0

publicatie: Richtlijn Vegetatiedaken bestaande bouw

Voorwoord

Voorwoord

Een van de gevolgen van klimaatverandering is een wijziging in de neerslag. Dit komt tot uitdrukking in de maximale neerslag per etmaal. De watersystemen in stedelijke gebieden hebben onvoldoende capaciteit om deze hoeveelheid neerslag te verwerken. Om bij hoosbuien de overlast te beperken en schade te voorkomen zijn aanvullende maatregelen nodig. In bestaand stedelijk gebied wordt in dit kader veel verwacht van vegetatiedaken.

De verwachte klimaatverandering zal zich in de loop van tientallen jaren openbaren. Deze periode is echter korter dan de levensduur van gebouwen in stedelijk gebied. Om de gewenste hoeveelheid vegetatiedaken te kunnen realiseren is het noodzakelijk deze aan te leggen op bestaande daken. Nieuwe gebouwen kunnen natuurlijk gelijk van een vegetatiedak voorzien worden.

In eerste instantie lijkt aanleggen van een vegetatiedak op een bestaand gebouw een eenvoudige opgave. Gewoon een 'matje bestellen, uitrollen en klaar is Kees'. Als er een echt project aangepakt wordt blijkt dit niet zo eenvoudig en zijn er veel vragen en onzekerheden. Om een bijdrage te leveren aan de realisatie van gewenste vegetatiedaken en het beperken van de transactiekosten heeft SBR het initiatief genomen een richtlijn te ontwikkelen en uit te brengen. Deze richtlijn gaat in op onder andere de kwaliteiten van een vegetatiedak, de geschiktheid van het bestaande dak en het ontwerp van een passend vegetatiedak.

In de Richtlijn Vegetatiedaken bestaande bouw worden richtlijnen aangereikt voor architecten, bouwtechnisch ontwerpers, bestekschrijvers en werkvoorbereiders van hoveniers en dakdekkersbedrijven die betrokken zijn bij de voorbereiding en realisatie van vegetatiedaken voor bestaande gebouwen. Gezien de verwachtte bijdrage van vegetatiedaken in het kader van de klimaatadaptatie zullen de vegetatiedaken zich verder ontwikkelen. In de praktijk zal blijken hoe snel de toepassing van vegetatiedaken zich verder ontwikkelt en deze publicatie herziening behoeft.

Realisatie van de richtlijn Vegetatiedaken bestaande bouw was alleen mogelijk dankzij de inbreng en financiële steun van de projectpartners: Gemeentewerken Rotterdam, VHG en Vebidak. Hiermee maken zij hun rol bij de realisatie van de vegetatiedaken duidelijk. De richtlijn is mede gefinancierd door het Productschap Tuinbouw.

Ook deze publicatie is op de vertrouwde SBR werkwijze tot stand gekomen. De rapporteur, in dit geval de heer prof. ir. N.A. Hendriks, maakte in opdracht van SBR een concept publicatie. Deze is vervolgens door een door SBR en de projectpartners samengestelde begeleidingscommissie van commentaar voorzien. Deze cyclus is een aantal malen doorlopen. Uiteindelijk heeft dit geresulteerd in deze richtlijn. Namens SBR bedank ik de leden van de begeleidingscommissie voor hun kritische maar altijd opbouwende houding.

De transformatie van manuscript naar publicatie is begeleid door Bram van der Valk (SBR).

De begeleidingscommissie bestond uit de volgende personen:

  • ing. J. van Cooten, VHG vakgroep Dak- en Gevelbegroening (DGB), Houten
  • F.R. Dijkmans, Com.wonen, Rotterdam
  • P.R. van Drunen, Installatie Partners B.V., Den Haag
  • ing. A.W.A. van den Engel, VEBIDAK, Vereniging Dakbedekkingsbranche Nederland, Nieuwegein
  • ir. D. Goedbloed, Gemeentewerken Rotterdam, Rotterdam
  • drs. R.M.M.G. Goijen, Stichting Platform Pro Groen, Rotterdam
  • prof. ir. N.A. Hendriks, rapporteur, BDA Dakadvies B.V., Gorinchem
  • ir. H.H. Hoven, Intron Certificatie B.V., Culemborg
  • dr. drs. ir. C.M. Ravesloot, Ingenieursbureau Gemeentewerken Rotterdam, Rotterdam, lector innovatie bouwproces en duurzaamheid, Hogeschool Rotterdam
  • ir. F. Schneider, Woonbron, Rotterdam
  • ir. W.H. Verburg, projectmanager, SBR, Rotterdam
  • C. Versluis, corresponderend lid, Stichting Groenkeur, Houten

De begeleidingscommissie, de projectpartners en SBR verwachten met het uitbrengen van deze richtlijn een bijdrage te leveren aan een meer klimaatrobuust Nederland.

ir. Wim Verburg
projectmanager SBR