0
  • Hotspotvrij ontwerpen -Maatregelen tegen opwarming van waterleidingen in woningen
  • Volgend Hoofdstuk

publicatie: Hotspotvrij ontwerpen -Maatregelen tegen opwarming van waterleidingen in woningen

Titelpagina

Hotspotvrij ontwerpen - Maatregelen tegen opwarming van waterleidingen in woningen

Cahier P7 uit de serie Praktijkboek Gezonde Gebouwen

Onbedoelde opwarming van drinkwaterleidingen tot boven 25 °C is een steeds groter probleem met de huidige bouw- en installatiewijze. Het treedt vooral op in technische ruimten, meterkasten met warmtelevering, leidingschachten, verlaagd plafonds en in vloeren.

De technische oplossingen komen neer op het zoveel en zover mogelijk uit elkaar houden van drinkwaterleidingen en verwarmingsleidingen of andere warmtebronnen. Om dit toe te kunnen passen moet er in de ontwerpfase van het (woon)gebouw al worden nagedacht over: de indeling van de natte ruimten, het creëren van koele zones, de plaats van de meterkast en de technische ruimte en de plaatsing van separate leidingkokers.

Tijdens het gehele bouw- en installatieproces moet het voorkomen van onbedoelde opwarming van drinkwaterleidingen ("hotspots") een aandachtspunt zijn van alle betrokken partijen.

Op bepaalde momenten moeten ijkpunten worden ingebouwd om te controleren of een hotspotvrije installatie kan ontstaan. Die ijkpunten zijn:

  • de bestekstekening; hierin moeten de zogenoemde "koele en warme zones" en koude en warme leidingschachten zijn aangeven. Vallen deze samen dan zal de indeling van de woning moeten worden aangepast, of moet gekozen worden een laagtemperatuur (vloer)verwarmingssysteem ≤ 40 °C met tussenisolatie. De meterruimte moet op een koele plaats zijn geprojecteerd.
  • de gemaatvoerde coordinatietekening; hierin moet de watertechnisch installateur zijn leidingen in deze koele zones hebben geprojecteerd en de breedte van de koele vloerstroken hebben aangegeven, afhankelijk van het cv-systeem en de ontwerp-cv-watertemperatuur. De doorgaande stijgleidingen voor drinkwater en warmtapwater moeten in de koude schacht zijn opgenomen. De cv-installateur moet zijn leidingen buiten deze koele vloerstroken projecteren en voor zijn stijgleidingen alleen de warme schacht benutten.
  • de gemonteerde leidingen voordat de dekvloer wordt gestort; De watertechnisch installateur moet controleren of de cv-leidingen daadwerkelijk op voldoende afstand lopen van de drinkwaterleidingen.

Het hotspotvrij ontwerpen, bouwen en installeren is dus niet alleen een technische zaak, maar ook een organisatorische en moet in alle bouwfasen een belangrijke rol spelen.

Rotterdam, december 2009
801-P7
978-90-5367-509-0
01-05-2012
  • Hotspotvrij ontwerpen -Maatregelen tegen opwarming van waterleidingen in woningen
  • Volgend Hoofdstuk