0

publicatie: Voorbeeldprojecten hogere geluidsisolatie nr. 3

Voorwoord

Voorwoord

De overheid acht het haar taak om uit een oogpunt van de volksgezondheid en ter beperking van geluidshinder eisen te stellen aan de verschillende geluidsaspecten van woningen. Zij doet dit door in het Bouwbesluit grenswaarden vast te leggen. Met de introductie van het Bouwbesluit zijn de in de praktijk te realiseren minimum prestatie-eisen inzake de luchtgeluidsisolatie tussen woningen gemiddeld met 3 dB verhoogd ten opzichte van die van de vorige regelgeving.[lit. 1]. Maar ook al wordt er aan die eisen voldaan, aangenomen wordt dat deze 'stap voorwaarts' in de praktijk te klein is om als een duidelijk merkbare verbetering te worden ervaren. In het algemeen wordt aangenomen, dat een verbetering van de luchtgeluidisolatie met ten minste 5 dB noodzakelijk is om het aantal gehinderden te halveren. Voor contactgeluiden zou dan zelfs een stap van ten minste 10 dB moeten worden gemaakt. [lit. 2]. Deze aanbevelingen voor een hogere geluidisolatie maken deel uit van het project Duurzaam Bouwen (DuBo), maar behoren nog niet tot het 'standaardpakket'. De verwachting is dat binnen dit kader de komende tijd verschillende bouwinitiatieven zullen worden ontplooid, waarbij die aanbevelingen voor een hogere geluidisolatie een integraal onderdeel zijn van het pakket DuBo-maatregelen.

Rekenmodellen en principes van constructies hoe men deze hogere prestaties in de praktijk kan realiseren, zijn weliswaar voorhanden [lit. 3 en lit. 4], de verspreiding van deze kennis is in de bouw echter nog maar nauwelijks op gang gekomen. Dit geldt ook voor de ervaring die is opgedaan met verschillende woningbouwprojecten met een hogere geluidsisolatie. Een en ander wordt vaak bemoeilijkt doordat de voor de geluidsisolatie van belang zijnde gegevens niet in gestructureerde vorm beschikbaar zijn, dan wel niet volledig zijn. Het gaat dan om gegevens zoals de gerealiseerde prestaties, kritische aansluitdetails, materiaalgebruik of knelpunten die tijdens de bouwfase zijn opgetreden. Ook de realisatie van speciale 'voorbeeldprojecten' vindt in de praktijk nog maar weinig navolging [lit. 5]. Wellicht zijn de toegepaste bouwkundige details van dergelijke projecten 'te specifiek', dan wel vindt men ze 'te duur' om een brede toepassing mogelijk te maken.

Een van de speerpunten uit het actieplan van het voormalige Overlegplatform Bestrijding Burenlawaai (OBB) is de verhoging van de geluidsisolatiekwaliteit op vrijwillige basis. Een belangrijk initiatief op dit gebied betreft het bestemmingsplan Veldhuizen behorende tot de Vinex-locatie Leidsche Rijn binnen de gemeente Vleuten - De Meern(thans gemeente Utrecht). Hierbij zijn de gemeente en de projectontwikkelaars overeengekomen om voor alle woongebouwen binnen het bestemmingsplan als minimumeis te stellen Ilu;k ≥ + 2 dB en Ico ≥ 0 dB en te streven naar Ilu;k ≥ + 5 dB en Ico ≥ +10 dB. In opdracht van de gemeente was LBP betrokken bij de realisatie van deze geluidisolatie.

Binnen dit bestemmingsplan is het project Waterland met de bouwblokken W21-23 een project, waarbij op basis van massieve constructies en optimale flexibele constructies een hoge geluidisolatie gerealiseerd zou worden. Gezien de daarvoor beoogde constructies in verticale richting en de daaraan verbonden kosten is als nog besloten voor dit project te streven naar Ilu;k ≥ + 2 dB en Ico ≥ + 5 dB, mede gezien de op handen zijnde verhoging van de minimale contactgeluideis tussen woningen in het Bouwbesluit naar Ico ≥ + 5 dB.
Juist vanwege de genoemde combinatie en de gehele begeleiding van het project past dit plan goed binnen het actieplan van het voormalige OBB.
De totstandkoming van het onderhavige studierapport is begeleid door een studiecommissie waarin een aantal leden van het vroegere OBB en anderen zitting hebben. In de studiecommissie hebben op het moment van verschijnen zitting:

dhr. ir. R.C. Dorgelo projectmanager Stichting Bouwresearch (SBR)
dhr. ing. R. Muchal Stadswerk/Intergemeentelijke Werkgroep Bouwfysica
dhr. ir. W.G.M. Beentjes, rapporteur Lichtveld Buis & Partners B.V.
dhr. L. Bodegom Garantie Instituut Woningbouw (GIW)
dhr. ir. P.J. van Luijk VROM-DGVH
dhr. mr. R.C.B. Parqui VROM-DGM
dhr. ir. G. Meerdink DGMR Raadgevend Ingenieursbureau bv

Bij de bouw zijn de volgende personen betrokken:

dhr. G. Wolswijk projectleider Amnis woningbouw, nu Genua projecten te Utrecht
dhr. A.A. Auée Milieucoördinator gemeente Vleuten - De Meern, thans adviseur
dhr N. Glas Projectcöordinatie Waterland en Polderland gemeente Vleuten - De Meern, nu Projectbureau Leidsche Rijn van de gemeente Utrecht.
dhr J.F. de Langen Opzichter namens Amnis Utrecht ( nu Genua Projecten te Utrecht)
dhr. J.M. van Leeuwen Bedrijfsleider Florie + van den Heuvel
dhr. M. van Rooyen Uitvoerder Florie + van den Heuvel
dhr. M. Bukman Roelf Steenhuis Architekten te Delft

Voor de totstandkoming van het rapport is subsidie verkregen van het Ministerie van VROM - DGVH.