0

publicatie: Integraal ontwerpen van legionellaveilige woningen

Voorwoord

Voorwoord

Het voorkómen van ongewenste opwarming van leidingwater is een voortdurend punt van aandacht. Met het verschijnen van een nieuwe versie van NEN 1006 (algemene voorschriften voor leidingwaterinstallaties) in 2002 werd een eerste stap gezet om leidingwaterinstallaties met betrekking tot ongewenste opwarming veilig te ontwerpen. NEN 1006, die via de Regeling Bouwbesluit 2003 deel uitmaakt van de bouwregelgeving, geeft voorschriften voor de maximumtemperatuur van drinkwater en afgekoeld warm tapwater. Boven deze temperatuur kunnen bacteriën, waaronder legionella, uitgroeien tot schadelijke concentraties. Na het verschijnen van NEN 1006 zijn er verschillende praktische richtlijnen gepubliceerd om aan de voorschriften te kunnen voldoen, maar de praktijk van de woningbouw blijkt weerbarstig. Bovendien hebben nieuwe onderzoeken van TNO nieuwe inzichten over de opwarming van waterleidingen opgeleverd.

De installatiesector werd met nog meer praktijkproblemen geconfronteerd, die ertoe leidden dat er kritische rapporten verschenen over de veiligheid van leidingwaterinstallaties. De politiek sprak daarover haar zorgen uit, waarop de installatiesector in 2007 adequaat reageerde met een Actieplan Veilige Leidingwaterinstallaties. Dat plan voorzag onder meer in het ontwikkelen van integrale bouw- en installatieconcepten voor nieuwbouwwoningen waarmee ongewenste opwarming van leidingwater moet worden tegengegaan. In 2008 verscheen daartoe de eerste uitgave over dit onderwerp, ISSO-SBR-publicatie 811. Bij de evaluatie kwam naar voren dat er nog concepten ontbraken voor renovatie en voor collectieve warmtedistributie, zoals stads- en blokverwarming. Daarop is besloten om in de tweede herziene uitgave deze onderwerpen toe te voegen.

Het voldoende uit elkaar houden van verwarmingsleidingen en waterleidingen blijkt een zodanig lastige opgave dat ook met alle nu beschikbare kennis de watertechnische installateurs het probleem niet meer alleen kunnen oplossen. Het realiseren van de concepten is daarmee niet alleen een zaak van de watertechnische installateur, maar van alle bij het bouwproces betrokken partijen van ontwerper en bouwer tot installateurs van het gebouw. Daarom zijn ontwerpconcepten ontwikkeld die voorzien in bruikbare en toepasbare oplossingen in technisch en organisatorisch opzicht.
Het resultaat is meer dan een publicatie. Het is een instrument geworden dat onmisbaar zal blijken bij het tegengaan van ongewenste opwarming van waterleidingen en het daarmee samenhangende risico op uitgroei van legionella.

De samenstellers van deze publicatie hechten eraan het volgende te benadrukken:
In drinkwater zijn onvermijdelijk schadelijke bacteriën in lage concentraties aanwezig. Met de in deze publicatie beschreven concepten wordt de kans dat deze zich als gevolg van opwarming door verwarmingsleidingen of onderdelen van collectieve warmtedistributie tot ongezonde concentraties kunnen ontwikkelen tot een minimum beperkt. In die zin worden de installaties in hun context als legionellaveilig gekwalificeerd. Alle andere denkbare oorzaken van ongewenste opwarming, zoals zoninstraling en hoge temperatuurregimes, zijn niet in het onderzoek betrokken.

De publicatie geeft de stand van zaken weer van september 2010 is mede mogelijk gemaakt door: Uneto-VNI, SBR, ISSO, OTIB, Eneco, Nuon, Vitens en WTH.