0

publicatie: Schoonmaak van gebouwen: ontwerp en uitvoering

1 Inleiding

1 Inleiding

Stel je voor: een optimaal 'gezond gebouw'. Met een modern, ruim bemeten ventilatiesysteem, perfecte zonwering, goede geluidsdemping en materialen die geen onverkwikkelijke zaken of geuren afgeven. Ideaal. Totdat het in gebruik genomen wordt. Het ventilatiesysteem blaast (ondanks de filters) bouwstof en fijn stof uit de buitenlucht naar binnen. De mensen slepen bacteriën, schimmels en allergenen mee. Huisstofmijten en ongedierte leven in het gebouw en produceren allergenen. Het gebouw vervuilt. Stofdeeltjes, beladen met micro-organismen en stoffen van biologische oorsprong, verzamelen zich op de oppervlakken en dwarrelen bij aanraking de lucht in.
Deze biologische agentia veroorzaken gezondheidsproblemen. Irritaties van keel, neus en ogen door stofophoping, in extreme gevallen allergische reacties. Vermoeidheid, hoofdpijn en concentratiestoornissen door de gifstoffen van bepaalde bacteriën en schimmels. Leerlingen en medewerkers gaan minder presteren, patiënten en kwetsbare bewoners worden eerder ziek, mensen blijven er soms zelfs om thuis. Vervuiling is een bron van ziekteverwekkers. Of omgekeerd, zoals de Vereniging Schoonmaak Research (VSR), het stelt: schoon is gezond.

Schoonmaken is noodzaak. Hamvragen zijn dan: hoe en wanneer moet je schoonmaken voor een gezond binnenmilieu? En wat zijn de voorwaarden om een gebouw efficiënt te onderhouden? Schoonmaken is voor een groot deel handenarbeid en dus duur. Zeker als de omstandigheden het de schoonmaker moeilijk maken. En vaak is dat het geval. Onbereikbare ventilatiesystemen, kamers vol paperassen en een hoog atrium vormen het schrikbeeld van menig schoonmaker. Bezuinigingen op de schoonmaak komen daardoor des te harder aan.

Dit cahier schetst de risico's van biocontaminanten in het binnenmilieu (hoofdstuk twee). Vervolgens geeft het handvatten voor het schoonmaakbewust ontwerpen van gebouwen (hoofdstuk drie) en het opzetten van een schoonmaakprogramma voor een gezond binnenmilieu (hoofdstuk vier). Ten slotte krijgt het onderhoud van de luchtbehandelingsinstallatie aandacht (hoofdstuk vijf).

Het cahier is primair bedoeld voor beheerders en ontwerpers van kantoren, scholen, gezondheidszorggebouwen en andersoortige utiliteitsbouw. Daarbij valt te denken aan facility managers, maar ook aan architecten en (huisvestings)adviseurs. Daarnaast kunnen arboprofessionals en medisch milieukundigen van de GGD hun voordeel doen met de gegeven informatie.