0

publicatie: Gevelreiniging

1 Vervuiling van gevels

1 Vervuiling van gevels

1.1 Waarom reinigen we gevels?

Reinigen betekent (van Dale): "Ontdoen van aan de oppervlakte hechtend vuil of andere ongewenste stoffen." Als het om de persoonlijke verzorging of om kleding gaat beschouwen we reinigen of wassen als normaal en noodzakelijk. Bij gevels van gebouwen is dat niet zo: die beslissing is genuanceerder en ook gecompliceerder. Dat zal duidelijk worden uit het hier voorliggende deel van de publicatie.

Waarom reinigen we gevels? Waarom willen we ze weer 'als nieuw' doen lijken? Uit een (soms verdrongen) besef van properheid wellicht. Om de waarde van het gebouw in het economische proces te verhogen. Of misschien wel om beter te kunnen onderscheiden wat anders verborgen blijft. Of om (vervolg)schade aan de gevelmaterialen te voorkomen. Alle antwoorden zijn mogelijk en het hangt vaak van het gebouw af welk van de antwoorden valide is. Zo zal het antwoord veelal anders zijn indien het een modern hightech gebouw betreft dan voor een eeuwenoud monument. Van Bommel (2005) stelt dat gevelreiniging met zijn verschillende chemische en mechanische technieken zoals we die nu kennen, pas uit het laatste kwart van de 20ste eeuw stamt.

Reinigen betekent iets dat vuil is (geworden), dat vervuild is, weer schoonmaken. Bij gevelreinigen gaat het dus om het weer schoonmaken van een in de loop der jaren c.q. door de tand des tijds vuil geworden gevel. Wanneer we ons afvragen wat die gevel dan vuil kan maken komen we bijna automatisch als eerste op atmosferische vervuiling, zeker nu de discussie in Nederland rond het stilleggen van bouwprojecten door fijn stof in de omgevingslucht hoog is opgelaaid.

Kunnen we een gevelreiniging vergelijken met een verjongingskuur of een cosmetische operatie door een plastisch chirurg? Ook al is de verleiding erg groot om bij bepaalde gebouwen die vergelijking te maken, en gebeurt dat ook regelmatig, toch gaat het bij bouwen om door de mens uitgevoerde activiteiten, door de mens ontworpen gebouwen en gevels, veelal met een bepaalde en bedoelde expressie. Een expressie die door vervuiling behoorlijk teniet kan worden gedaan.

Zeker wanneer de vervuiling te maken heeft met een slechte detaillering, die vaak gepaard gaat met lokale vervuiling, kan er sprake zijn van een indruk van verslonzing en achteruitgang (Fig. 1.1).

Fig. 1.1
Vervuiling en bealging direct gerelateerd aan de detaillering van de gevel.

Hetzelfde geldt voor andere vormen van ongewilde 'gevelvervuiling', die losstaan van de atmosferische stofdeeltjes, zoals het geval is bij graffiti. Naast atmosferisch stof en graffiti kunnen ook de groei van biologische organismen, zoals algen en mossen, en de vooral bij nieuwbouw optredende witte uitslag als vormen van gevelvervuiling worden beschouwd. Hieruit mag duidelijk worden dat we gevelvervuiling ruim interpreteren en dat gevelreiniging op een nog breder scala van op een gevel aanwezige zaken betrekking kan hebben.

1.2 Waardoor vervuilen gevels?

Naast het noemen van de soorten 'vervuiling' is het van belang ook de bron van de vervuiling alsmede de condities of bevorderende omstandigheden goed te kennen. Die zijn namelijk essentieel wanneer het gaat om het voorkomen en bestrijden van vervuiling. Bronnen van vervuiling zijn o.a. de eerdergenoemde atmosfeer (of preciezer de industrie en het verkeer die stof en roet uitstoten) en de verf van de graffiteur; bevorderende omstandigheden kunnen detaillering of bepaalde materiaaleigenschappen zijn. Bij detaillering gaat het behalve om raamdorpels, ook om bijvoorbeeld dakranden en de grootte van dakoverstekken.

Bij de materiaaleigenschappen kunnen we denken aan het gemak waarmee vuil blijft hechten aan het steenoppervlak en aan de reactiviteit van de steen met vervuilingscomponenten: zo zullen met name kalkstenen die aan een zwavel en roet bevattende atmosfeer zijn blootgesteld door een chemische reactie, de bekende gipskorsten vertonen (Fig. 1.2), die overigens zwart worden door de erin opgesloten roetdeeltjes. Bij bealging (Fig. 1.3, 1.4) gaat het vooral om materiaaleigenschappen, zoals blijkt uit het feit dat niet alle materialen onder dezelfde omstandigheden even erg bealgen.

Fig. 1.2
Zwarte gipskorsten op kalksteen.

Fig. 1.3
Bealgde gevels. De getoonde aantasting draagt in belang-rijke mate bij aan een gevoelsmatig negatieve indruk van het totaal.

Fig. 1.4
Bealging op metselwerk als gevolg van het achterblijven van restanten van een reinigingsmiddel, in dit geval fosforzuur. Om de bealging weer te verwijderen is een reinigingsproefvlak gemaakt.

Bij de zwarte korsten is dus de materiaalsamenstelling (kalk) essentieel, bij bealging gaat het vooral om de microporeuze eigenschappen en bij de boven genoemde witte uitbloei (Fig. 1.5, 1.6) om een combinatie van materiaalsamenstelling, soort poriën en soms uitvoeringscondities.

Fig. 1.5
Witte uitbloei op gevels in betonsteen.

Fig. 1.6
Witte uitbloei op gevels in baksteen.

1.3 De tijdgeest

In de loop van de tijd blijkt de mening over gevelreiniging aan verandering onderhevig te zijn geweest. Dit laatste komt vooral tot uiting daar waar we te maken hebben met monumenten of andere belangrijke gebouwen. Waar tot voor kort alleen in geval van technische noodzaak reinigen aan de orde kon komen, wordt er geleidelijk aan iets genuanceerder gedacht over het reinigen van monumenten. We spreken van een technische noodzaak indien het achterwege laten van reiniging zou leiden tot een versnelde aantasting van het bouwmateriaal en daaropvolgend materiaalverlies (Fig. 1.7). In dergelijke gevallen was reinigen ook in de monumentenzorg geaccepteerd.

Fig. 1.7
Loslatende gipskorst, met risico op toename van materiaalverlies.

Gevelvervuiling is in de sfeer van het cultureel erfgoed, mede onder invloed van internationale overeenkomsten zoals die van Venetië (Venice 1964), gezien als een natuurlijk proces van veroudering en deels verval, waar het gebouw of de gevel alleen maar interessanter door wordt. Het is daarom dan ook niet vreemd dat gevelreiniging in dit verband wordt beschouwd als een ingreep die valt onder de Monumentenwet. Van Bommel (2005) stelt dat er drie perspectieven zijn, die aan de orde dienen te komen bij de beslissing een monument wel of niet te reinigen: het ethische, het esthetische en het technische perspectief. Hij concludeert uiteindelijk dat een monumentale gevel wel een zekere mate van vergrijzing mag vertonen (dat is zelfs bevorderlijk voor de appreciatie); die gevel mag echter nooit een verwaarloosde indruk maken.

In een nog wat breder perspectief dan monumenten kan reinigen ook gezien worden als noodzakelijk om een gebouw of woning zijn (economische) waarde te laten behouden en soms zelfs als een sociaalmaatschappelijke noodzaak. De verkoopprijs van aanpalende gereinigde en niet gereinigde woningen zal ongetwijfeld verschillen (Fig. 1.8).

Fig. 1.8
Woningen in kalkzandsteen. Gereinigd en niet gereinigd naast elkaar.

Ook blijkt dat er in zekere perioden maatschappelijk een positievere houding bestaat tegenover het reinigen. Zo is decennialang het reinigen van zandsteen in monumenten verworpen op basis van restauratie-ethische overwegingen en gold als uitgangspunt dat, zolang niet was aangetoond dat het wegnemen van de zwartverkleuring ook een technische noodzaak had, reinigen niet was toegestaan. Langzamerhand is dat standpunt gewijzigd naar het uitgangspunt dat door het reinigen geen schade aan de steen zou mogen ontstaan en is momenteel de publieke opinie zover dat het reinigen getolereerd en soms zelfs gewild en gestimuleerd wordt. Bijzonder is dat dit samengaat met de opkomst van een (althans waar het gaat om het behandelen van hele gevelvlakken) nieuwe techniek van reinigen, namelijk de laserreiniging (Fig. 1.9).

Fig. 1.9
Voorgevel van het stadhuis van Rotterdam, gereinigd m.b.v. laser.

In sommige gevallen kan er sprake zijn van een sociale noodzaak. Het in fig. 1.3 gegeven voorbeeld met bealging toont een situatie die kan leiden tot andere vormen van verslonzing in de omgeving, vervolgens tot onverhuurbare woningen en ten slotte tot de sociale achteruitgang van een wijk. Een soortgelijke situatie kan zich voordoen bij graffiti, waardoor een gevoel van sociale onveiligheid kan worden opgewekt (Fig. 1.10 en 1.11). Het gevoel van sociale onveiligheid wordt maatschappelijk gezien in groeiende mate onwenselijk geacht. Daarom wordt dit soort 'gevelvervuiling' steeds vaker meteen bestreden (reinigen) en deels preventief aangepakt door middel van aan te brengen antigraffiticoatings. In beide getoonde situaties kan reinigen als een sociale noodzaak worden omschreven en als belangrijk uit het oogpunt van het bestrijden van gevoelens van onveiligheid.

Fig. 1.10
Graffiti op tuinmuren en gevels: in hoge mate onwenselijk.

Fig. 1.11
Spoortunnel met graffiti en andere vormen van vervuiling. Een typische situatie, die bijdraagt aan gevoelens van onveiligheid.

1.4 De risico's van het reinigen

Het reinigen van gevels is zeker niet zonder risico's. Door het reinigen kan direct of indirect schade ontstaan aan de gevel of aan gevelmaterialen. Bekend zijn het te grondig of met te harde middelen stralen (Fig. 1.12). Materiaalverlies is daarbij de meest voor de hand liggende vorm van schade; ook verlies van oppervlaktebewerkingen kan optreden (Fig. 1.13).

Fig. 1.12
Baksteen met 'sinaasappelhuid' na het verwijderen van een antigraffiticoating d.m.v. stralen.

Fig. 1.13
Links een door zure regen aangetast kalksteenoppervlak. Rechts het begin van de vorming van een zwarte korst; initieel gaat dit proces minder snel dan de zureregenaantasting; reiniging zou in dit stadium weliswaar voor een wit oppervlak zorgen, maar ook de nu nog zichtbare bewerking van de steen definitief verwijderen.

Bij gevelreiniging dient ook terdege rekening te worden gehouden met de toestand van onderdelen van de gevel die juist niet gereinigd dienen te worden. Een goede opname en vastlegging van de toestand kan voor alle betrokken partijen (eigenaar, beheerder en reiniger) van belang zijn om later discussies te voorkomen.

Ten slotte is er nog een risico: na het reinigen kan blijken dat onder een vervuilde natuursteengevel verschillend gekleurde partijen natuursteen schuilgingen (Fig. 1.14).

Fig. 1.14
Detail van een zandstenen gevel na reiniging. Onder de vervuiling van de gevel kwamen twee verschillende tinten van de natuursteen vandaan.

Een van de mogelijkheden om op een verstandige manier tot een passende reinigingstechniek te komen is het gebruik van proefvlakken. In veel gevallen is het mogelijk proefvlakken van verschillende reinigingstechnieken en producten op te zetten. Op basis van de proefvlakken kan vooraf het effect van reiniging zowel esthetisch als in termen van eventuele schade beoordeeld worden, en kan duidelijk worden afgesproken welke techniek en soms welke intensiteit van behandeling zal worden gekozen.

1.5 De gevelreinigers

"Gevelonderhoud, gevelreiniging, impregneren, voegen, graffiti verwijderen behoren tot onze werkzaamheden", zo zien de advertenties op internet eruit. Hieruit komt al naar voren dat de reinigingsbranche probeert duidelijk te maken dat het vaak niet bij gevelreiniging alleen zal blijven, tenminste niet wanneer het aan hen ligt. Behalve hydrofoberen zitten ook voegwerk en voegherstel vaak in het programma. Dat is niet voor niets, want vaak gaat het 'goed' schoonmaken gepaard met (te) veel geweld, waardoor de zwakste schakel in de gevel, de voeg, het niet overleeft. Dat ook sterker geachte onderdelen zoals de baksteen er niet altijd zonder kleerscheuren van afkomen, toonde fig. 1.12 al. Ook het reinigen met bepaalde cementsluierverwijderaars, die verbindingen achterlaten die in een later stadium algen doen groeien, of het met verkeerde chemische producten verwijderen van graffiti zijn risicovolle bezigheden. Bepaalde soorten graffiti kunnen bij verkeerde behandeling met chemische reinigingsmiddelen dieper in het materiaal dringen en daarbij tot onherstelbare situaties leiden. Kortom, bij de beslissing tot reinigen mogen we niet over een nacht ijs gaan.

Ten slotte kunnen de reinigingsmiddelen en -methoden behalve risico's voor de materialen zeker ook risico's voor de gebruikers en de omgeving hebben.

Samengevat zijn redenen voor het reinigen van gevels:

  • vuil geworden gevels schoonmaken;
  • het verwijderen van graffiti;
  • het verwijderen van antigraffiticoatings of gevelverven;
  • verdergaande ingrepen, waarbij bijvoorbeeld gipskorsten worden verwijderd van kalksteen; dit gaat noodzakelijkerwijs gepaard met materiaalverlies.