0

publicatie: Handboek Bouwen met kalkhennep

1. Introductie

1. Introductie

Van alle menselijke activiteiten heeft bouwen, voor woon-, commerciële en infrastructurele doeleinden, één van de grootste inwerkingen op het milieu. Productie, (her)gebruik, sloop en renovatie hebben een grote impact op het totale, wereldwijde energiegebruik, de uitstoot van koolstofdioxide (CO2) en andere broeikasgassen, schadelijke stoffen en het delven van eindige grondstoffen. In de (wereldwijde) klimaatdoelstellingen is afgesproken om de milieubelasting van bouwen en gebouwen terug te dringen.

Productie, vervoer en verwerking van bouwmaterialen leiden tot een groot gebruik van fossiele brandstoffen en vaak onherstelbare aantasting van het aardoppervlak. Wanneer na de initiële gebruiksfase een gebouw wordt gesloopt en conventionele bouwmaterialen worden hergebruikt, leidt dat vaak tot afval, downcycling (teruggang in kwaliteit) en extra energiegebruik.
Daarnaast wordt in de gebruiksfase van gebouwen veel energie gebruikt voor verwarming, koeling, warmwaterproductie, verlichting en gebruik van allerlei apparatuur.

De huidige, gangbare manier om op dit duurzaamheidsvraagstuk in te spelen is door het toepassen van extra isolatie in gebouwen (waarbij veelal conventionele materialen worden gebruikt), het efficiënter maken van bestaande technologische toepassingen en het ontwikkelen van hoogtechnologische innovaties. De nadruk ligt daarbij vooral op de energiebesparing in de gebruiksfase. Uiteraard is dat een stap in de goede richting, maar om dit duurzaamheidsvraagstuk verder aan te pakken is ook een reductie nodig van het gebruik van milieuonvriendelijke materialen. Een innovatieve manier om dit te doen is het toepassen van materialen en methodieken die anders van aard zijn en een andere plaats innemen in ecologische kringlopen en economische systemen. Kalkhennep is zo’n innovatief bouwmateriaal. Het bestaat uit een combinatie van de houtachtige delen (hennepscheven genaamd) van de stengel van de industriële hennepplant (vezelhennep) en een kalkmix gebaseerd op luchtkalk.

Er wordt onderscheid gemaakt tussen vezelhennep (cannabis sativa subsp. sativa), en gebruikershennep (cannabis sativa subsp. indica) [1].
De vezelhennep bevat minder dan 0,3% van de psychoactieve stop tetrahydrocannabinol (THC), heeft daarom geen psychoactieve werking en mag legaal geteeld worden. Alle onderdelen van de plant, dat zijn de vezels, de scheven en de zaden, kunnen worden gebruikt voor industriële doeleinden.
De gebruikershennep bevat meer dan 0,3% THC, heeft psychoactieve werking en de teelt is illegaal. Alleen de bloemtoppen van de plant worden gebruikt voor consumptieve doeleinden.

Kalkhennep is een bouwmateriaal dat sinds de jaren ’90 van de vorige eeuw wordt gebruikt in Frankrijk, en vanaf het begin van deze eeuw ook in Groot-Brittannië. Er zijn reeds vele woningen en gebouwen gebouwd met dit innovatieve bouwmateriaal, en er is wetenschappelijk onderzoek verricht naar de materiaaleigenschappen van kalkhennep.

Omdat de techniek al lang bekend is, laagdrempelig in toepassing is én lijkt op bestaande bouwtechnieken, is het verleidelijk het bouwen met kalkhennep naar eigen inzicht in de praktijk te brengen.
Het is echter van groot belang om de specifieke onderliggende concepten, eigenschappen en achtergrondinformatie te leren begrijpen. Met dit begrip zullen in de bouwvoorbereiding en -uitvoering de juiste keuzes gemaakt kunnen worden, opdat de kwaliteiten van het bouwmateriaal kalkhennep optimaal worden ingezet.
Dit basishandboek is met deze intentie opgezet.

1.1. Waarom bouwen met kalkhennep?

De voordelen die bouwen met kalkhennep biedt zijn o.a.

  • het is een bio-composiet en, afhankelijk van de gekozen kalkmix, natuurlijk afbreekbaar/recyclebaar;
  • het bestaat grotendeels uit een landbouwkundig (bij)product, en heeft een lage milieubelasting;
  • het slaat CO2 op, vóór en tijdens het gebruik;
  • het vraagt weinig energie tijdens productie (lage “embodied energy”);
  • heeft een lange levensduur;
  • is “low-tech” en eenvoudig toepasbaar;
  • heeft veel verschillende toepassingen;
  • is licht van gewicht;
  • heeft goede thermische eigenschappen met laag energieverbruik;
  • is dampopen, werkt vochtregulerend en heeft vochtbufferende eigenschappen;
  • zorgt voor een comfortabel binnenklimaat;
  • is niet-toxisch;
  • is naadloos, krimpt nauwelijks en voorkomt koudebruggen;
  • is monolithisch en reduceert complexe bouwknopen;
  • is brandwerend;
  • heeft goede akoestische eigenschappen;
  • rot niet, schimmelt niet en is onaantrekkelijk voor ongedierte.

1.2. Milieuaspecten

Ingegeven de kritieke toestand van het klimaat, is er steeds meer aandacht voor de effecten van bouwactiviteiten op het milieu. Wil men de doelen die in het Parijse Klimaatakkoord van 2016 worden gesteld halen, dan zal de bouwsector daar op moeten anticiperen. Onderzoeksinstellingen, waaronder Climate Analytics, Ecofys en New Climate Institute, hebben berekend dat de bouwsector wereldwijd verantwoordelijk is voor 20% van de CO2-uitstoot [2]. Om de CO2-uitstoot te reduceren dient de milieubelasting, van menselijke activiteiten in het algemeen en de bouwsector in het bijzonder, zo klein mogelijk te worden gehouden.

Bouwactiviteiten worden dan ook steeds meer beoordeeld op hun effect op het milieu. Te denken valt aan uitstoot van CO2, bovenmatig energiegebruik, verbruik van eindige grondstoffen en schade aan het landschap. Dit effect kan worden verkleind door de uitstoot van CO2 en toxische stoffen terug te brengen en het gebruik van energie tijdens delving van grondstoffen, tijdens de productie van materialen, tijdens het bouwproces, in het gebruik van gebouwen en tijdens de afbraak van gebouwen, te minimaliseren.
Permanente schade aan het landschap door delving van grondstoffen, maar ook door het storten van bouwafval, dient zo veel mogelijk voorkomen dan wel beheerst te worden. Beheersing ook door het minimaliseren van afval en optimaliseren van hergebruik van materialen.
CO2-uitstoot en energieverbruik kunnen worden beperkt door het verminderen van transport ten behoeve van bouwactiviteiten en door productie- en bouwprocessen zo lokaal mogelijk op te zetten. Als genoemde processen in een levenscycluskringloop ondergebracht worden kunnen ze sturend zijn voor ecologische, economische kringlopen die op een groter schaalniveau plaatsvinden en invloed hebben op de maatschappelijke transitie naar een groene samenleving.

In Nederland is bij aanvraag van een omgevingsvergunning een milieuprestatieberekening vereist, waarin de milieubelasting van de gebruikte bouwmaterialen wordt berekend. De materiaalgebonden milieu-effecten worden bepaald door een levenscyclusanalyse (LCA, zie § 3.5.). Na jaren van ‘vrijblijvend’ ervaring opdoen met de Milieuprestatieberekening Gebouw (MPG), geldt vanaf 1 januari 2018 ook een eis: het resultaat moet voldoen aan de grenswaarde van €1,0 schaduwkosten per m2 bruto vloeroppervlak per jaar. In het algemeen: hoe lager de MPG, hoe milieuvriendelijker het materiaalgebruik.

Het Bouwbesluit eist dat een nieuw te bouwen gebouw energiezuinig is. Deze energiezuinigheid dient aangetoond te worden met een energieprestatiecoëfficiënt (EPC). Per 2021 moet, conform de Europese richtlijn EPBD, alle nieuwbouw bijna energieneutraal zijn (BENG), ofwel EPC bijna 0.

De mate van belasting van het milieu door de toepassing van kalkhennep in de bouw, wordt bepaald door die van de vezelhennep en die van kalk en water.
Hier volgt een korte uiteenzetting van de invloed van de kalkhennep bestanddelen op het milieu.

1.2.1 Hennep

Vezelhennep is overal en daarmee lokaal te telen. Daardoor kunnen de energielasten en CO2 uitstoot ten aanzien van transport laag gehouden worden en is het mogelijk om de impact op het milieu klein te houden.
De hennepplant is een bodemverbeteraar, geschikt voor wisselteelt en mede daardoor voor de agrariër aantrekkelijk om te verbouwen. Door de snelle groei, 3-4 maanden, zijn meestal geen onkruidbestrijdingsmiddelen nodig. Het is een sterk gewas en goed bestand tegen ziekten en plagen waardoor er weinig tot geen insecticiden nodig zijn. Ook dat er weinig tot geen bemesting nodig is, is positief vanuit landbouwkundig oogpunt. Minder gebruik van voorgenoemde middelen geeft, ten opzichte van veel andere, kwetsbare gewassen, tevens minder belasting op de volksgezondheid. Het gewas, en daar is de hennepplant niet uniek in, slaat door fotosynthese CO2 op tijdens de groei. Waar de plant wel uitzonderlijk in is, is dat bijna alle delen van de plant, vezels, scheven en zaad, hoogwaardig zijn te gebruiken. Bijvoorbeeld vezels voor de textielindustrie, scheven in de bouw en zaad (olie) in de farmaceutische industrie. Daarmee is het gewas breed- en grootschalig economisch inzetbaar.

1.2.2 Kalk

De winning van kalk in steengroeves heeft onomkeerbare gevolgen voor het landschap (dit geldt niet voor schelpenkalk). Hoewel nu in overvloed aanwezig, is de grondstof eindig en niet hernieuwbaar. Kalk is niet overal aanwezig, dus niet lokaal verkrijgbaar.
Transport over grotere afstand is dus onontkoombaar. Het noodzakelijke transport dient dan ook op een zo min mogelijk milieubelastende manier te gebeuren, bijv. over water. Ook heeft de productie van de kalk een negatieve invloed. Bij de productie van kalk is veel energie nodig, bovendien komt bij het productieproces CO2 vrij. Ongeveer de helft van deze CO2 wordt door de kalk echter bij de uitharding én tijdens de gebruiksfase van de kalkhennep wel weer aan het materiaal gebonden.

Water dat wordt toegevoegd moet zuiver zijn en derhalve wordt daar drinkwater voor gebruikt. Vrijwel al het toegevoegde water verdampt in het drogingsproces van de kalkhennep. Dat betekent bijvoorbeeld dat er geen vervuild water wordt geloosd.

De invloed van het gebruik van de vezelhennepplant op het milieu is positief. Het gebruik van kalk in het bouwmateriaal is in dat opzicht minder positief. Als je beide invloeden tegen elkaar afweegt kun je stellen dat de grote positieve invloed van de plant door de essentiële component kalk wordt verminderd.
Een landbouwgewas gebruiken als bouwmateriaal is vanuit ecologisch perspectief een stap in de goede richting voor de bouw. Biobased bouwen, een manier van bouwen die op de natuur gebaseerd is, wordt met het gebruik van de vezelhennepplant op een oorspronkelijke manier vertegenwoordigd.

Toepassing van kalkhennep in de bouw garandeert een lange levensduur. Het bouwmateriaal blijft zijn kwaliteiten behouden als enkele eenvoudige toepassingsvoorschriften gerespecteerd worden (zie hoofdstuk 5). Bovendien is het bij beschadiging makkelijk te herstellen. De noodzaak om een kalkhennep gebouw vroegtijdig te slopen wordt alleen ingegeven door veranderende gebruikerswensen van het gebouw.
Op voorwaarde dat tijdens de productie geen onnatuurlijke, niet door de natuur af te breken grondstoffen worden toegevoegd, is kalkhennep volledig te composteren. Op deze manier kan het een biologische kringloop vormen. Bovendien bestaat het voor een belangrijk deel uit biomassa en kan het bouwmateriaal deel uitmaken van een biobased economy, d.w.z. een economie die gebaseerd is op biomassa als grondstof.

1.3. Toepassingsgebieden

Kalkhennep kan toegepast worden op elk bouwkundig toepassingsgebied, nieuwbouw, verbouw, renovatie en restauratie. Met de diverse toepassingsmethoden, in het werk gestort, blokken, prefab en spuiten, is het mogelijk voor elke gebouwfunctie de beste keuze te maken. Kalkhennep kan worden toegepast in woningen, kantoren en utiliteitsgebouwen.

De eerste moderne kalkhenneptoepassingen vonden in het laatste deel van de 20e eeuw plaats in Frankrijk, waar het materiaal gebruikt werd om er oude kastelen mee te renoveren en isoleren. Aan de dikke stenen muren werd aan de binnenkant een laag kalkhennep verankerd.
De toepassing van kalkhennep als isolatiemateriaal zorgde er voor dat er bij potentiële koudebruggen geen vochtproblemen ontstonden. En de kierdichte verwerking droeg bij aan een goede thermische isolatie.

De vochtregulerende en isolerende kwaliteit maakt kalkhennep een effectieve oplossing voor de restauratie van (historische) objecten, veelal monumenten, waarbij het oorspronkelijke uiterlijk aan de buitenzijde dient te worden gehandhaafd. Deze historische objecten zijn door de steense muren en/of in de buitenschil doorstekende constructieve elementen erg gevoelig voor vochtproblemen. De toepassing van conventionele isolatiematerialen aan de binnenkant is kwetsbaar ten aanzien van potentiële vochtproblemen. De hygrothermische eigenschappen van kalkhennep kunnen deze problemen voorkomen (zie §2.2.6. en verder).

De stap van het renoveren van kastelen naar huizen werd gemaakt in de jaren 80 en 90 van de vorige eeuw. Charles Rasetti, één van de pioniers in bouwen met kalkhennep, gebruikte hennepscheven en kalk voor de invullingen van een vakwerkhuis. Dit “La Maison de la Turque” in Nogent sur Seine was in de loop der tijd gerepareerd met cementhoudende bindmiddelen waardoor vochtproblemen ontstonden en waarmee het verval van het gebouw werd ingeluid. Het gebruik van kalkhennep heeft het gebouw een nieuwe toekomst gegeven.
De vochtregulerende kwaliteiten van kalkhennep kwamen hiermee aan het licht. Met kalkhennep werden vervolgens vele oude vakwerkhuizen gerestaureerd, onder leiding van France Périer (Isochanvre), Bernard Boyeux en Yves Kühn (Association ADAM).
Een voorbeeld hiervan is La Maison d’Adam in Angers, een monument daterend uit de 15e eeuw. De oorspronkelijke opvullingen in de eiken vakwerken zijn vervangen door kalkhennep geleverd door Isochanvre.

Figuur 1-1 La Maison d’ Adam.

Kalkhennep is in nieuwbouw breed inzetbaar. Met name in Europa werd het materiaal al veelvuldig toegepast in:

Woningbouw
Woning in Kontich, België. Het woonhuis heeft een vloer, dak en wanden van in het werk gestorte kalkhennep. De gebouwschil is volledig monolithisch en is in de overgangen in de gebouwschil kierdicht. Drie aan elkaar geschakelde bouwvolumes worden door een eikenhoutconstructie gedragen. De kalkhennep staat los van het maaiveld, de woning heeft “droge voeten”.

Figuur 1-2 Volledige kalkhennep gebouwschil, woning in Kontich.

Woongebouwen
Case di luce, wooncomplex met 40 appartementen in Bisceglië, Italië. In dit zevenlaage woongebouw met een betonnen constructie zijn de buitengevels uitgevoerd met gespoten kalkhennep op een permanente tufstenen bekisting.

Figuur 1-3 woongebouw in Bisceglië, Italië

Bijeenkomstgebouwen
WISE-gebouw Centre for Alternative Technology, Machynlleth, Wales. In dit drie bouwlagen hoge bijeenkomstgebouw werd kalkhennep gespoten op houten, permanente bekisting toegepast. De constructie is van gelamineerd hout.

Figuur 1-4 Bijeenkomstruimte, kantoren en studiekamers in Machynnleth

Bedrijven en opslagplaatsen
Adnams Brewery magazijn, Suffolk, Groot-Brittannië. De hoofdconstructie van dit magazijn voor opslag en distributie van bier en wijn, 4400 m2 bruto vloeroppervlak, is van staal. De gevels werden gemaakt van twee met tussenschotten verbonden kalk-aarde blokken wanden. De ruimte tussen deze inwendige en uitwendige blokwanden werd gevuld met kalkhennep, als dampopen isolatiemateriaal. Hiermee wordt op natuurlijke wijze de binnentemperatuur op 11-13°C gehouden, zonder gebruik te maken van mechanische koel- of verwarmingssystemen.

Figuur 1-5 Distributiecentrum Adnams Brewery

Winkels
Marks and Spencer, Cheshire Oaks, Groot-Brittannië. De gevels van deze grote winkel, 19.500 m2 bruto vloeroppervlak, zijn met prefab kalkhenneppanelen opgebouwd. Deze winkel gebruikt 42% minder energie en heeft 40% minder CO2 uitstoot dan een bestaande Marks and Spencer benchmark winkel elders. De luchtdichtheid is 70% beter dan de bouwregelgeving voorschrijft. In een winternacht zakt de binnentemperatuur maar met 1°C.

Figuur 1-6 Winkel M&S, Cheshire Oaks

Daar waar in met name Frankrijk, Groot-Brittannië en ook België het bouwen met kalkhennep de kinderschoenen is ontgroeid, bevindt Nederland zich nog in de pioniersfase. Er wordt wel steeds meer gebouwd met kalkhennep. In 2012 is in Raalte het eerste functionele gebouw met kalkhennep gerealiseerd. De eerste woonhuizen met kalkhennep zijn in 2016 gebouwd, in Veghel en Ede. Met name zelfbouwers zijn erg actief met het realiseren van hun wens om in een woning van natuurlijke bouwmaterialen te wonen.
In de ambitie om een bio-based, energiezuinige/ -neutrale woning met een kleine ecologische voetafdruk te bouwen wordt vaak naar kalkhennep gekeken.

In de nieuwbouw woning in Veghel is kalkhennep toegepast in gevels. De kalkhennep is in het werk gestort. De binnenwanden zijn (deels) met kalkhennepblokken gebouwd. De constructie is van eikenhout gemaakt (zie hoofdstuk 6).

Figuur 1-7 Nieuwbouw woning in Veghel

Een ander toepassingsgebied is de renovatie of restauratie van oude boerderijen en andere historische gebouwen. Bezien vanuit de recente, moderne ontwikkeling is dit de meest oorspronkelijke toepassing (zie hoofdstuk 6).

Figuur 1-8 Renovatie van een oude boerderij in Breukelen

Bij de herbestemming van schoolgebouw naar woning werd de binnenzijde van de gevels geïsoleerd met kalkhennep (zie hoofdstuk 6).

Figuur 1-9 Gevelisolatie van kalkhennep bij herbestemming in Hijken

In deze beginfase van het bouwen met kalkhennep in Nederland hebben de meeste bouwprojecten een woonfunctie.

1.4. Effect op binnenklimaat; toxiciteit en lucht kwaliteit

De specifieke materiaaleigenschappen van kalkhennep kunnen, met ondersteuning van wetenschappelijke kennis, worden ingezet om gebouwen te maken met een hoge mate van duurzaamheid, comfort, gezondheid en met grote gebruiksprestaties. Met name de invloed van het materiaal op thermische, lucht- en dampfactoren draagt bij aan een comfortabel binnenklimaat.

Het gebruik van het natuurlijke, niet-toxische materiaal draagt bij aan de goede luchtkwaliteit. Met de toepassing, tijdens de bouw of bij de sloop ervan, worden geen giftige chemicaliën gebruikt en komen geen schadelijke stoffen vrij. Volgens Meskall et al. (2015) worden tijdens het eerste jaar lage doses formaldehyde afgegeven door de houtachtige bestanddelen (hennepscheven). In hun onderzoek concluderen zij ook dat vluchtige stoffen afgegeven door meubilair waarschijnlijk door de dampopen kalkhennepwand naar buiten worden getransporteerd [3].

Kalkhennep is een dampopen bouwmateriaal, het transporteert damp door het materiaal. Daarmee werkt het vochtregulerend, hygroscopisch. De relatieve vochtigheid (RV) wordt met deze eigenschap op een stabiel niveau gehouden, tussen 40-60%. De lucht wordt niet te droog en niet te vochtig. Dit draagt bij aan een gevoel van welbevinden.
Omdat het materiaal vochtregulerend werkt en een hoge pH-waarde heeft (door de kalk) wordt de groei van potentieel schadelijke schimmels, sporen, bacteriën en ongedierte aan banden gelegd.

Kalkhennep is een goede thermisch isolator. Het materiaal houdt de binnentemperatuur op een stabiel niveau. De veranderingen in de maximale en minimale binnentemperatuur blijven klein ten opzichte van de grotere verschillen in de buitentemperatuur.
De vochtregulerende en thermische kwaliteiten geven kalkhennep een hygrothermische eigenschap. Deze geeft een positieve invloed op de thermische prestaties, comfort en het binnenklimaat. Ter illustratie volgen twee verwijzingen naar citaten. Het eerste vanuit onderzoeksbevindingen, het tweede vanuit de praktijk.

“Klimaatwisselingen, dag-nacht, seizoenen, hebben hun invloed op het binnenklimaat. Een buffer daartussen gemaakt van natuurlijke materialen die hygrothermisch reageren op die wisselingen zorgt voor een comfortabel binnenklimaat. Kalkhennep, een bio-composiet, reageert dynamisch stabiliserend op deze dynamische omstandigheden. Het vertraagt en dempt de invloed van klimaat-/weersveranderingen buiten en voorkomt daarmee oververhitting in de zomer, verkleint de invloed van lage temperaturen in de nacht of in de winter; zoninstraling overdag tempert koude nachttemperaturen; vochtbuffering houdt de relatieve vochtigheid van het binnenklimaat in balans; latente warmte-effecten beïnvloeden het thermische comfort. Op zijn beurt beïnvloedt het gunstige binnenklimaat en het comfortgevoel het energiegebruik van de bewoner.
Daar waar een lage U-waarde (dat wil zeggen een hoge R-waarde, red.) in een koud klimaat zeker de beste manier is om direct energieverlies door de gebouwschil te verkleinen, toont onderzoek aan dat kalkhennep een aanzienlijke bijdrage levert aan de hygrothermische prestaties van een gebouw. Het veranderlijke, dynamische gedrag van kalkhennep blijkt een verhoogd comfortgevoel te geven met een gelijkwaardige thermische weerstand
(ten opzichte van conventionele bouwmaterialen, red.) [4].

Hoewel berekeningen op voorhand aangaven dat de kalkhennepwoningen in Haverhill, Groot-Brittannië (2002) energetisch minder zouden presteren dan de gelijkwaardig gebouwde (d.w.z. hetzelfde formaat en dezelfde isolatiewaarde) bakstenen woningen, bleek bij een twee jaar durend praktijkonderzoek dat de energetische prestatie minstens gelijkwaardig was:
“Kijkend naar de gegevens verzameld door Building Research Establishment met behulp van warmte- en vochtigheid loggers vinden we dat de onderhouden temperaturen in de hennep huizen consequent één of twee graden hoger zijn dan in de bakstenen huizen met de zelfde hoeveelheid warmte input. Bij een temperatuur van 19º C zijn mensen zeer gevoelig voor zelfs een halve graad verschil en zullen ze, zodra ze vertrouwd zijn met hoe hun huis werkt, waarschijnlijk het gebruik van de radiatoren aanpassen en de voorwaarden voor comfort efficiënter inzetten” [5].

Figuur 1-10 Bakstenen en kalkhennepwoningen in Haverhill, Groot-Brittannië

Bovenstaande geeft een beschrijving van de gunstige effecten zoals een gezond binnenklimaat, comfort en energiebesparing, die door het gebruik van kalkhennep kunnen worden bereikt.
De manier waarop deze eigenschappen werken wordt verder uitgelegd in hoofdstuk 2.

1.5. Zelfbouw, “low-tech” en “high-tech” bouwen

Met kalkhennep kan zowel “high-tech” als “low-tech” gebouwd worden. Er zijn verschillende methoden om met kalkhennep te bouwen. Daarvan zijn prefab elementen en in-situ spuiten de methoden die veelal door specialisten worden uitgevoerd. Deze methoden zijn, mede door het inzetten van specialistisch, zwaarder materieel, “high-tech” te noemen.
Zélf bouwen kan heel goed met de toepassing van kalkhennepblokken (stapelen, metselen) én het storten van het materiaal in het werk, de “low-tech” bouwmethoden. Hiermee is, bij met name de gestorte methode, de invloed op de kwaliteit van de kalkhennep erg groot; met de juiste materialen, instructies en begeleiding kan het optimale mengsel worden samengesteld en heel makkelijk, laagdrempelig worden gestort.
Hierdoor kan een flink deel van de arbeidskosten worden bespaard.

Bij de “low-tech” methoden zijn de werkzaamheden op de bouwplaats, mede door kleine volumes en het lage gewicht van kalkhennep, niet zwaar.
Er zijn, op een (dwang)menger na, nauwelijks zware, lawaai makende machines voor nodig. Er wordt veelal met handgereedschappen of lichte elektrische gereedschappen gewerkt. Daarmee is de bouwplaats betrekkelijk rustig, veilig en overzichtelijk.
Met de juiste voorzorgs- en veiligheidsmaatregelen (zie hoofdstuk 5) is het een sociale, gezonde manier van bouwen.

1.6. Blik op de toekomst

Met de juiste toepassing van kalkhennep wordt er momenteel op kwalitatief hoog niveau gebouwd, met goede resultaten. Daarmee kan worden voldaan aan de normen van de Nederlandse bouwregelgeving ten aanzien van akoestische, luchtdichtheids- en brandwerendheidseisen. Er zal in de toekomst aan de hand van metingen, ervaringen en interviews meer kennis over kalkhennep worden vergaard. Daarmee kunnen de prestaties van kalkhennep in de praktijk gebruikt worden om haar specifieke kwaliteiten van het materiaal nog beter worden toegepast in bepaalde situaties. Hier valt bijvoorbeeld te denken aan de toepassing ten behoeve van akoestische eisen. Door de verhouding van de componenten en de verwerkingstechniek van het materiaal te variëren kan bijvoorbeeld een kalkhennep worden geproduceerd die inspeelt op de specifieke geluidseisen in een bepaalde situatie, bijvoorbeeld in theaters en spreekkamers.

3D printen. Concrete ontwikkelingen in 3D printen met kalkhennep zijn nog niet bekend. Kalkhennep is spuitbaar. Omdat het materiaal te spuiten is, zou het ook mogelijk moeten zijn om ermee te 3D-printen. Er is wereldwijd een grote ontwikkeling in deze techniek, waarmee materiaal- en loonkosten kunnen worden bespaard. Ook de bouwtijd zou verkort kunnen worden. Met name voor grote bouwprojecten lijkt dit een “high-tech” kalkhennep toepassing met toekomst.

Schelpenkalk. Grotendeels worden de grondstoffen voor de toegepaste kalk in kalkhennep voor de Nederlandse markt gedolven in kalksteengroeves in België, Frankrijk en Duitsland. Om het landschap te ontzien en de kalk meer lokaal te betrekken (minder transport), is het de moeite waard te onderzoeken hoe schelpenkalk kan worden ingezet. Specifiek dient te worden gekeken naar de kwaliteit van schelpenkalk ten opzichte van kalk gewonnen uit groeven, is deze bijvoorbeeld net zo fijnkorrelig te produceren. Schelpen zijn in Nederland overvloedig aanwezig en kunnen relatief makkelijk gewonnen worden. Er werd hier in het verleden zelfs schelpenkalk geproduceerd. Het gebruik van schelpenkalk in plaats van kalk uit de groeves heeft minder impact op het milieu en zou ook vanuit economisch perspectief een interessant alternatief kunnen bieden.

Natuurlijke ventilatie. De lucht in gebouwen wordt belast door vocht, CO2, emissies en fijnstof. Deze luchtbelastende factoren worden met behulp van ventilatie afgevoerd. In veel nieuwbouw wordt mechanische ventilatie toegepast. Om bij de luchtwisseling warmte energie te besparen wordt dan meestal gebruik gemaakt van warmteterugwinning. Dit zijn veelal onderhoudsgevoelige installaties, die (continu) energie gebruiken. Kalkhennep zorgt met zijn hygroscopische kwaliteiten voor een binnenklimaat met een relatieve vochtigheidsgraad die optimaal is voor de menselijke gezondheid, 40-60%. De relatief grote thermische massa van het bouwmateriaal en de trage afgifte van warmte zorgen ervoor dat er bij een gecontroleerde natuurlijke ventilatie weinig warmte energie verloren gaat. Door het vocht-, CO2-, emissie- en fijnstofgehalte in de lucht te meten en bij overschrijding van de toegestane norm natuurlijk te ventileren hoeft dat niet ten koste te gaan van de energiezuinigheid van een gebouw. Zonder de ventilatienormen van het Bouwbesluit te negeren, zal het aan de hand van huidige, maar ook nog te bouwen kalkhennep gebouwen, interessant zijn te onderzoeken wat de invloed is van natuurlijk ventileren op het energiegebruik. De verwachting is dat met een gebouwschil van kalkhennep ook met natuurlijk ventileren een hoge mate van luchtkwaliteit én energiezuinigheid kan worden bereikt.