0

publicatie: Handboek Inspectie Voegovergangen

1.Inleiding

1 Inleiding

Het Handboek Inspectie Voegovergangen is integraal onderdeel van de CUR-Aanbeveling 117:2015 ‘Inspectie en advies kunstwerken’ en de overige bij deze Aanbeveling horende handboeken. In dit handboek worden per inspectie- en adviescategorie activiteiten beschreven die als aanvullend op de activiteiten volgens CUR-Aanbeveling 117 moeten worden beschouwd. Dit handboek kan daarom niet los gebruikt worden van de in deze Aanbeveling per inspectie- en adviescategorie beschreven activiteiten. In tabel 1-1 is aangegeven welke inspectie- en adviescategorieën een verbinding hebben met dit handboek en welke dat niet hebben.

Tabel 1-1 Overzicht inspectie- en adviescategorieën Handboek Inspectie voegovergangen.

Gebruiksveiligheid Huidige toestand Toekomstige toestand Bijzondere informatiebehoefte
Verbinding met het handboek Inspectie voegovergangen
A1 - Schouw B2 - Toestandsinspectie
B3 - Contractuele vooropname
C3 - Constructieve beschouwing D1 - Onderzoek materiaaleigenschappen
D3 - Verificatieberekening
Geen verbinding met het handboek Inspectie voegovergangen
B1 - Inventarisatie
B4 - Contractuele eindopname
B5 - Hersteladvies
C1 - Risicoanalyse
C2 - Meerjaren onderhoudsplanning en budgetraming
C4 - Analyse restlevensduur
D2 - Verfijnde financiële onderbouwing
D4 - Monitoring

De verbinding tussen de categorieën in de CUR-Aanbeveling 117 en het handboek wordt gelegd met de verwijzingstabellen in bijlage 1. De in deze tabellen opgenomen activiteiten zijn aanvullend op de activiteiten volgens de betreffende categorieën in CUR-Aanbeveling 117.
De categorieën C3 – Constructieve beschouwing en D3 – Verificatieberekening worden in de verwijzingstabellen van bijlage 1 wel als activiteit genoemd, maar niet verder uitgewerkt.

In deze verwijzingstabellen kunnen de verschillende categorieën gevonden worden, waarbij voor de inhoudelijkheid van de activiteiten verwezen wordt naar de paragrafen in het handboek.
In de tabel van paragraaf 5.1 van CUR-Aanbeveling 117 zijn de categorieën opgenomen die wel en geen verbinding hebben met de handboeken. In dit handboek is daarvan afgeweken op aanbeveling van de SBRCURnet commissie 1715 ‘Inspectie en advies civieltechnische constructies’ en vanwege de relevantie voor voegovergangen op het moment van schrijven van het handboek.
Het 'Handboek Inspectie Voegovergangen' is geschreven voor de hele civiele sector en samengesteld op basis van kennis van en ervaring met voegovergangen zoals gedeeld binnen en buiten Platform Voegovergangen en Opleggingen (PVO).

Dit platform is hét kennisplatform voor markt en overheid op het gebied van voegovergangen en opleggingen in de infrastructuur.
Opdrachtgevers en opdrachtnemers werken er samen aan kwaliteitsverbetering. PVO beschikt over een kennisloket, geeft vanuit haar expertise voorlichting en fungeert als initiator en klankbord voor richtlijnen en onderzoek. Informatie wordt gedeeld op de website van PVO: www.pveno.nl.

1.1 Onderwerp

Voegovergangen zijn relatief kleine kritieke onderdelen in infrastructurele constructies. Kritiek omdat bij falen zowel de verkeersveiligheid als de constructieve veiligheid in het geding kan komen. Ook deze onderdelen moeten volgens het Bouwbesluit voldoen aan eisen met betrekking tot veiligheid en duurzaamheid. Door middel van inspecties wordt vastgesteld of en in welke mate nog aan deze eisen wordt voldaan. Gebruik van dit handboek draagt bij aan de kwaliteit van deze inspecties.

1.2 Doelstelling en kennisoverdracht

Eén van de doelen van het handboek als integraal onderdeel van CUR-Aanbeveling 117 is het leveren van een bijdrage aan de verbetering van de inspectiekwaliteit en daarmee een betrouwbaar beeld van de bestaande infrastructuur.
Om dit doel te bereiken bevat CUR-Aanbeveling 117 uitgangspunten waaraan een handboek minimaal moet voldoen. In tabel 1-2 is aangegeven op welke wijze invulling is gegeven aan deze uitgangspunten.

Tabel 1-2 Vertaling uitgangspunten voor een handboek volgens CUR-Aanbeveling 117:2015 naar het Handboek Inspectie Voegovergangen.

Uitgangspunt CUR-Aanbeveling 117:2015 Invulling Handboek Inspectie voegovergangen
Bundeling van specifieke kennis. Dit is de rode draad door het handboek. Gebruik is gemaakt van de specifieke kennis en ervaring binnen PVO.
De kennis is beschrijvend met beeldmateriaal opgenomen.
Richtlijnen en aandachtspunten voor inspectie en advies. Naast de hoofdstukken 3 t/m 11 van dit handboek zijn aandachtpunten opgenomen in de verwijzingstabellen van bijlage 1. In aanvulling op CUR-Aanbeveling 117 zijn voor elke categorie de aandachtspunten opgenomen per (sub)onderdeel, schadebeeld en gerelateerde functies.
Smart maken resultaat van activiteiten volgens verschillende categorieën. In aanvulling op de activiteiten volgens de paragrafen 3.7 t/m 3.10 van CUR-Aanbeveling 117 is het resultaat van de activiteiten ‘smart’ gemaakt met voorbeelden van inspectierapportages volgens de categorieën A1, B2 en B3. Deze zijn met registratievoorbeelden van gebreken en meetresultaten opgenomen in bijlage 2.
Kennis waar inspecteurs en adviseurs rekening mee moeten houden bij het inspecteren om tot de juiste advisering te komen. Deze kennis is in volgorde van het inspectieproces opgenomen in betreffende hoofdstukken 3 t/m 11 en bijlage 1.
Te onderzoeken eigenschappen. De invulling van mogelijk onderzoek is verwoord in betreffende kolom voor categorie D1 van de verwijzingstabellen in bijlage 1.
Verbinding tussen CUR-Aanbeveling 117 en het handboek volgens par. 5.1 van CURAanbeveling 117. Voor de specifieke inhoudelijkheid van activiteiten wordt de verbinding tussen CURAanbeveling 117 en het handboek gelegd per categorie A1, B2, B3 en D1. Naar de categorieën C3 en D3 wordt verwezen als dat van belang wordt geacht voor de beoordeling van de constructieve veiligheid van voegovergangen.

Inspectieactiviteiten zijn aanvullend op CURAanbeveling 117 opgenomen per (sub)onderdeel, schadebeeld en categorie onder benoeming van de functionele beïnvloeding. Dit is gedaan omdat voegovergangen meer dan één functie hebben en omdat schades veelal gerelateerd zijn aan deze functies. Kennis van de relatie tussen functie en schadebeelden is nodig voor de kwaliteit van objectspecifieke diagnoses en prognoses in het adviesproces.

Handboeken en de verschillen met het Handboek Inspectie voegovergangen
CUR-Aanbeveling 72:2011 ‘Inspectie en onderzoek van betonconstructies’ is in eerste instantie als vertrekpunt genomen bij de realisatie van de CUR-Aanbeveling 117:2015 ‘Inspectie en advies kunstwerken’ en geeft procedures, regels en eisen voor het inspecteren en onderzoeken van schade en schadeprocessen aan betonconstructies en voor de daaropvolgende schadediagnose en schadeprognose. De overige handboeken sluiten aan bij deze procesgang. Voegovergangen zijn echter samengesteld uit een combinatie van meerdere materialen, waaronder staal en beton, en hebben meerdere functies. Voegovergangen zijn daarnaast direct onderhevig aan wisselende verkeersbelastingen. Het Handboek Inspectie Voegovergangen wijkt dan ook af van de procesgang volgens CUR-Aanbeveling 72 en de handboeken Staal en Beton. Er is weliswaar een relatie, maar deze heeft vooral betrekking op schades die niet direct veroorzaakt worden door op de voegovergangen uitgeoefende mechanische belastingen uit verkeer en bewegende constructies.

De veelheid aan types en functies en de grote variatie in verkeersintensiteit en verkeersbelasting maakt het diagnosticeren en prognosticeren tot lastige processen. In dit handboek is daarom gekozen voor het beschrijven van aandachtspunten en activiteiten per onderdeel, schadebeelden en schade gerelateerde functies. Het objectspecifiek diagnosticeren en prognosticeren wordt beschouwd als onderdeel van het adviesproces volgens inspectiecategorie B5 – Hersteladvies, mede omdat er nog geen kentallen zijn voor schadeontwikkelingen per verkeerscategorie. De opgenomen diagnoses en prognoses zijn dan ook te beschouwen als indicatief.

1.3 Leeswijzer & gebruik

1.3.1 Leeswijzer

Hoofdstuk 2
Hoofdstuk 2 ‘Voorbereiding inspectie’ van dit handboek omvat naast een aanvulling op hoofdstuk 4 ‘Voorbereiding en veiligheid’ van CUR-Aanbeveling 117 generieke aandachtspunten voor risicobeschouwingen en causale verbanden. Generiek omdat risicobeschouwing van zowel voegovergangen als opleggingen op basis van risicogestuurd beheer en onderhoud nog geen gemeengoed is en slechts impliciet wordt meegenomen en omdat voegovergangen en opleggingen per definitie causale verbanden gemeen hebben.

Hoofdstuk 3 t/m 11
De hoofdstukken 3 t/m 11 vormen beschrijvend en beeldend de bundeling van kennis en aandachtspunten voor de inspectie van in Nederland voorkomende voegovergangen, aangevuld met voor de advisering in het oog springende aandachtspunten.
Hoofdstuk 3 omvat informatie over functies van voegovergangen en eisen gesteld aan de inspectie van voegovergangen. Een belangrijk onderdeel van dit hoofdstuk is de beschrijving per categorie van de inspectieactiviteiten, de rapportage en de minimaal te inspecteren en rapporteren aspecten. Hoofdstuk 4 geeft een overzicht van het Nederlandse assortiment voegovergangen en de onderverdeling naar voegovergangfamilies met een summiere sterkte-zwakteanalyse. In de hoofdstukken 5 t/m 11 wordt per familie en onderliggende types kennis gedeeld waar inspecteurs en adviseurs rekening mee moeten houden in het inspectie en adviesproces.

Hoofdstuk 12
Hoofdstuk 12 omvat een toelichting op de verwijzingstabellen van bijlage 1.

Bijlagen
Bijlage 1: Verwijzingstabellen met onderdelen, schadebeelden, mogelijk beïnvloede functies en aandachtspunten en activiteiten per inspectie en adviescategorie. De inspectieactiviteiten moeten worden beschouwd als aanvullend op de activiteiten volgens de tabellen in de paragrafen 3.7 t/m 3.10 van de CUR-Aanbeveling.
Bijlage 2: Voorbeeldregistratieformulier, meetprotocol en inspectierapporten: Dit zijn handreikingen voor het meten, registreren van meet- en inspectieresultaten en het rapporteren volgens CUR-Aanbeveling 117 par. 3.71 A1-Schouw, par. 3.8.2 B2-Toestandsinspectie en par. 3.8.4 B3-Contractuele vooropname.
Bijlage 3: Overzicht voormalige en huidige fabrikanten/ leveranciers.

1.3.2 Gebruik

De volgorde van paragrafen in de afzonderlijke hoofdstukken is zo veel als mogelijk afgestemd op de volgorde van het inspectieproces. Oorzaak en gevolg van gebreken worden niet als afzonderlijke hoofdstukken benoemd maar zijn waar mogelijk impliciet meegenomen. De verwijzingstabellen van bijlage 1 zijn afgeleid van het hoofddocument en te gebruiken als leidraad en checklist voor de inspectie. In het handboek wordt naast Europese normen regelmatig verwezen naar technische documenten van Rijkswaterstaat.
Deze documenten sluiten aan bij Europese normen en dragen bij aan de kwaliteit van het totstandkomingsproces en de instandhouding van voegovergangen en opleggingen waaronder inspectie en advies. Het gebruik van deze technische documenten is vrijblijvend maar wordt ten sterkste aanbevolen. De documenten van RWS zijn kosteloos via het internet verkrijgbaar. Bijlage 2 moet worden beschouwd als een handreiking voor het rapporteren van inspectieresultaten per inspectiecategorie volgens de ‘Te leveren producten door opdrachtnemer’ zoals bedoeld in CUR-Aanbeveling 117.

Korte weergave beoogd inspectieproces

  • Identificeren van te inspecteren voegovergang op basis van door opdrachtgever verstrekte informatie en/of informatie in dit handboek.
  • Kennisnemen van de informatie per functie voor de inspectie van betreffend type voegovergang volgens betreffende tabel in dit handboek.
  • Gebruiken van de verwijzingstabellen van bijlage 1 als checklist voor de te inspecteren onderdelen en voor de waarneming van mogelijk aanwezige schadebeelden met mogelijke functiebeïnvloeding.
  • Gerelateerd aan waarnemingen, activiteiten uitvoeren zoals per inspectiecategorie vastgelegd in dit handboek.
  • Registreren waarnemingen.
    Een format van registratieformulieren is opgenomen in bijlage 2.1 en 2.3. De formulieren zijn afgestemd op de activiteiten per categorie volgens de CURAanbeveling 117 en uit te breiden met waargenomen onderdelen.
  • Uitvoeren metingen gericht op schadeomvang en/of conditie en/of functioneren.
  • Een voorbeeld van uit te voeren metingen en de registratie van meetgegevens van lamellenvoegovergangen is opgenomen in bijlage 2.2 'Meetprotocol en gegevensregistratie lamellenvoegovergangen'. Metingen en registraties van gegevens van alle voegovergangen kunnen afgeleid worden van deze bijlage.
  • Opstellen inspectierapport.
    Voor de rapportage zijn voorbeelden van inspectierapporten opgenomen in bijlage 2.3: bijlage 2.3.1 A1- Schouw (gericht op gebruiksonveilige situaties), bijlage 2.3.2 B2-Toestandsinspectie (gericht op functioneren), bijlage 2.3.3 B3-Contractuele vooropnamen (gericht op conditie en gebreken onder benoeming van hoeveelheden en uitvoeringbeïnvloedende omgevingsfactoren).
    De rapportages moeten voldoende informatie bevatten voor het vaststellen van mogelijk uit te voeren nader onderzoek en/of het opstellen van het hersteladvies.