van juiste materialen en constructies voor de beoogde levensduur van een gebouw en daaraan gerelateerd de levensduurkosten en levenscyclusanalyse, en voor het opstellen van meerjarenonderhoudsplanningen van (bestaand) vastgoed. Dit zijn stuk voor stuk belangrijke besluitvormingsmomenten in de bouw, die het belang van het verzamelen van goede data benadrukken.

Voor deze toepassingen en om elkaar goed te kunnen verstaan, is het gebruik van een uniforme catalogus met betrouwbare referentielevensduren van veel toegepaste bouwproducten, die op een systematische wijze zijn vastgelegd, gewenst. Het belang daarbij is om tevens aan te sluiten bij de data uit de Nationale Milieudatabase van SBK. Deze publicatie voorziet daarin.
Het gebrek aan referentielevensduren was in de jaren '90 van de vorige eeuw de aanleiding voor SBR om een publicatie op te stellen die de levensduur van veel toegepaste bouwproducten bevatte. Experts hebben destijds bepaald welke gemiddelde technische levensduur hoort bij een bouwproduct of bouwdeel-materiaalcombinatie. Daarnaast geven leveranciers van bouwproducten soms bekendheid aan de door hen verwachte of verzekerde levensduur van hun producten, op basis van onder meer duurtesten, versnelde verouderingsproeven of observaties door de jaren heen. De testomstandigheden zijn vaak niet of nauwelijks bekend.
In 2010 is SBR gestart met een onderbouwing voor een herziening van de levensduurcatalogus. Onderzocht is hoe de internationale gestandaardiseerde 'factormethode' (ISO 15686) in Nederland kan worden toegepast om een bandbreedte in plaats van een gemiddelde waarde van de levensduur van bouwproducten te verkrijgen. Daarnaast is onderzocht of de in de SBR-publicatie uit 1995 en 1998 vastgelegde bouwproducten en levensduren de praktijk nog weerspiegelen. De lijst met bouwproducten is aangepast en ook de levensduren zijn aangepast aan nieuwe praktijkinzichten.

Deze herziening is geen eenmalige uitgave, maar de eerste stap tot een permanente beschikbaarheid van referentielevensduren van veel toegepaste bouwproducten. Tevens geeft de publicatie inzicht in standaardsituaties en criteria, om te komen tot geschatte levensduren van bouwproducten in projectspecifieke omstandigheden.

Deze publicatie spreekt expliciet over bouwproducten. Dit zijn samengestelde onderdelen, opgebouwd uit een aantal basismaterialen en zodanig gedetailleerd, samengebracht en beschermd dat ze voldoen aan de vereiste prestaties. Omdat de bouwproducten zijn toegepast in bouwconstructies, wordt ook wel gesproken van bouwdeel-materiaalcombinaties.

In de publicatie gaat het om de technische levensduur van deze bouwproducten; dat is de periode tussen het moment van oplevering van een bouwproduct en het moment waarop dit niet meer voldoende betrouwbaar de (oorspronkelijke) vereiste prestaties kan leveren. De technische levensduur van een bouwproduct kan (sterk) verschillen van de functionele levensduur van het bouwproduct en van de economische levensduur hiervan, en van het gebouw waarin het is toegepast.

1.1 Toepassingen

Het is van belang om de levensduur van bouwproducten te kennen. Voor het maken van een meerjarenonderhoudsplanning, een kostencalculatie of een levenscyclusanalyse bijvoorbeeld, maar ook voor het (her)ontwerpen en uitwerken van gebouwen met als doel het realiseren van duurzame gebouwen met lage levensduurkosten. Voor het opstellen van een betrouwbare meerjarenonderhoudsplanning is het van belang om de technische levensduur van bouwproducten te kennen. Indien vervangingscycli bekend zijn, kunnen werkzaamheden in de tijd een plek krijgen, of kan de nodige financiële reservering worden gemaakt. Steeds meer wordt gevraagd om expliciete levensduurinformatie die geschikt is voor levensduurkostenberekeningen (Life Cycle Costing (LCC)) of levenscyclusanalyses ((environmental) Life Cycle Assessment (LCA)). Het eerste om de financiële risico's van de toepassing van bepaalde bouwproducten goed te kunnen afwegen in de tijd, het tweede om de effecten voor het milieu in de tijd inzichtelijk te maken. Dit geldt zowel bij het ontwerpen van nieuwe gebouwen als bij het herontwerp van bestaande bouw. De betrouwbaarheid van deze afwegingen valt of staat met juiste referentielevensduren van bouwproducten.
De levensduurkosten (in het Engels Life Cycle Costs, afgekort LCC) zijn de totale kosten van definitie, ontwerp, bouw, exploitatie en sloop of afstoting van een bouwwerk. Dit principe wordt meer en meer toegepast bij het vergelijken van nieuwbouwvarianten, maar kan natuurlijk ook worden toegepast bij renovatie. Ook in het renovatieontwerp worden onomkeerbare beslissingen genomen met grote gevolgen voor de kosten in de gebruiksfase voor bijvoorbeeld energie, schoonmaak en onderhoud. Deze kosten kan men bij het vergelijken van alternatieven inzichtelijk maken.

Met milieubelasting wordt een verzameling van ongewenste milieueffecten bedoeld. Omdat milieubelasting niet in één getal is uit te drukken, wordt ook wel gesproken van het milieuprofiel van een bouwproduct, waarin de bijdragen aan verschillende milieueffecten worden weergegeven. Levenscyclusanalyse (LCA) kan worden gebruikt om de bijdrage van producten of activiteiten aan milieuproblemen te kwantificeren. Het gaat dan vaak om de volgende milieueffecten: uitputting van abiotische grondstoffen, broeikaseffect, ozonlaagaantasting, smogvorming, humane toxiciteit, ecotoxiciteit voor het waterecosysteem, terrestrische ecotoxiciteit (toxiciteit voor het bodemecosysteem), verzuring en vermesting.

Betrouwbare levensduurinformatie van bouwdelen en materialen is dus van cruciaal belang voor het bepalen van levensduurkosten van te nemen maatregelen, de milieueffecten die deze maatregelen met zich meebrengen, de terugverdientijd, de energetische terugverdientijd en de milieuterugverdientijd.

1.2 Leeswijzer

Hoofdstuk 2 van deze publicatie geeft levensduurdata van een groot aantal bouwproducten die zijn toegepast in bouwconstructies.
Hoofdstuk 3 van deze publicatie beschrijft de praktische toepassing van de internationaal afgesproken standaard 'factormethode'. Het geeft een beeld van de verschillende factoren en criteria die de technische levensduur beïnvloeden.
Hoofdstuk 4 geeft de onderzoeksverantwoording.